Datum: 20230603
Tijd: 12:45 – 16:15
Afstand: 11,9 km
Overnachting: Clayhanger Guest House, Newcastle-under-Lyme
Wandeling
Vandaag begint mijn Peak Bagging avontuur. Ik ga 3 weken in de Lake District wandelen en proberen een flink aantal Wainwrights te baggen.
Om meteen het maximale uit mijn eerste dag te halen, vertrek ik om half twee ’s nachts richting Calais. Hier heb ik de ferry van 6:50 geboekt en ik moet 90 minuten van te voren aanwezig zijn.
Het is lekker rustig op de weg en ik heb de hele weg een trouwe metgezel aan de maan, die in volle glorie links van me staat en af en toe recht vooruit. De maan staat vrij dichtbij de aarde vandaag en dat levert een mooi plaatje op van een grote volle maan.
Daarbij heb ik goede muziek opstaan. Ik begon met Acid Crusher en daarna heeft Spotify het overgenomen en goed ook.
In de buurt van Antwerpen gaat het even mis, door een aantal wegwerkzaamheden neem ik een verkeerde afslag. Niet getreurd, mijn Cygic navigatie loodst me een stuk door Antwerpen en even later zit ik weer op de juiste route naar de kust.
In Calais aangekomen volg in de borden voor de ferry terminal en check ik in bij P&O. Daarna moet ik nog door de Engelse paspoort controle. Enkele auto’s voor mij in de rij hebben lang werk nodig. Gelukkig kan ik snel weer verder als ik aan de beurt ben en uitgelegd heb dat ik ga wandelen in de Lake District. De douane beambte verzekert mij dat het daar erg mooi is en wenst me veel plezier.
Als ik met mijn auto in de aangewezen rij, lane 14, sta, ben ik nog steeds meer dan een uur te vroeg. Gelukkig komt even later de Pride of Canterbury en zodra die leeggelopen is, kunnen wij erop. Ik sta zo ongeveer helemaal vooraan, pole position zeg maar.
In Engeland aangekomen wordt mijn paspoort nogmaals gecontroleerd en willen ze ook weten hoe lang ik mijn auto al heb en of die al eens in Engeland geweest is. Rare jongens die Britten. Gelukkig zie ik er eerlijk uit en hoef ik niet met mijn auto de loods in waar enkele auto’s staan die ze helemaal aan het controleren zijn.
Snel de haven uit en op naar Dovedale in de Peak District, daar heb ik een wandeling uitgezocht en in Newcastle-under-Lyme een Guesthouse. Dat ligt allemaal in de buurt van Stoke-on-Trent, daar was ik begonnen met zoeken.
In Dovedale aangekomen zoek ik de Car Park waar mijn wandeling begint. Groot is mijn verbazing als dit niet zo maar een parkeerplaatsje langs de weg in de rimboe is, maar een grote parkeerplaats waar je moet betalen (goed voor de National Trust) met zelfs een tweede overflow parkeerplaats erbij. Dat is ook wel nodig want het is enorm druk. Ik heb er al bijna spijt van dat ik deze wandeling uitgezocht heb, maar dat komt gelukkig nog helemaal goed.
Ik parkeer op de overflow parkeerplaats en betaal digitaal bij een parkeerwachter.
Ik begin mijn wandeling, begeleid door de Staffordshire wandel-app. Ik heb geen GPX track, alleen de app die de wandeling op een kaart laat zien en mijn positie ook aangeeft. De wandeling gaat door Dovedale, een vallei waar de River Dove doorheen stroomt. Vrijwel aan het begin van de wandeling is er een oversteek over het riviertje via Stepping Stones. Ik zie ze wel, maar ik ben niet van plan om in de rij te gaan staan om er overheen te lopen.
Tot aan de Stepping Stones is het retedruk, daarna minder. Het wordt nog minder druk als het pad omhoog gaat. Daarna is het tot aan Milldale redelijk rustig. Er zijn wel wandelaars, maar ze lopen je niet constant voor de voeten. Het is mooi in Dovedale, het is een rotsachtig pad dat een beetje glooiend langs de rivier loopt. Die rivier is wisselend breed en nergens erg diep met veel kleine stroomversnellinkjes. Ook zie ik veel vlinders.
Halverwege de wandeling kom ik in Milldale, tijd voor een ijsje. Ik moet straks nog een stuk rijden, dus het bier moet wachten. Ik probeer af te rekenen met de biljetten die ik thuis nog gevonden heb maar die zijn niet meer geldig… Ik kan ze blijkbaar wel nog bij een bank inleveren. Gelukkig is de kiosk modern en kan ik ook digitaal betalen.
Ik kan via dezelfde weg terug lopen, maar dat is niet de bedoeling. Ik kies dus voor de optie om door het free access land over de heuvels terug te lopen. Dat blijkt een heel goede keuze, ik loop dwars door de weilanden met continu een prachtig uitzicht over het landschap.
Ik bag en passant ook nog mijn eerste peak, Baley Hill (14:35), dat is mooi meegenomen. Tijdens de alternatieve route kom ik heel even op het pad terug dat ik op de heenweg gelopen heb, maar het gaat meteen weer bergop. Ik ben op de alternatieve route nagenoeg helemaal alleen. Ik kom gedurende het hele alternatieve stuk twee paar wandelaars tegen. Wel kom ik veel schapen tegen die hier in een groot gebied vrij rondlopen, met lammetjes. Ook zie ik nog een fazant, vlak langs het pad.
Op een gegeven moment heb ik een van mijn favoriete momenten (nou ja…), ik zie dat ik een stuk omlaag ga en door een poort in de omheining moet en daarna gaat het meteen weer omhoog en wel hoger dan ik nu ben.
Zo loop ik boven over terug naar de drukte. Ik kom net voor het eind van de wandeling weer op het pad van de heenweg uit en loop terug naar de Car Park. Hier is het nog steeds erg druk en voor de kiosk staat een lange rij met mensen te wachten. Die doen goede zaken, maar niet met mij.
Ik stap in de auto en rij naar Newcastle-under-Lyme, te minste dat is het plan. Het wegkomen is echter een uitdaging. De weg naar de Car Park is zo’n echte Engelse landweg, één auto breed met af en toe een bredere passeerstrook. Dat werkt prima als er bijna geen verkeer is. Het werkt echter voor geen meter als er van beide kanten een hele stoet auto’s aankomt. Gelukkig komt ook dat uiteindelijk goed en daarna rijd ik naar mijn Guesthouse voor een welverdiende douche.
Na het douchen zoek ik een goede plek om te eten, mijn uitgestelde biertje te drinken en dit verslag uit te werken. Dat wordt Yates, een grote kroeg in het centrum van Newcastle-under-Lyme.
Weer
Het was erg warm vandaag. De zon scheen behoorlijk fel en ik was blij dat een groot deel van de wandeling in de schaduw was. Vooral toen ik door de weilanden liep en geen enkele beschutting had was ik erg blij met mijn hoed.
Songtekst van de dag
Zoals gezegd ben ik vandaag veel schapen tegengekomen, daarom deze keer Sheep van Pink Floyd.
Harmlessly passing your time in the grassland away
Only dimly aware of a certain unease in the air
You better watch out
There may be dogs about
I’ve looked over Jordan and I have seen
Things are not what they seem
What do you get for pretending the danger’s not real?
Meek and obedient you follow the leader
Down well trodden corridors into the valley of steel
What a surprise
A look of terminal shock in your eyes
Now things are really what they seem
No, this is no bad dream
The Lord is my shepherd, I shall not want
He makes me down to lie
Through pastures green He leadeth me the silent waters by
With bright knives He releaseth my soul
He maketh me to hang on hooks in high places
He converteth me to lamb cutlets
For lo, He hath great power and great hunger
When cometh the day we lowly ones
Through quiet reflection and great dedication
Master the art of karate
Lo, we shall rise up
And then we’ll make the bugger’s eyes water
Bleating and babbling we fell on his neck with a scream
Wave upon wave of demented avengers
March cheerfully out of obscurity into the dream
Have you heard the news?
The dogs are dead!
You better stay home
And do as you’re told
Get out of the road if you want to grow old























































































Het station van Lage Zwaluwe ligt midden tussen de weilanden en velden. Ik loop via een verharde veldweg, die later overgaat in een fietspad, naar Lage Zwaluwe. Dat zijn een goede 4 kilometer. Hier is het tijd voor lunch met een Hertog Jan Weizener bij Biesla aan de haven.
Nadat ik dwars door het oude deel van Lage Zwaluwe gelopen heb, loop ik eerst langs en daarna over de dijk langs de Amer verder. Na een tijdje sla ik rechtsaf en loop verder over een gravel fietspad langs een onbekend water. Het gaat vandaag voornamelijk over verharde en half-verharde landwegen en fietspaden, een enkel zand- en graspad daargelaten.
Langs het onbekende water zie ik naast het fietspad allemaal palen staan met een witte kop. Ik vraag me af waar die voor dienen. Een eindje verder kom ik een hele ploeg mensen tegen die de berm nogal voorzichtig aan het maaien / snoeien zijn. Zij kunnen me wel uitleggen waar de palen met de witte kop voor dienen. Die palen geven aan dat er tussen deze palen niet gemaaid mag worden. Er staan namelijk allerlei struikjes (struweel) en deze ploeg zorgt voor het onderhoud. De gemeente maakt echter gebruik van onderaannemers en die maaien gewoon alles weg. Zelfs tussen de paaltjes met de witte kop wordt regelmatig gemaaid, ondanks dat dat niet de bedoeling is. Momenteel zijn ze bezig om alles weer in orde te brengen om dat voor te zijn.
Als ik bij Hoge Zwaluwe in de buurt kom, loop ik even een stukje verkeerd (afslag gemist). Dat is echter geen probleem, via mijn TwoNav vind ik de route snel genoeg terug. Na Hoge Zwaluwe gaat het verder langs sloten en door de velden. Bij een bosje hoor ik een koekoek, die zie ik echter niet. In deze omgeving is er voornamelijk akkerbouw, onder andere asperge velden. Ik zie maar weinig runderen, wel veel schapen, voornamelijk op de dijken.
Ik kom nog door een derde dorp dat bij Drimmelen hoort, Blauwe Sluis. Hier is niet veel te doen en ik loop snel verder. Na Blauwe sluis kom ik over een mooie smalle weg met veel bomen en struiken erlangs, een soort tunnel in het akkerlandschap.
Aangezien er in de buurt van het station niets te doen is, had ik van te voren al besloten dat ik een klein stukje met de trein terug zou gaan. Ik moet so-wie-so overstappen in Breda en daar ga in naar Frontaal voor enkele welverdiende biertjes. Afgelopen weekend was ik ook al hier, samen met Gerben, Lise en Sven, voor Frontaal Fest, het jaarlijkse bierfestival voor investeerders. Dat was zeer geslaagd!
Het Frontaal brouwcafé bevindt zich in het oude Faam complex, de snoepfabriek die vooral bekend was van de rollen drop (ten minste in mijn tijd). In dit complex zijn diverse ‘alternatieve’ bedrijven gevestigd, waaronder dus het Frontaal brouwcafé. De Frontaal brouwerij bevond zich hier ook maar is recentelijk verhuist naar The Bay omdat hier geen uitbreidingsmogelijkheden waren.
Het Frontaal brouwcafé heeft een groot terras, met lounge hoek en simpele ‘Jong Nederland’ banken en tafels, en een flinke ruimte binnen. Alles straalt oude industriële glorie uit en dat is een van de grote charmes van het brouwcafé.
Uiteraard is de hele selectie van Frontaal bieren ook op blik verkrijgbaar.
Iedere keer als ik hier ben, valt me de goede muziekkeuze op. Voornamelijk muziek uit de jaren 60-70-80 en in het algemeen allemaal muziek die ik zeer kan waarderen. Het is hier heel goed toeven…
























































































We rijden naar de Schaapskooi en bezoekerscentrum Ermelosche Heide. Hier gaan we de wandeling “Wandelen rond Drie langs ondergrondse geheimen” lopen.
Daarna gaat het het bos in en al vrij snel komen we bij een plek waar vroeger een onderduikershol was, in het Speulderbos. Hier zaten Engelse piloten en gezochte landgenoten verscholen voor de Duitsers. Gekoppeld aan het hol was een slingerende vlucht tunnel gang 75 meter. Slingerend zodat diegene die vluchtten niet van ver neergeschoten konden worden.
Verderlopend door het bos komen we in buurtschap Drie aan. Hier is Restaurant Boshuis Drie, tijd voor koffie en thee met gebak.
De bossen waar we doorheen lopen, zijn voornamelijk beukenbossen. Omdat het lente is, zijn de blaadjes nog mooi fris groen. Delen van het bos zijn oud en er ligt veel dood hout.
Na de film vertelt Jan, die samen met zijn broer Aart de brouwerij begonnen is, hoe het allemaal zo gekomen is. De brouwerij heeft een capaciteit van 700 liter en alles is zelf gemaakt, de brouwketels, het leidingwerk en zelfs de kelder hebben ze, op hobby woensdag, zelf uitgegraven. Handig als je dat allemaal kunt…
Een van de bieren die hier gebrouwen worden is het Veluws Sneetje, een bier gebrouwen met onder andere het oud brood van een plaatselijke bakker. Diezelfde bakker bakt weer brood met de borstel uit de brouwerij. Een win-win situatie dus.
De Hazeburg heeft 23 tap kranen met, naast enkele van hun eigen bieren, een diverse selectie speciaal bieren, zowel wat type betreft als wat brouwerij betreft. Verder kun je van de bierkaart fles of blik bier bestellen en als de keuze niet groot genoeg is, kun je via de website alle bieren uit de winkel bestellen. De bieren uit de winkel worden in de biertunnel met een, ook zelfgemaakte, constructie gekoeld voordat ze geserveerd worden. Met een selectie van zo’n 3500 bieren noemen ze zich terecht ’s Neerlands grootste bier café.
Uiteraard wordt er ook aan de inwendige mens gedacht en is er een uitgebreide borrelhapjes kaart, met zowaar 4 soorten bitterballen, waarvan een gemaakt met hun eigen bier, en een lunch en diner kaart. We hebben alle kaarten goed uitgeprobeerd en het eten is erg goed en lekker.
De bieren staan per brouwerij en per land gerangschikt. Je kijkt je ogen uit en moet goed uitkijken dat je niet te veel in je winkelwagen legt. Laten we het er maar op houden dat ik enkele honderden euro’s lichter was toen we uitgesjopt waren!
En dan, als laatste, de B&B, de Bier en Bed, geen ontbijt. Wij verbleven in kamer Veluws Bruun en daar was helemaal niets mis mee. Ik denk dat menig student zou willen dat hij zo’n studio had. Alles was vrij nieuw en zag er goed en schoon uit. Een mooie badkamer met design wastafel en inloop douche, een toilet in een aparte ruimte, een keukenblok met alles erop en eraan, een ruim en goed bed en een ruime zithoek. Als bonus konden we ook buiten zitten.






































































De reis naar Wyler, dat overigens net in Duitsland ligt, verloopt voorspoedig met de trein en een Duitse bus. Aan de rand van het dorp stap ik uit en begint mijn wandeling. Het miezert een beetje, maar dat gaat gelukkig al snel over. Al snel gaat de wandeling tussen de velden omhoog.
Na deze pauze loop ik langs de Motte van de burcht Mergelp weer omlaag naar de weg waar ik straks et de bus over gereden heb, de N325. Het is hier druk met wandelaars, maar dat veranderd al snel als ik de N325 oversteek, dan ben ik weer Remy.
Ik loop nu langs het Wylermeer en het Wylerbergmeer. Daarna gaat het verder door de velden, langs een flinke beek, tot ik bij de Thornsche Molen kom. Ze zijn zelfs open, maar mijn vorige pauze was nog niet zo lag geleden, dus ik loop door.
Ik steek de N840 over en loop nu door een mooi polderlandschap over een dijk. De route van vandaag is veelal verhard, er zijn maar een paar kleine stukken waar geen asfalt ligt. Gelukkig is het wel overal erg rustig, op de meeste wegen die ik vandaag loop zijn auto’s niet welkom. Op de dijk waait het flink en het miezert af en toe.
De dijk komt in Ooij uit, alwaar ik een weg met fietspad oversteek en bijna door een fietser omver wordt gereden. Mijn schuld, ik kwam uit een gebied waar je niemand op de weg zag en hier is er wel verkeer. Uitkijken dus! Ik loop een klein stukje door Ooij en dan gaat het alweer verder over een andere dijk. Het begint nu een beetje te regenen.
Na een tijdje kom ik door buurtschap Groenlanden. Hier mis ik een afslag naar links. Als ik dat eindelijk merk besluit ik om maar door te lopen, de weg komt vanzelf weer op de route uit. Dan heb ik gewoon een stukje meer gelopen en de route over de dijk is wel mooi en er is niet veel verkeer.
Het gebied waar ik doorheen loop is de Ooijpolder, onderdeel van het Natura 2000-gebied Gelderse Poort. De eerste dijken hier zijn rond 1300 gebouwd. De Ooijpolder was ook onderdeel van de IJssellinie gebouwd tijdens de Koude Oorlog om een deel van Nederland onder water te laten lopen bij een Russische invasie. Misschien moeten we die plannen maar weer eens uit de ijskast halen…
Het laatste stuk naar Nijmegen loop ik door de regen. Het gaat over een weg over de dijk. Dat is een beetje jammer, als ik over die weg loop zie ik wel mogelijkheden om door de polder te lopen en toch bij de brug uit te komen. Helaas zie ik dat als het voor mij te laat is.
In Nijmegen aangekomen gaat de route nog door het Valkhofpark en langs de Stevenskerk, een middeleeuwse kerk met 18de-eeuws orgel volgens Google. Ook kom ik langs brouwerij de Hemel, maar vandaag heb ik mijn zinnen gezet op een van de andere kroegen van Nijmegen.
Het overzicht van de bieren op tap is op een scherm boven de tap te vinden. Leuk detail, de meest recente Untappd check-ins voor deze locatie worden onder aan het scherm weergegeven en uiteraard werden alle posities al snel ingenomen door ondergetekende…
Het interieur bestaat uit statafels, zowel ronde als lange smalle, met barkrukken en uiteraard staan er rondom de kroeg de nodige bierflesjes te pronken. De muziek staat hoorbaar en en de ik kon de keuze van de nummers wel waarderen, voornamelijk eighties.
Voor een vrijdagmiddag was het erg rustig. Ik denk dat iedereen gisteren al genoeg gehad heeft. Ik kon in ieder geval in alle rust mijn blog uitwerken en van mijn biertjes en hapjes genieten. Helaas geen wifi, maar dat geeft niet, die heb ik altijd bij me.


























































































































In Wezep eet ik eerst een banaan voordat ik begin te lopen. Ik zie groepjes militairen met bepakking lopen. Die komen van de Prinses Margriet kazerne die hier om de hoek ligt. Die hebben zeker ook een wandeldag.
Het gaat vrijwel meteen het bos in, een waterwingebied. Het is hier flink uitgedund, lekker die geur van vers gezaagd dennenhout. Er liggen metershoge stapels hout langs de paden.
Ik steek de A50 over en het gaat verder, weer langs de weg. Niet dus, ik ga het bos in, over goed begaanbare smalle paadjes. Daarbij pak ik zelfs een stukje mountainbike pad mee. Dat is wel grappig en een leuke manier om de route iets te verlengen.
Dan kom ik langs herberg Molecaten en ze zijn open! Tijd voor een pintje met Apfelstrudel.
Na de lunch voert mijn route mij door Hanzestad Hattem, pittoresk, met een mooie molen en een torenpoort.
Nadat ik de IJssel overgestoken ben, loop ik een stuk door de uiterwaarden voordat ik in de bebouwde kom van Zwolle kom. Ik kom ook nog langs Dinoland Zwolle maar dat heeft zijn beste tijd beslist wel gehad.
Ook Zwolle is een Hansestad. Hansesteden waren lid van het Hanzeverbond, een samenwerkingsverband om de handel te beschermen en te bevorderen. Oorspronkelijk ontstaan rond de Oostzee werd er later naar alle kanten uitgebreid. Er zin veel historische Hansesteden waaronder dus Hattem en Zwolle.
Na een stukje tussen hoge moderne gebouwen gelopen te hebben, bereik ik het station. Hier ga ik het spoor onderdoor en dan zit mijn route erop. Ik loop echter nog verder naar het DAVO Proeflokaal, die gaan om 3 uur open en laat het dat nu net zijn. Bij DAVO ga ik zitten voor een paar afsluitende biertjes, om dit verslag en dat van gisteren uit te werken en om een review te schrijven (zie hieronder).
De 15 tapkranen geven voor elk wat wils en als dat niet genoeg is, dan is er nog het nodige in blik verkrijgbaar. Achter de bar hangt een mooi groot bord met de selectie die momenteel op tap verkrijgbaar is. Uiteraard voornamelijk DAVO bieren, maar ook enkele bieren van andere brouwerijen.
Als je vergeten bent om van te voren een goede bodem te leggen, dan kun je bij DAVO Zwolle ook kleine en grote hapjes krijgen tegen schappelijke prijzen. De kaart staat op het Internet en is via
Het is fris, maar niet echt koud. Ideaal weer om te lopen dus. Af en toe twijfel ik en doe ik mijn capuchon op, maar echt nodig is dat niet.

















































































































Gerben is jarig maar heeft weinig tijd. Gelukkig wel genoeg tijd om te gaan lunchen. Ik ga dus met de trein naar Maastricht en daar gaan we samen lunchen bij de stadsbrouwerij.
Op het station van Valkenburg aangekomen, loop ik eerst eens het dorp uit. Dat is nog een kleine uitdaging, er wordt aan het wandelpad gewerkt en er is een stuk afgesloten. Ik trek me daar niets van aan en loop voorzichtig overal langs. De enige die er aan het werk is, rijdt in een soort van tank-achtig voertuig. Hij toetert en wijst, maar hij rijdt een stuk verder weg en heeft geen last van mij en ik niet van hem.
De wandeling die ik uitgezocht heb gaat flink op en neer, in de hoogte wel te verstaan. Via een flinke omweg door de bossen op de heuvels en af en toe langs weilanden gaat het naar de Wilhelminatoren. De dertig meter hoge Wilhelminatoren is een rijksmonument en in 1906 gebouwd met Limburgse mergel. Hier is normaliter van alles te doen, maar niet begin februari…
Ik loop verder door het bos en daarna dwars door de weilanden naar Kasteel Schaloen. Hier loop ik omheen en daarna gaat het weer omhoog. Ik kom nu langs enkele mergelgrotten maar die zijn helaas gesloten en verboden toegang. Met een mooi uitzicht over de geulvallei loop ik verder en kom met een omwegje uit bij de Kluis op de Schaelsberg, een kapel met een kluizenaarswoning erbij, nog een rijksmonument.
Er is hier ook een kruisweg, maar alle staties zijn op een steenworp afstand van elkaar. Meers iets voor luie gelovigen en niet zoals in Duitsland of Oostenrijk waar je een steile berg op moet om alle staties langs te gaan.
Na de Kluis neem ik het verkeerde pad, voornamelijk omdat ik om de Kluis heen ben gelopen en dacht het goede pad te hebben. Geen probleem, ik vind mijn weg weer terug naar de route met dank aan mijn TwoNav en de kaart die ik daarop heb.
Het gaat verder door de weilanden en uiteindelijk kom ik in Emmaberg uit. Van hieruit gaat het, voornamelijk door de bebouwde kom, weer richting station Valkenburg.


































































































Maar eerst pak ik alles in en kruis mijn vingers als ik mijn auto start. Dat gaat echter in één keer goed, ondanks 5 dagen in de vrieskou. Ook het parkeren valt reuze mee. Mijn auto stond recht voor de deur van mijn studio, langs de boulevard, en voor 5 dagen betaal ik iets meer dan 6 euro. Dat moet je in Nederland eens proberen.
De Dodendraad was een elektrische afrastering die de Duitsers in de 1ste Wereldoorlog opgezet hebben langs de Nederlands-Belgische grens van het Zwin bij Knokke tot de voorsteden van Aken. Het was de grens tussen oorlog en vrede. De Dodendraad moest voorkomen dat mensen de grens overstaken, dat was met manschappen alleen niet te doen.
Bij het Schalthaus kom ik Herman Janssen tegen. Hij is van de Heemkunde kring en is initiator van de constructies. Ook is hij medeauteur van een boek over de Dodendraad. We maken een praatje en Herman vertelt over de Dodendraad en de reconstructies. Bijvoorbeeld over het gebruik van kleine of grote isolators. De kleine zijn de oorspronkelijke en die zijn gevonden in de velden waar de draad gelopen heeft. De boeren konden alles gebruiken toen de Dodendraad afgebroken werd, de houten palen, de schrikkeldraad, maar hadden geen bestemming voor de isolators. Deze eindigden dus in de grond.
We lopen een stukje samen verder, Herman is een route van 10.000 stappen aan het uitzetten voor de Antwerpse gazet. Even verder blijf ik staan om een paar foto’s te maken van het winterse landschap. Herman vervolgt zijn weg richting dorp.
Als ik even later ook in Zondereigen aankom, zie ik daar diverse ‘lelijke eendjes’, oftewel 2CV’s. Er is blijkbaar een toertocht gaande want ik zie er later nog veel meer.
Ik loop Zondereigen weer uit en breng nog een klein bezoekje aan de plaatselijke dooienakker. Een stukje verder ben ik alweer bij mijn auto.
Zoals op de foto’s wel te zien, was het vandaag weer eens erg koud. Daarlangs stond er een snijdende ijskoude wind die het er niet beter op maakte. Het was gelukkig wel droog.











































In De Panne aangekomen, loop ik meteen naar het strand en vervolg ik mijn strandwandeling van gisteten met nog eens 5 kilometer totdat ik in Frankrijk aangekomen ben. Ik ben er inmiddels ook achter wat de industrie is die ik vooruit zie, daar waar regelmatig een flinke rookpluim uitkomt, dat is Duinkerke.
Bij de eerste bebouwing, bij Bray-Dunes, loop ik van het strand af en maak ik rechtsomkeert, maar dan wel door de duinen. Ik loop nu door de Franse duinen terug naar de grens. Gelukkig geeft mijn Twonav de hoofdroutes door de duinen goed aan zodat ik een beetje kan plannen waar ik uitkom. Dat is bij een soort van vakantie dorp, zonder naam, waar het spekglad is. Ik loop uiterst voorzichtig tussen de sta caravans en vakantie huisjes door naar het strand.
Op het strand aangekomen, loop ik de grens van Frankrijk en België weer over en vervolg mijn wandeling over het Grenspad het binnenland en de duinen in, de Belgische duinen deze keer. Via het Helmpad en een stukje van het Oostergrenspad loop ik een paar kilometer door de duinen naar De Panne.
Net buiten De Panne slaat het noodlot toe in ik mijn voet om. Gelukkig stond er een boom waar ik me aan kon vasthouden, anders was ik ook nog op mijn bek gegaan. Hoewel ik eigenlijk nog een stukje verder had willen lopen, besluit ik om de kortste route naar het centrum te nemen. Ik kan redelijk verder met mijn voet maar wil hem ook niet overbelasten.
Gelukkig komt er binnen een paar minuten al een tram, het valt wel mee met die stakingen.
Ik kan terugblikken op een zeer geslaagde week van wandelen langs de Belgische kust. Ik was gewaarschuwd dat de kust geflankeerd werd door een grote muur van appartement. Dat is deels waar gebleken. Dit is echter alleen het geval in de meeste dorpen de aan de kust liggen. Daartussen liggen nog wel enkele stukken natuur- en duinen gebied. Ook in de dorpen zijn er stukken waar de bebouwing zich beperkt tot laagbouw of in ieder geval geen 10 verdiepingskolossen van appartementen, zoals in De Haan waar het beperkt blijft tot 4 verdiepingen.
Ook liggen er tussen de grote appartementen blokken af en toe mooie parels van villa’s waarvan de eigenaren blijkbaar de verlokking van het grote geld kunnen weerstaan.
Gelukkig heb ik daar verder allemaal weinig last van gehad. Ik heb mijn wandelingen grotendeels over het strand of door de duinen gemaakt met als afwisseling een haven af en toe.
Vanmorgen toen ik broodjes ging halen bij plaatselijke Delhaize, viel er een beetje neerslag en het was spekglad. Gelukkig is het droog aks ik begin met wandelen in De Panne, glad is echter nog steeds. Verder is het, net als de afgelopen dagen, een stralende winterdag.































Ze zijn hier een nieuw casino aan het bouwen. Er wordt hier so-wie-so veel gebouwd. Alles wordt natuurlijk buiten het seizoen aangepakt.
Na een goede 3,5 kilometer ga ik van het strand af naar de boulevard van Westende. Hier vind ik Bar du Soleil en dat klopt, de zon schijnt. Tijd voor koffie. Ik heb me voorgenomen om vandaag regelmatig een pauze in te lassen.
Ik loop heel donkere lucht tegemoet. Ik hoop dat ik het droog houdt.
Maar ondertussen sta ik nog steeds voor de IJzer en zoals gewoonlijk is er geen rekening gehouden met de kustwandelaar. Ik kan nergens heen behalve terug. Dat wordt het dus, eerst een stukje door de duinen. Dat blijkt illegaal als ik rondom overal afrastering zie. Bij een interessant stuk afrastering ga ik terug het strand op. De afrastering hangt hier letterlijk in de lucht.
Er ligt hier ook een militair terrein en daar loop ik langs af om bij de jachthaven uit te komen. Ook hier loop ik omheen totdat ik bij een brug over de IJzer kom. Hier ligt een joekel van een monument, het Koning Albert I monument. Hier is ook een oorlogsmuseum gevestigd, Westfront Nieuwpoort. Het museum vertelt het verhaal van de vernieling van de stad in de 1ste wereldoorlog en hoe de onderwaterzetting van de poldervlakte, de Duitse invasie tot staan bracht.
Als ik de IJzer over ben, is het tijd voor een biertje. Er zijn diverse zaken naast elkaar langs de weg langs de IJzer. De meeste zijn echter dicht. Bij de eerste waar ik naar binnen ga vraag ik of ik een biertje kan drinken (stomme vraag, natuurlijk kan ik dat, ik bedoel te vragen of ze er een willen serveren). Als antwoord krijg ik “Nee, wij zijn een restaurant” en dat terwijl de zaak half leeg is. Rare jongens die Belgen.
Ik vervolg mijn weg langs de IJzer richting de zee. Hier loop ik meteen het strand op en dan volgt een strandwandeling van 10 kilometer. Ik loop langs Oostduinkerke en Koksijde tot ik bij De Panne aankom. Recht vooruit zie ik al een tijdje industrie liggen met af en toe een enorme rookpluim. Ik ben er nog niet helemaal uit, maar ik denk dat at Duinkerke is.
Tijdens het wandelen zie ik de zon ondergaan, niet in de zee maar achter de appartementen.
Als ik ’s morgens op het strand loop, zie ik donkere wolken voor me uit. Gelukkig schuiven deze steeds verder weg als ik vorder. Dat komt dus wel goed. Ik hou het de hele dag droog en eindig de dag met een stralend blauwe lucht.






































































































Ik neem de kusttram van het appartement, halte Oostende Northlaan, naar De Haan aan Zee. Als we op het station van Oostende stoppen, komen er enkele mannekes met een ladder die ze tegen de tram zetten. Dan wordt er boven op de tram iets geïnspecteerd en zijn ze weer weg. Ik hoop dat alles in orde was…
Als de boulevard ten einde is, volgt een verhard pad door de duinen. Na een klein stukje ga ik rechts het strand op. Ook vandaag maak ik een flinke strandwandeling, meer dan 8 kilometer. Precies om 10:49 uur is het eb, ik heb dus een flink breed strand tot mijn beschikking. Ik loop niet vlak langs de branding om de vele vogels die daar zitten niet te storen. Ook vertrouw ik de watergeulen niet, ik heb geen zin om ingesloten te raken.
Ik laat Bredene letterlijk links achter de duinen liggen en ga pas van het strand af als ik tegen de ingang van de haven van Oostende loop. Hier wacht mij een ‘rotswand’. Het valt wel mee, er ligt een hele rij met grote stenen waar ik overheen klim om op een looppad te komen.
Waar er in Zeebrugge veel bedrijvigheid was in en rond de haven, is het in de haven van Oostende doodstil, er gebeurt niets, zelfs de windmolen staat stil. Als ik dan een vrachtwagen zie, is het de vuilniswagen.
Al snel vind ik ’t Waterhuis tegenover het station. Eerst een koffie om warm te worden en dan een biertje omdat ik er al meer dan 13 kilometer op heb zitten. Eigenlijk wil ik wel blijven zitten, maar ik ben hier om te wandelen en dus zet ik me ertoe aan om de kou weer te trotseren voor het laatste stuk van deze etappe.
Ik loop weer richting boulevard en volg deze. Vanmorgen heb ik over het strand gelopen, nu loop ik over de boulevard, ook om een idee te krijgen wat er op de boulevard te doen is in de buurt van mijn studio. Ik loop langs de betonnen kolossen die hier langs het strand staan en kom ook langs mijn studio, kan ik even hallo zeggen tegen mijn auto die daar staat te wachten totdat het zaterdag is.
Een stukje na mijn studio zie ik dat nonkel Frank ook hier is geweest, er staat een steenmannetje in zee. Nou ja steenmannetje, zeg maar steenman. Zo te zien heeft Frank zich een breuk getild en ook nog natte voeten gekregen.
Tussen Oostende en Middelkerke gaat de kusttram pal langs het strand. Iedere keer als er een voorbij komt, resulteert dat in een enorme stofwolk. Tussen de rails heeft zich behoorlijk veel strandzand opgehoopt.
Na het openluchtmuseum verlaat ik de boulevard om een stuk door de duinen te lopen via een verhard pad. Het laatste stuk is dan onverhard en ik kom uiteindelijk bij de weg uit bij een hek. Gelukkig zijn hier al meer wandelaars doorheen gekropen en kan ik er zo door.
De dag begint grauw, maar als ik in de tram naar De Haan zit klaart het op en wordt het zonnig. De zonnebril kan weer op en blijft dat ook voor de rest van de dag. Als ik door de duinen loop, net voor Middelkerke, komt er lichte sluierbewolking op en vanaf de zee komt er een flink wolkenfront aan.

















































































































