Datum: 20220615
Tijd: `10:35 – 16:10
Afstand: 19,7 km
Overnachting: Pension Adler, Bannholz
Wandeling
De dag begint met een zeer vervelend bericht. Een collega en zeer gewaardeerd lid van de OBEC is afgelopen weekend op veel te vroege leeftijd overleden aan een hartstilstand. En dan maak ik me zorgen over de busverbinding… RIP Chris!
Vandaag loop ik de 5de etappe in plaats van de 4de omdat ik anders met de bus niet weg kom. Het openbaar vervoer voor de 4de etappe is morgen beter te regelen, dan is er hier een Feiertag (Fronleichnam). Vandaag gaat het dus van St. Blasien naar Todtmoos.
Ik rij op mijn gemak naar Todtmoos en ben hier ruim op tijd voor Bus 7321 naar St. Blasien. Ook de bus is ruim op tijd zodat ik alvast bequem kan gaan zitten.
Als de bus me in St. Blasien afgezet heeft, is het even zoeken naar de Schluchtensteig en, als ik hem eenmaal gevonden heb, welke kant ik op moet. Nadat ik een klein stukje de verkeerde kant op gelopen ben, kom ik gelukkig borden tegen die aangeven welke richting ik op moet (de andere dus).
Het is rustig in St. Blasien, waarschijnlijk nog te vroeg voor de Kur-gasten. Behalve dat het een Kurort is, heeft St. Blasien een heuse Dom. Misschien dat ik daar morgen een kijkje ga nemen als ik in St. Blasien aankom…
Nadat ik het dorp uitgelopen ben, gaat het meteen flink omhoog, gelukkig wel voornamelijk in het bos in de schaduw. Boven aangekomen, vind ik een uitkijktoren, de Lebenkopfturm. Ondanks de flinke klim, ga ik hier ook even naar boven en geniet van het uitzicht naar alle kanten.
Het is me de afgelopen dagen opgevallen dat ze hier veel en behoorlijk grote roofvogels hebben. Enig zoek werk op het Internet leert dat het waarschijnlijk buizerds zijn. Het zijn in ieder geval geen adelaars, die komen alleen nog in de Alpen voor.
Ik loop intussen weer verder en dan zie ik plotseling een stukje verderop parasols, een goed teken. En ja hoor, ik kom bij Landgasthof Klosterweiherhof uit. Tijd voor een pauze met hausgemachter Holunderblütensirup Schorle (limonade van vlierbloesemsiroop). Lekker fris en een beetje zurig, perfect om je dorst te lessen tijdens een wandeling in deze hitte, zeker als je nog verder moet.
Na de pauze is het meteen weer klimmen geblazen. De route wijkt even later af van mijn GPX track, maar ik blijf de bordjes volgen. Had ik al gezegd dat de Schluchtensteig erg goed aangegeven is. Daarom vind ik het geen probleem om de bordjes te volgen in plaats van mijn GPX track. Die kan ik toch altijd weer terug vinden.
Deze keer maak ik een extra lus omlaag en daarna via een rots helling weer steil omhoog. Daar tussenin vind ik een heel mooi uitzichtpunt, waarschijnlijk de reden voor de route wijziging.
Als ik de rots helling omhoog ploeter en even stil sta om op adem te komen, vraag ik mij af waarom ik dit ook al weer deed. Als ik even later gemütlich durch den Wald loop, weet ik het weer: die Waldluft, die Aussichten und die Einsamkeit.
Vandaag loop ik, behalve door het bos, ook veel dwars door weilanden. De koeien in de weilanden zoeken de schaduw op. Wat me opvalt is dat ze hier zweren bij Elektrozaun, schrikdraad. Ieder weiland is ermee afgezet en als je een poortje doormoet om een weiland in of uit te lopen, dan moet je af en toe oppassen dat je jezelf niet elektrocuteert.
Ik heb vanwege de verwachte warmte genoeg water meegenomen en de hausgemachter Holunderblütensirup Schorle tussendoor zorgt ervoor dat ik ruim uitkom. Ik rantsoeneer mijn water altijd zodanig dat ik in het begin weinig en later meer drink. Dit in tegenstelling tot de avond, waar ik aan het begin meer en later minder drink…
Het laatste stuk van de route van vandaag gaat door de Hohwehraschlucht. Dit stuk is erg mooi en goed te lopen, smalle paadjes vlak langs de Wehra.
Als ik de Hohwehraschlucht uitloop, loop ik zo Todtmoos in. Hier loop ik een rondje en vind ik een ijssalon. Ik besluit om een ijs te nemen en dat eet ik op een bankje op het centrale plein op (dat waren 3 op’s in één zin).
Ik zoek het busstation weer op, waar mijn auto staat, en rij snel terug naar mijn pension. Ik ben dringend aan een douche toe.
Weer
Het was vandaag weer erg heet, meer dan 28°C, en onbewolkt. Gelukkig was mijn briesje wel terug om voor enige verkoeling te zorgen, vooral op de open vlaktes en in de weiden.
Songtekst van de dag
Ook al zijn de roofvogels die ik hier spot geen adelaars, toch heb ik vandaag gekozen voor Eagle Fly Free van Helloween.
People are in big confusion
They don’t like their constitutions
Every day, they draw conclusions
And they’re still prepared for war
Some can say what’s ineffective
Some make up themselves attractive
Build up things they call protective
Well, your life seems quite bizarre
In the sky a mighty eagle
Doesn’t care about what’s illegal
On its wings the rainbow’s light
It’s flying to eternity
Eagle fly free, let people see
Just make it your own way
Leave time behind, follow the sign
Together we fly someday
Hey, we think so supersonic
And we make our bombs atomic
Or the better, quite neutronic
But the poor don’t see a dime
Nowadays, the air’s polluted
Ancient people persecuted
That’s what mankind contributed
To create a better time
In the sky a mighty eagle
Doesn’t care about what’s illegal
On its wings the rainbow’s light
It’s flying to eternity
Eagle fly free, let people see
Just make it your own way
Leave time behind, follow the sign
Together we fly someday
In the sky a mighty eagle
Doesn’t care about what’s illegal
On its wings the rainbow’s light
It’s flying to eternity
Eagle fly free, let people see
Just make it your own way
Leave time behind, follow the sign
Together we fly someday
Together we fly someday
Forever we fly
Together we fly
Forever we fly someday
Whoa, whoa, whoa, whoooooaaaaaaa…






































































































Als ik met de auto bij de Titisee aankom, probeer ik een parkeerplek te vinden. Ik probeer eerst de officiële parking maar die weigert al mijn betaalkaarten en de cash betaalpaal doet het niet. Aangezien ik geen zin heb in gedoe, rij ik verder. Een stukje verder vind ik een plekje op een Parkplatz die helemaal leeg is. Er staat dat Parken €5 kost. Ik parkeer mijn auto en bel aan bij het huis dat daar langs staat. Een vriendelijke oudere man vertelt mij dat ik mijn auto daar gerust kan laten staan zo lang ik wil. Ik heb echter het vermoeden dat de Parkplatz bij de camping beneden aan de See hoort en loop ook even naar de receptie. Daar hoor ik dat ik er inderdaad voor €5 ein paar Stunden mag staan. Ze hebben echter geen tijd om af te rekenen en hoeveel ein paar Stunde zijn blijft ook onduidelijk.
De rondwandeling om de Titisee is een mooie route, vooral het stuk langs de zuidoost oever. Als ik 2/3 rond ben, kom ik in het dorp Titisee. Hier is het behoorlijk druk en erg toeristisch. Er lopen inderdaad veel verschillende nationaliteiten rond, maar niet in die mate dat het busladingen vol zijn. Misschien heb ik geluk.
Als ik mijn bier op heb, ga ik verder met mijn ronde. Als ik bij mijn auto kom, is het officiële wandelgedeelte voorbij en verruil ik mijn Garmin voor een boek. Mijn auto heeft gezelschap gekregen en er staan nu twee auto’s. Ik loop nu naar camping Sandbank en ga daar langs de Titisee op het terras van de kiosk zitten lezen. Hier is het helemaal niet druk en het bier is nog goedkoop ook!













De bus brengt me exact naar het beginpunt van de Schluchtensteig. Purist dat ik ben, zoek ik naar een bord, gezien de grote borden die ik al tegen gekomen ben, verwacht ik aan het begin ook iets. Helaas kan ik niets vinden, ook niet verder dorp inwaarts. Het zal vast wel ergens staan, maar ik heb het niet gevonden. Dan maar zo op pad.
Als ik het dorp en industriegebied uit ben, loop ik al snel vlak langs de Wutach over een mooi smal paadje. Ik loop hier pal langs de Zwitserse grens, de Wutach is hier de grens. Ze zijn dit stuk van de Wutach flink aan het aanpakken, wandelpaden, verstevigingen voor als er hoog water is, etc. Het zier er nu nog wat kaal en ruw uit, maar als de begroeiing eenmaal de kans gehad heeft, dan wordt het hier vast wel mooi. Intussen loop ik ook regelmatig over een smal paadje vlak langs de Wutach door de oudere begroeiing en dat is wel mooi.
Mijn eerste tegenligger van vandaag heeft geen haast. Dat kan ook niet, want hij sleept alles met zich mee, zelfs zijn huis…
Na een tijdje steek ik de provinciale weg weer over, bij een groot bedrijf, Sto. Hier ontwerpen en maken ze isolatie materiaal en materiaal om gebouwen mee te bekleden. Zo te zien een flink bedrijf, vergelijkbaar met Océ (Canon) in Venlo kwa grootte en ze hebben nog meerdere vestigingen over de hele wereld. Ook hebben ze frietsnijders voor hun personeel om doorheen te lopen …
Na de pauze gaat het verder en ik kom nu in de Wutachschlucht. Het gaat nu weer kilometers over smalle paadjes, boven over terwijl beneden de Wutach stroomt. Regelmatig loop ik pal langs de rotsen die rechts van mij steil omhoog gaan. Ook moet ik goed uitkijken waar ik mijn voeten neerzet vanwege de vele boomwortels.
Als ik de Wutachschlucht weer uit loop, gaat het een tijdje langs en door de velden. Ik heb hier mooie uitzichten over het glooiende landschap. Het gaat wel een paar keer flink omhoog, ik ben bezig met de beklimming van de Buchberg, 876m hoog. Als ik daar boven aankom, heb ik een fantastische uitzicht over het landschap richting Zwitserland.
Er volgt nog een stukje Steig met smalle paadjes omlaag en dan kom ik in Blumberg aan. Het eerste dat ik zie is de dooienakker, daar loop ik even naar toe.




































































Ik ga met de auto naar de Öffentlicher Parkplatz in Holzschlag. Sygic leidt mij helemaal binnendoor over smalle weggetjes door het bos.
Na een kwartiertje komt Wanderbus 7344 en die brengt me, na 1x overstappen naar Schattenmühle. Het is lekker rustig in de bus, een handvol passagiers. Bij de Parkplatz Schattenmühle staan al weer drommen wandelaars klaar om met de bus naar Wutachmühle te gaan.
De Schluchtensteig is goed aangegeven, hoewel je vaak weinig keus hebt omdat er niet heel veel aftakkingen zijn. Ik loop boven over en beneden hoor ik de Wutach en af en toe vang ik er een glimp van op tussen de bomen door. Na een tijdje kom ik bij een soort van stuwmeertje in de Wutach, erg apart. Het blijkt een klein Flusskraftwerk Stallegg te zijn, dem ältesten seiner Art in Baden.
Tot mijn verassing kom ik een station tegen in de bergen, Bahnhof Kappel-Grünewald. De bijbehorende kiosk wordt per 1 juli heropend, te laat dus. Ik stuk verder is een Rastplatz en hier wijk ik van de GPX route af en blijf ik de bordjes volgen. Geen probleem, een kilometertje of twee verder kom ik weer op de GPX route en de bordjes hadden een veel mooier stuk, maar wel met dalen en klimmen.
In Lenzkirch aangekomen zie ik een terras en is het tijd voor een bier.
Het gaat verder en de route voert me nu ook over veldwegen, tussen de weilanden met koeien. Het gaat nu flink omhoog en tijdens deze laatste flinke klim moet ik toch een paar keer even uitrusten met die hitte. Maar uiteindelijk kom ik boven en begin ik meteen weer aan de afdaling naar Oberfischbach.
Bij de weg aangekomen, is het tijd voor een ijs bij Hirschen. Ik heb al een bier gehad en met deze hitte kan ik beter niet te veel alcohol drinken. Bij Hirschen hebben ze tijd genoeg…
In Schluchsee wordt ik blij gemaakt met een dooie mus. Ik zie een Irish Pub en een bord van Guinness, dus ik loop het betreffende terras op. Helaas hoort dat niet bij de Irish Pub, die ligt daarboven en is gesloten.
Als ik langs de Schluchsee van mijn bier zit te genieten, bel ik een taxi. Ik moet van hieruit nog naar mijn auto zien te komen en ik had bedacht dat ik hier wel een taxi zou kunnen regelen. Dat lukt, hoewel hij wel op zich laat wachten. Het is zondag en iedereen heeft tijd genoeg. Als ik al alternatieve plannen aan het bedenken ben, het slechtste is 11 km extra lopen, komt de taxi er toch nog aan. De chauffeur heeft geen idee waar Holzschlag ligt en ik laat hem op Google maps zien waar ik heen wil. Met een vliegende vaart gaat het de bergen in, ik ben blij dat we geen tegenliggers hebben, en op een gegeven moment komen we op een heel erg smalle weg. De taxi chauffeur kijkt erg twijfelend, maar ik heb hier vanmorgen ook gereden en dirigeer hem verder.
Het was vandaag heel warm en hoewel ik wel wolken gezien heb, heb ik er weinig baat van gehad. Gelukkig stond er ook een redelijke bries, zeer welkom als verkoeling.





































































































Ik vertrek op tijd met de auto naar Wanderparkplatz Schattenmühle. Dat gaat voorspoedig. Op de Wanderparkplatz is het al aardig druk, maar ik vind nog een parkeerplekje.
Dan maar een taxi gebeld vanuit de Kiosk. Die komt even later en terwijl ik wacht, neem ik een kop koffie. Ik wordt netjes in Blumberg bij de Evangelische Kirche afgezet. Hier begint mijn etappe van vandaag.
Ik loop het dorp uit en er begint al meteen een leuk stukje met een steile afdaling naar een waterval. Op een of andere manier loop ik net anders dan de route en kom, al klimmend met handen en voeten, helemaal onderaan de waterval uit, de Schleifenbachwasserfälle. Hier zie ik dat er ook een ladder en een brugje zijn, dat was makkelijker geweest, maar niet zo avontuurlijk. Ik moet nu weer op de route zien te komen. Dat gaat dwars door de Mühlegraben, zoals de plaatselijke beek hier heet, over de stenen die daar liggen. Ik kom heelhuids aan de overkant en na een zeer steil klimmetje ben ik weer op de route. Het begint al goed!
Ik loop vandaag de hele route min of meer langs de Wutach, stroom opwaarts. Ik pik de Wutach op net buiten Blumberg en blijf die dan min of meer volgen tot de Schattenmühle.
In deze dorpen en gehuchten is vaak een plek te vinden waar drinkwater uit een kraan komt. Altijd welkom als verfrissing.
Na een de pauze gaat het verder. Ik kom nu in het interessantste stuk van de Wutachschlucht. Het gaat onder langs en boven over, het is ten slotte een Steig, langs de Wutach. De paden zijn veelal smal en gaan vlak langs rotsen die links of rechts steil omhoog gaan. Delen van het pad zijn voorzien van staalkabels om je aan vast te houden, indien nodig, of om te voorkomen dat je naar beneden dondert.
Op een gegeven moment hoor ik achter me de rotsen omlaag donderen. Het is hier niet helemaal zonder gevaar. Ik hoor echter geen geschreeuw, er zijn dus geen gewonden (de doden hoor je meestal niet, ten minste niet overdag).
Waar ik op het eerste gedeelte de wereld voor mezelf had, is het op dit tweede stuk behoorlijk druk, veel tegenliggers en een enkele keer haal ik een groep in. Het probleem met de tegenliggers is dat dit behoorlijk vertraagd omdat het pad zo smal is.
Uiteindelijk kom ik bij Schattenmühle aan en kan ik met een zeer verdiend bier even bijkomen.
Als ik terugrijdt naar mijn Pension, zie ik onderweg de Alpen. Bij helder weer kun je die vanaf hier zien, dat wil zeggen de sneeuw bedekte toppen. Een gaaf gezicht!
Het weer was perfect vandaag. Vooral zonnig en warm en heel af en toe een wolkje. Later op de dag een lekker verkoelend briesje.











































































































































Orvelte is een brinkdorp ontstaan rond de 12de eeuw in Drenthe. Het is een beschermd dorpsgezicht en het dorp presenteert zich als museumdorp middels diverse activiteiten. Zo kan men er bijvoorbeeld een houtzagerij, smederij, klompenmakerij en grutterswinkel zien en zijn er diverse ateliers en galerieën.
In Orvelte parkeer ik op een van de parkeerterreinen, P1. De slagboom staat open, dat spaart toch weer € 3,- parkeerkosten.
Als ik de route goed opgepikt heb en Orvelte uitgelopen ben kom ik even later op het houten pad van Theodoor terecht, een activiteiten pad voor kids met allemaal houten toestellen en activiteiten. Een klein stukje verder loop ik tegen het Oranjekanaal aan. Hier steek ik over en nu gaat het echt het weidse landschap in.
Als ik langs een veld loop, vliegen er honderden, misschien wel meer dan 1000 vogels op. Aan het geluid te oordelen eenden of ganzen. Het zijn er wel heel veel en ik ben blij dat ze The Birds niet gezien hebben.
Na een stukje bos kom ik op het Orvelterzand, een erg mooi natuurgebied van het Drents Landschap. Dit is het restant van een uitgestrekt heuvelachtig heidegebied, nu met veel verspreid staande bomen. Ook hebben ze hier gele mollen. Normaliter zijn mollen bruin en de molshopen ook. Hier zijn de molshopen geel, dus…
De beschrijving van de route is niet altijd even duidelijk en soms voor interpretatie vatbaar. Maar goed dat ik ook de GPX track heb om af en toe te controleren of ik wel goed loop.
Het gaat langs en door het bos met lange rechte paden en zo kom ik in Rolde terecht. Ik ben nu iets over de helft, maar helaas is er nergens iets te bekennen om een pauze te houden. Dat had ik wel verwacht met de lockdown die we sinds vandaag weer hebben.
Onderweg bekijk ik de bomen die omgevallen zijn en die in meer of mindere staat van verrotting verkeren. Dat levert af en toe mooie plaatjes op van elfenbankjes e.d. Toch prachtig dat de natuur al het dode materiaal weer opruimt en gebruikt voor nieuwe leven.
Terug in Orvelte loop ik nog een keer langs de oude boerderijen en ben blij dat ’t Stokertje nog open is. Hier neem ik een welverdiende warme choco en een tosti met brandnetel kaas, zuurkool, appel en gember. Erg lekker na zo’n tocht.































































































Ik neem weer de trein naar Assen en bevind me dan in het land van Bartje, “Ik bid nie veur brune bon’n!”.
Ook vandaag heb ik de nodige drassige stukken, maar met begaanbare stukjes erlangs, dus dat valt wel mee.
In Rolde aangekomen, kom ik langs voormalig streekmuseum Het Dorp van Bartje. Helaas is dit permanent gesloten en vind je er niets meer van terug.
Een stukje verder gaat het over de dooienakker van Rolde en vlak daarna kom ik bij een paar hunebedden, D17 en D18. Deze liggen pal langs elkaar.
Nadat ik Rolde achter me gelaten heb, loop ik weer tussen de velden. Dan plots, in the middle of nowhere, staat er een bord met Kerkweg. Dat kan ik ook wel zien, maar ik vraag me toch af waarom dit bord uitgerekend hier staat…
Ik loop door Nijlande even later zie ik een aantal paarden menners oefenen. Op de satelliet foto’s van Google Maps is hier duidelijk een race track te herkennen.
Na een tijdje loop ik Assen weer in en na een flink stuk langs een beek door hoog gras, kom ik weer bij de achteringang van het station uit.
Ik steek het spoor over, via het station, en aan de hoofdingang begin ik met de volgende Groene Wissel, nummer 496, Assen 2 (wat een originele namen).
Net voor ik het bos uitloop, kom ik langs een dooienakker. Ik kan er echter niet op omdat er een sloot omheen ligt. Wel zie ik dat ze hier een aparte afdeling hebben voor gasten die niet kunnen of willen blijven liggen, graven met hekken eromheen.
Onderweg kom ik langs Hop2Go, een bierwinkel en enige plek in Assen waar een Untappd badge te verdienen valt. Dus even naar binnen om enkele biertjes op de kop te tikken.
Nadat ik ‘mijn tijd uitgezeten’ heb, vervolg ik mijn route in het donker door Assen. An sich geen probleem, maar af en toe een uitdaging (in een park in het donker). Uiteindelijk kom ik weer terug bij het station en heb ik in totaal meer dan 24 km gelopen vandaag.

















































































































































Vandaag ga ik bij het Lauwersmeer wandelen. Ik heb een paar Trage Tochten uitgezocht en ik kijk wel hoe het loopt.
Ik besluit om de Trage Tocht Ballastplaatbos te gaan lopen. Daarna zien we wel verder. Het Ballastplaatbos ligt op een vroegere zandplaat van de Lauwerszee en stond vroeger bij hoogtij onder water. Op deze plaat zetten schepen vroeger ballast weg voordat ze verder vieren naar Groningen via het ondiepe Reitdiep. Vandaar de naam. De Lauwerszee is echter in 1969 afgesloten en werd daarmee het Lauwersmeer. Daarmee ontstond een nieuw uniek natuurgebied.
De beschrijving van de route is in het begin slecht te volgen. Maar goed dat ik een GPX track heb. Het gaat vanaf het begin door het bos, een beetje een troosteloze bedoening, maar dat ligt natuurlijk aan het jaargetijde en het weer.
In de nabijheid hoor ik een helikopter en 1 keer zie ik hem ook. Waarschijnlijk zijn ze hier aan het oefenen. Dat kan kloppen, hierlangs ligt oefendorp Marnehuizen van het leger.
Na een tijdje kom ik bij een uitkijktoren en van boven heb ik een mooi uitzicht.
Ik loop verder over graspaden en dijken totdat ik bij een tweede uitkijktoren kom. Deze draagt de naam Dark Sky toren. Nationaal Park Lauwersmeer is door de International Dark Sky Association officieel uitgeroepen tot Dark Sky Park, redelijk uniek in Nederland met zijn lichtvervuiling. Bij helder weer kun je hier de Melkweg mooi zien. Helaas is het deze week niet zo’n best weer, dat had me anders nog wel leuk geleken.
In de Dark Sky toren zijn planken aan de zijkant bevestigd die je omlaag kunt laten zodat je er tegenaan kunt gaan zitten om makkelijk omhoog te kijken.
Vlak voor het einde van de wandeling kom ik langs restaurant Suyderoogh en die zijn nog open ook. Dus tijd voor snert met roggebrood en een Lagunitas.
Ik rij nog even naar de haven van Lauwersoog, maar hier zijn geen echte wandelmogelijkheden. Alles is afgezet met hekken en verboden voor onbevoegden. Dus helaas maar een korte wandeling vandaag.
Dan maar een rondje om het Lauwersmeer gereden en op tijd weer terug naar Groningen. Daar loop ik naar proeflokaal MOUT en werk mijn verslag van vandaag uit onder het genot van enkele lekkere speciaal biertjes. Hmm, ik bespeur een patroon…
























































Ik begin halverwege de route, dat is namelijk voor mijn voordeur. Als ik een paar 100 meter gelopen heb, zie ik proeflokaal De Prael, een officieel proeflokaal van de brouwerij uit Den Haag. Daar moet ik straks toch even naar toe.
Als ik verder loop, kom ik langs het Concerthuis, waar ik afgelopen maandag een biertje heb gedronken, en brouwerij Martinus, helaas dicht.
Het stadspark ziet er een beetje verwaarloost uit. Voor een deel hoort dat zo omdat men de natuur zijn gang laat gaan. Ik loop kris kras door het park en kom na een tijdje bij het stadspaviljoen, Ni Hao. Hier is het donker en ziet het er dicht uit. Ik heb weinig hoop dat ik hier iets kan krijgen. Ik probeer het toch en de deur gaat open. Tot mijn aangename verrassing kan ik een koffie to go krijgen, beter dan niets.
Ik loop het park weer uit en zoek mijn weg terug naar het station, deze keer bij voorkeur niet via de busbaan. Dat lukt en ik pik mijn Groene Wissel weer op.
Ik ga meteen door naar proeflokaal De Prael. Hier drinkt ik enkele welverdiende biertjes en neem ik een kop zelfgemaakte snert, erg lekker, allebei!
Hier koop ik enkele lokale bieren en ook een barrel aged bier van de Dochter van de Korenaar, voor vanavond. Het gaat meteen door naar Pacific. Hier drink ik een biertje, maar ik vind het niet gezellig genoeg en de bierkaart is enigszins beperkt. Ik besluit om nog even naar de Pintelier te lopen. Daar was ik maandag ook al. Hier maak ik mijn tijd tot 5 uur vol.
Het was een grijze dag vandaag. Het is maar goed dat ik in de stad gebleven ben, daar heb je er het minste last van. Gelukkig was het verder wel droog en een aangename temperatuur.


























































































Vandaag ga ik geen rondwandeling doen, maar een route van Assen naar Zuidlaren, welbekend om zijn paardenmarkt (voor de insiders, daar gaat het loos). De route, een Trage Tocht, voert door het stroomgebied van de Drentse Aa, een verzameling van beken met allemaal verschillende namen waar ik jullie niet mee zal vervelen. Wat wel vermeldenswaardig is, is dat men in Drenthe een beek geen beek noemt, maar loopje, diepje, stroom, laak of Aa.
Dit gebied is goed bewaard gebleven en is niet, zoals elders in Nederland, gekanaliseerd of door ruilverkavelingen aangetast.
In Assen aangekomen begin ik met mijn wandeling en na 1km ben ik Assen uit en loop ik midden in de natuur.
Na een tijdje kom ik zelfs langs een heus Hunebed, D16, in Balloo. D16 is een van de grotere Hunebedden en is een aantal keren gerestaureerd. Vandaag dus geen dooienakker, maar wel een eeuwenoude grafkamer…
Op een gegeven moment, net na Loon, loop ik door de drassige weilanden pal langs de beek die hier Loonerdiep heet. Drassig is overigens een understatement, ik moet echt puzzelen om mijn weg te vinden zonder tot aan mijn knieën in de blubber te zakken. Gelukkig lukt dat en even later kom ik op een breed zandpad terecht. Helaas is het hier niet veel beter.
Ik hoef nog maar 6km, dus ik ga ervoor dat ik op tijd in Groningen terug ben zodat ik voor 5 uur nog enkele biertjes kan proeven bij leuke kroegen.






































































