Datum: 20241027
Tijd: 11:30 – 16:55
Afstand: 21,3 km
Overnachting: Comfort Inn, Owen Sound
Wandeling
Ik verlaat St. Catharines ook vandaag, ik ga naar Owen Sound om daar in de buurt stukken van de Bruce Trail te lopen. Ik vertrek op tijd zodat ik onderweg alvast een Bruce Trail wandeling kan maken in de buurt bij Eugenia Lake.
Nadat ik alles ingepakt heb, rij ik naar het beginpunt van mijn wandeling, iets meer dan 3 uur. Onderweg zoek ik nog een tankstation.
Naarmate ik dichter bij de Peninsula kom, wordt het een stuk rustiger op de weg.
Ik vind het beginpunt van mijn wandeling en parkeer de auto langs een zandweg, vlak bij de doorgaande weg en niet in het bos zoals in het boek aangegeven. Dat vind ik toch net iets beter.
Het boek is “40 Days & 40 Hikes, Loving the Bruce Trail one loop at a time” van Nicola Ross. Zoals de titel al aangeeft, bevat het boek rondwandelingen die zo veel mogelijk de Bruce Trail en de side trails gebruiken. Vandaag loop ik day 27.
Ik loop een klein stukje de zandweg omlaag om de Bruce Trail op te pikken. Dat lukt makkelijk en ik ben onderweg. Er schijnt een flets zonnetje door de bomen.
Het pad is moeilijk te zien door de grote hoeveelheid bladeren, herfst en zo. Gelukkig zijn er genoeg markeringen, ik kan bij iedere markering minstens 1, maar meestal de 2 of meer volgende markeringen zien. Als backup heb ik nog Gaia GPS, een app op mijn telefoon met een zeer gedetailleerde kaart. De Bruce Trail staat er uiteraard ook op.
Het gaat dwars door het bos, langs de Niagara Escarpment, vaak bovenlangs, maar ook regelmatig onderlangs, op en neer dus. De eerste waterval die ik tegenkom is Eugenia Falls. De route gaat helemaal naar een weg om met de brug het riviertje over te steken. Dat had ook makkelijker gekunnen, de rivier is op diverse plekken goed over te steken zonder natte voeten te krijgen. Dat is waarschijnlijk anders als er meer water doorheen gaat.
Het water van Eugenia Falls waait weg voordat het beneden op de rotsen terecht komt.
De vele bladeren hebben nog een nadeel, ze zijn glad en ik glijd een paar keer uit. Gelukkig kan ik iedere keer mijn evenwicht bewaren.
Nu volgt een lang stuk door het bos richting Hoggs Falls, deze zijn een stuk breder dan Eugenia Falls, maar minder hoog. Wel gaat er meer water door Hoggs Falls. Als ik bij het parkeerterrein aankom, kom ik een stel tegen dat me eerder tegemoet kwam. Blijkbaar hebben zij een korter rondje gemaakt want hij zegt “That was fast!”.
Nu volgt een stuk met veel planken paden en een aantal bruggen. Er vallen een paar druppels, eigenlijk de moeite niet waard. Wel zet ik even mijn capuchon op, voornamelijk om niet te veel druppels op mijn bril te krijgen, dat kijkt zo lastig.
De derde waterval is Stew Hilts Falls, daarvoor moet ik een side trail volgen, de Stew Hilts Side Trail. De waterval is namelijk alleen vanuit deze side trail te zien en niet vanuit de main trail. Het meest spectaculaire aan deze waterval is de rotspartij waar hij vanaf valt en niet het iele straaltje water dat naar beneden komt. Ik denk dat het het verkeerde seizoen is voor deze kleinere watervallen.
Als ik de main trail weer oppik, kom ik al snel bij de bewoonde wereld en een weg. Die volg ik een stukje en dan volgt een mooi stuk van de wandeling door en langs een aantal velden.
Uiteindelijk kom ik bij de Campbell’s / Graham’s Hill Side Track. Die voert me via zandwegen terug naar het begin van de wandeling. Terwijl ik over de zandweg loop, bel ik Ada even. In Nederland is het na tienen. Ada is goed thuis aangekomen en heeft het extra uurtje van de wintertijd op Dublin airport mogen doorbrengen, een extra uur wachten dus…
Eerst loop ik omlaag en zoals dat gaat moet dat ook weer omhoog gelopen worden. Het laatste stuk van de wandeling, zo’n anderhalve kilometer, gaat fors omhoog. Na 20 kilometer zwaar terrein en op en neer, ben ik daar minder blij mee. Gelukkig staat aan het eind mijn auto op me te wachten.
Ik rij nog een klein uurtje naar Owen Sound en check in bij de Comfort Inn. Snel douchen, even Sushi eten, nog een laatste biertje op de hotelkamer terwijl ik dit verslag uitwerk en dan naar bed. Ik ben moe genoeg.
Weer
Het weer wordt iets minder, het was voornamelijk bewolkt vandaag. De Indian Summer is afgelopen nu Ada weer naar huis is…
Songtekst van de dag
Vooral bos vandaag, ook daar heb ik een aardig nummer voor en alweer van een Canadese band (dezelfde). Rush met The Trees.
There is unrest in the forest
There is trouble with the trees
For the maples want more sunlight
And the oaks ignore their pleas
The trouble with the maples
(And they’re quite convinced they’re right)
They say the oaks are just too lofty
And they grab up all the light
But the oaks can’t help their feelings
If they like the way they’re made
And they wonder why the maples
Can’t be happy in their shade
There is trouble in the forest
And the creatures all have fled
As the maples scream ‘Oppression!’
And the oaks just shake their heads
So the maples formed a union
And demanded equal rights
‘The oaks are just too greedy
We will make them give us light’
Now there’s no more oak oppression
For they passed a noble law
And the trees are all kept equal
By hatchet, axe and saw



































































































De reis naar Pearson International verloopt voorspoedig, een paar kleine opstoppingen. We hoeven gelukkig niet heel Toronto door. Aan de andere kant staat veel meer file. Daar moet ik straks even goed naar kijken, anders neem ik een andere route.
Ik rij vanaf het vliegveld meteen door naar het begin van de Bruce Trail, dan kan ik nog een wandeling maken. Gisteren is dat er niet meer van gekomen omdat het donker was.
Ik volg de Bruce Trail een goed uur, iets meer dan 5km, door het bos en boven over de Niagara Escarpment. Daarna ga ik via een side trail terug, de Upper Canada Heritage Side Trail. Deze voert me een stuk terug naar een weg. Daarna moet ik mijn weg zelf terug zien te vinden. Dat lukt via een pad dwars door een groene strook tussen de velden en wijngaarden. Op het laatste stuk van dit pad ligt een dikke laag bladeren, je kunt me dus van veraf horen aankomen.
Ik loop een stukje door Queenston en duik dan weer de rimboe in. De zon is inmiddels onder gegaan, maar ik hoef nog maar een klein stukje door het bos en het is nog niet helemaal donker. Het laatste stukje loop ik over de General Brock Side Trail, die komt helemaal van Niagara-on-the-Lake hier naar het begin van de Bruce Trail.


























































Vandaag gaan we met Gerben naar Niagara-on-the-Lake, maar niet voordat Gerben ons een tour van de campus heeft gegeven. Brock University is flink groter dan ik had verwacht en de studenten hebben alle fasciliteiten die ze maar wensen. Er zijn meer dan 19.000 studenten aan Brock University, ter vergelijking, Maastricht heeft er meer dan 22.000. Maar in Maastricht is de campus over de hele stad verspreid.
We rijden in een half uurtje naar Niagara-on-the-Lake en parkeren de auto aan the lake. Van hieruit lopen we langs een golf terrein naar de monding van de Niagara River. Daar ligt ook Fort Mississauga, waar we rond omheen lopen. Aan de andere kant van de rivier ligt ook een groot fort, Old Fort Niagara. De andere kant van de rivier is de VS.
Ik heb op Google Maps gekeken en een leuke tent gevonden voor de lunch, The Olde Angel Inn, een echte Engelse pub met ook een echt Engels menu.
Blijkbaar zijn ze hier niet bang dat de dooien ontsnappen.
Die oorlog werd door de VS begonnen, tegen de Britten, om Canada “te bevrijden”. De Britten en Canadezen zagen dat echter niet zo zitten en nadat de Amerikanen Toronto platgebrand hadden en de Britten en Canadezen Washington, werd de oorlog door de Britten en Canadezen gewonnen (heel korte samenvatting).
Het regent nog steeds een beetje en we hebben het fort al rondom gezien, we slaan de binnenkant over en lopen terug naar het centrum. Daar ziet Ada een brouwerij, The Exchange Brewery, en dat lijkt ons een geschikte plek om even te gaan zitten. Gerben en ik gaan voor een 6 beer flight zodat we enkele bieren kunnen proeven en Ada neemt een cocktail.
Als we naar de auto lopen zien we de skyline van Toronto aan de andere kant van Lake Ontario. Die konden we voor de middag nog niet zien.































































Na het ontbijt rijden we naar Fort Erie, Old Fort Erie om precies te zijn. Helaas is het fort dicht, maar we kunnen er goed rond omheen lopen en het hele fort bewonderen. Het fort ligt langs Lake Erie en aan de andere kant zien we Buffalo liggen, in de VS. Ook hier loopt de grens dwars door het meer.
Nadat we bij Fort Erie een rondje gelopen hebben, rijden we naar Port Colborne. Als we aankomen hebben we geluk. Ze hebben hier ook zo’n grote ophaalbrug en die laten ze net weer zakken.
Er is hier een museum, het Port Colborne Historical & Marine Museum en daar gaan we een kijkje nemen. Ze hebben exposities over de verschillende industrieën die ze hier gehad hebben en een interactieve presentatie over de verschillende versies van het Welland Canal en de aanleg daarvan. Van dat laatste had ik me iets meer voorgesteld dan alleen een computer scherm, daar wilde ik graag meer van weten. Verder is er buiten het een en ander te doen, een klein openlucht museum.
Hier staat ook de Neff Steam Buggy, een van de oudste automobielen die in Canada zijn gemaakt, hier in Port Colborne.
Een stukje verderop, op het eiland met de toepasselijke naam “The Island”, kun je uitkijken over Lock 8. Het Welland Canal gaat van Lake Erie naar Lake Ontario om de Niagara watervallen te omzeilen. Het hoogte verschil is ongeveer 100 meter en dat wordt overbrugd door 8 sluizen (locks). In Port Colborne ligt Lock 8, vanaf Lake Ontario geteld de laatste sluis. Als we aankomen vertrekt er net een schip uit de sluis, richting Lake Ontario. Die heeft nog iets voor de boeg, de passage door het Welland Canal met zijn 8 sluizen duurt ongeveer 11 uur.
Lock 8 is 24,4 meter breed en met zijn 349,9 meter de langste sluis. Ter vergelijking, de langste sluis in Belfeld, die midden in de Maas, is 241 meter lang en 16 meter breed. De schepen zijn hier ook een flink stuk groter, zoals bijna alles. Dat heeft Canada met de VS gemeen, alles is hier groter…
Op de terugweg rij ik eerst naar Lock 7, daar kijken we nog even rond. Lock 7, 6, 5 en 4 liggen vlak bij elkaar en de weg die we volgen gaat daar vlak langs. Zo zien we dat de Glendale Avenue Bridge open staat, er komt een groot schip aan. We stoppen even om het schip onder de brug door te zien gaan.




























































Vandaag zien we Gerben weer, maar pas vanmiddag na zijn colleges. Eerst zoeken we een wasserette zodat ik mijn was kan laten doen. Ada gaat over een paar dagen naar huis, maar ik ben hier nog anderhalve week en zoveel kleren heb ik nu ook weer niet meegenomen. Helaas is er in deze AirBNB geen wasmachine, dus een wasserette.
Nadat ik mijn was ingeleverd heb, gaan we weer ontbijten bij Mom’s Donuts, dat was gisteren goed bevallen.
We gaan terug naar ons appartement en bergen alles op, het meeste in de koelkast. Daarna lopen we een blokje om en nemen een kijkje bij de kerk om de hoek, die heeft een karakteristieke toren, en lopen door het park dat hier ligt, Montebello Park.
Grondeekhoorns hebben dunne staarten en houden een winterslaap, terwijl boomeekhoorns een bossige staart hebben en het hele jaar door actief zijn. Ook zijn er twee soorten vliegende eekhoorns. In totaal zijn er zo’n 10-20 miljoen eekhoorns in Canada.
Om 3 uur pikken we Gerben op bij de uni en rijden we naar DeCew Falls. We parkeren bij het First Nations Peace Monument. We gaan een stuk lopen waar Gerben normaliter een rondje rent. Het blijkt weer een stuk van de Bruce Trail te zijn. Volgens Gerben is alles hier Bruce Trail 🙂
We lopen langs het water naar Lake Moodie en dan over een dijk daarlangs. Op de dijk staan borden met “No trespassing”, maar ook markeringen van de Bruce Trail. We besluiten die laatste te volgen en die eerste te negeren.
We zien nog een Blue Jay in de struiken zitten, een mooie blauwe vogel die zijn naam aan het een honkbal team heeft geleend, de Toronto Blue Jays. Je kunt hem op de laatste 3 foto’s bewonderen.
Na een tijdje willen wel weer in de bewoonde wereld komen, de zon gaat bijna onder. Dat lukt, net voor zonsondergang komen we bij een weg uit. Ada en Gerben lopen nu rustig verder, terwijl ik in mijn tempo vooruit loop om de auto te halen. Ada begint last van haar benen te krijgen.
Dat was een aardige wandeling vandaag die voor een flink stuk uit Bruce Trail bestond.








































































Ik heb gisteren een beetje op Google Maps gekeken en een aardig tentje gevonden om te ontbijten. We zouden daar naartoe kunnen lopen, 25 minuten, maar we willen een stuk van de Bruce Trail gaan lopen en we stoppen onderweg bij Mom’s Donuts. Dat blijkt een goede keuze te zijn, een prima ontbijt met eieren, bacon, omelet en toast. Helaas geen capuchino voor Ada, maar wel goeie koffie en thee.
We rijden naar het beginpunt van de wandeling, een parkeerplaats langs het Welland Canal. En dan bedoel ik het 4de Welland Canal. Het Welland Canal is de scheepvaartroute van Lake Erie naar Lake Ontario, om de Niagara falls te vermijden. Het hoogte verschil is zo’n 100 meter en dat wordt met 8 sluizen overbrugd. Zoals je uit het voorgaande stukje tekst al kunt afleiden, zijn er in de loop van de tijd verschillende versies van het Welland Canal geweest. De 4de variant is nu in gebruik en onze wandeling voert ons voor een deel langs versie 3. Het werk aan versie 1 werd in 1824 begonnen en toen had men nog 40 sluizen nodig.
Vlak bij onze parkeerplaats ligt een joekel van een ophaalbrug, de Glendale Avenue Bridge, oftewel bridge 5. Dit is een vertikale lift brug, als ik dat goed vertaald heb, het wegdek wordt tussen twee torens omhoog getild. De torens zijn behoorlijk hoog zodat schepen van maximaal 35 meter hoogte erdoor kunnen.
We beginnen onze wandeling langs Glendale Avenue, een drukke weg. Gelukkig kunnen we over het gras lopen van de General Motors St. Catharines Propulsion Plant, hier worden scheepsmotoren gemaakt. Even later steken we het 3de Welland Canal over, of in ieder geval wat er nog van over is, en meteen daarna gaan we rechts een smal pad op om een flink stuk langs dat kanaal te lopen. Rechts is het kanaal en links ligt de Royal Niagara Golf Club, ook een mooi uitzicht.
Het 3de Welland Canal is behoorlijk in verval geraakt. We herkennen de sluisbakken, maar die zijn op diverse stukken flink afgebrokkeld of totaal ingestort. Het waterniveau is ook erg laag, maar dat zal wel zo geregeld worden.
We gaan verder door het bos, dwars over het golf terrein. Nadat we het golf terrein achter ons laten, steken we een grote weg over. Hier is ook een parkeerplaats en meer volk op de been.
De route gaat verder door het bos, een vrij open bos hier. De bomen staan ver uit elkaar en er groeit niet veel tussen. Wel liggen er de nodige bomen plat. Aan de kant zien we op een gegeven moment Iejoor’s hut.
We nemen nu een side trail om een rondje te maken, de Margaret Kalogeropoulos Side Trail, dan weer een stukje Bruce Trail dat we al gehad hebben en de volgende side trail, de Wetland Ridge Side Trail. Ik had gezien dat vanaf deze side trail weer een andere side trail, de Niagara College Side Trail, naar de Niagara College Teaching Brewery gaat. Een prima plek voor een pauze. Helaas is de brouwerij dicht, maar de vlakbij gelegen Niagara College Teaching Winery is open en hier hebben ze ook al het bier van de brouwerij.
Het idee was dat Ada hier bleef zitten en dat ik een extra rondje zou lopen. We zitten echter zo goed, buiten op het terras, met mooi weer en een mooi uitzicht over de wijngaarden, dat ik ook blijf zitten en me een paar biertjes laat smaken.
Uiteindelijk besluiten we toch om verder te gaan. We lopen door een woonwijk en langs een drukke weg, Glendale Avenue, terug naar de auto.









































































We gaan vandaag nog eens naar Niagara Falls om de boot tour te doen. Ik kijk deze keer waar ik kan parkeren, we willen ook wel een stuk lopen. Het wordt Legends on the Niagara Golf Course, bij Chippawa.
We parkeren op het grote parkeerterrein van de golf club, plaats genoeg en gratis.
De opzichster echter niet. Het is niet de bedoeling dat we hier wandelen, maar we mogen doorlopen naar de Niagara River Parkway, daar wilde ik naar toe. Just watch your heads!
Aan het eind van de golf course klimmen we over de lage omheining en komen op een wandelpad langs de Niagara River terecht. Na een tijdje kunnen we de weg oversteken om de Niagara River Recreation Trail te volgen. Dat is een brug-achtig pad over het water. Ze hebben er echter 3 meter hoge omheiningen omheen gezet zodat het net een gevangenis is. Het traject gaat over de plek waar de Welland River in de Niagara River stroomt.
Even later komen we op bekend terrein, hier waren we vorige week ook, met Gerben. Bij Table Rock gaan we even lekker op het terras zitten, in de schaduw, met een biertje…
Uiteindelijk komt de boot weer terug en als iedereen er vanaf is, mogen wij erop. We varen eerst vlak langs de Amerikaanse waterval, erg indrukwekkend. Daarna gaan we de mist in bij de Horseshoe Falls. Hier is de poncho geen overbodige luxe, de vlagen water vliegen ons om de oren. Als we midden in de mist zitten, zien we eigenlijk niets, behalve regenbogen.
Als we weer terug zijn, blijkt dat we de laatste boot hadden, dat is mazzel hebben!
Hier drinken we een biertje en dan pakken we een Uber naar het parkeerterrein waar de auto staat.











































































































We zijn nog steeds in Kingston en we gaan vandaag naar Montreal. Dat is 3 uur rijden. We hadden nog gekeken of de trein of de bus een alternatief was. Maar dat was het niet. De trein kost 300 CAD per persoon, dat is ongeveer € 200. Dat vind ik te gortig. De bus doet er 4 uur over en is ook niet echt goedkoop. Gewoon met de auto dus.
Onderweg valt me, alweer, op dat er veel dode bomen langs de snelweg staan. Enig speurwerk leert dat dit de schuld is van de niet inheemse aziatische essenprachtkever. De larven nestelen zich net onder de bast van de Es en maken hier een netwerk. De boom is dan binnen de kortste keren dood. Ik hoop dat ze hier een remedie voor vinden.
Ik rijd kwa snelheid met het verkeer mee. Ik heb inmiddels geleerd dat de maximum snelheid die hier langs de snelweg aangegeven is, meer een suggestie is. Dat kan kloppen want niemand houdt zich eraan.
Als we in Montreal aankomen, rijden we zo een lange Baustelle in. Het dorp is nog niet af, dat belooft wat. We parkeren in een parkeergarage die ik uitgezocht heb en lopen dan richting de berg, Mont Royal. Onderweg gaan we nog bij Tim’s langs voor koffie en pizza.
Boven aangekomen vinden we een groot uitzichtpunt met een schitterend zicht op de stad. Het is druk, maar niet zo druk dat we niet goed kunnen kijken.
De meeste mensen blijven bij het grote uitkijkpunt hangen.
Daarna lopen we een stuk langs de oever naar de klokkentoren, van hieruit kunnen we de rivier overzien met de stalen Jacques Cartier brug. Het is inmiddels donker en overal zijn gekleurde lampen te zien.


















































Vandaag gaan we de 1000 Islands verkennen met een cruise vanuit Kingston. De tickets heb ik al gereserveerd en die moeten nog opgehaald worden bij een souvenir shop.
Nadat we onze tickets opgehaald hebben lopen we nog even rond, voornamelijk langs het water en we zoeken alvast de Kingston Brewing Company op, daar gaan we straks een paar biertjes drinken.
De 1000 Islands zijn eigenlijk 1864 eilanden variërend in grootte van enkele honderden vierkante meter tot onbewoonde rotsen. De criteria om een eiland te zijn hangen een beetje af van wie je het vraagt, maar ze zijn grofweg:
De boot gaat eerst de Saint Lawrence rivier op, richting the Heart of the Islands. In de verte kijken we over Lake Ontario uit en daarlangs op het land staan 86 wind turbines op Wolfe Island. Zoals gebruikelijk had het enig voeten in aarde voordat die gebouwd konden worden, uitzicht, geluid, slagschaduw, dode vogels, electromagnetisme, etc. Er werd zelfs een class action lawsuite aangespannen door de Amerikanen omdat hun uitzicht vervuild werd door de windmolens in Ontario. Gelukkig zonder succes.
De gebieden hier werden vroeger bewoond door diverse groepen van indigenous people. Ondanks dat ze elkaar elders de schedels insloegen, hadden ze in dit gebied een overeenkomst genaamd ‘Dish with one spoon’ waardoor ze in vrede met elkaar leefden.
De samenstelling is anders, maar de bomen hebben grofweg hetzelfde formaat. Aan de west kust, in de omgeving van Vancouver waar ik geweest ben, heb je gigantische bomen en bossen die vele malen groter zijn (rain forest trees).
Nu begint Dave een verhaal over het vissen en met name over het vissen op muskies, Amerikaanse snoek. Als je een musky gevangen hebt en hij ligt in je boot, dan heb je pas de helft van de strijd geleverd. Je hebt dan een vis van 2,5 meter met vlijmscherpe tanden die zich dwars door jou heen een weg wil banen naar het water.
Vroeger vroren de channels en de haven van Kingston in de winter dicht met 3 feet of ice, een kleine meter. Dat was al sinds duizenden jaren het geval. Men ging dan met paard en wagen en later met auto’s en trucks over de ice road, een weg tussen de eilanden over het ijs. Daar kwam in 1984 abrupt een eind aan omdat het ijs eerder begon te smelten dan verwacht. In 1984 we lost a family. Sinds die tijd is de ice road gesloten en nooit meer open gegaan. Sterker nog, afgelopen winter hadden ze open water all winter. De opwarming van de aarde speelt ook hier door.
Na de cruise gaan we, zoals gepland, naar de Kingston Brewing Company. Hier drinken we een aantal biertjes en blijven we ook meteen eten. Voordat we uitgebreid eten bestellen, bestellen we een Habanero Apple Cake. Blijkbaar is Habanero een van de meer pittige peper soorten. Dat is in de cake goed terug te proeven, een apart experiment en prima geschikt om je klandizie meer dorst te bezorgen.
Al sinds we bij de Kingston Brewery Company zitten, zien we veel mensen met een leren jack met ‘Queens Applied Science’ of alleen Queens erop. Ook andere kledingstukken met Queens lijken erg populair. Navraag leert dat dit weekend homecoming weekend is voor alle alumni van Queen’s University. Alle (oud)studenten van Queen’s komen dit weekend terug naar de plekken waar ze vroeger flink gezopen hebben, juist, de brouwerij.





































































De heenweg gaat voor het overgrote deel over de snelwegen. We rijden rustig aan want je mag hier maar 100 km/u en af en toe een stuk 110 km/u. Het lijkt er wel op dat ik de enige ben die zich aan de snelheid houdt, iedereen rijd me voorbij, inclusief de vrachtwagens. Dus toch maar een tandje erbij zodat ik meer met de rest van het verkeer meerijdt.
Nu is het eerst tijd om iets te drinken en een kleinigheid te nuttigen. We lopen een straat met terrassen in en vinden de Bier Markt, hier staat Erdinger prominent op het menu en hebben ze binnen een heuse Biergarten, ten minste een kleintje.
We proberen zo goed en zo kwaad als het kan onze route te vervolgen en komen zo langs het National War Memorial en de 8 locks (sluizen) in het Rideau Canal.
We maken onze ronde af en gaan bij de Notre Dame Cathedral Basilica naar binnen en lopen naar de voorkant van het parlementsgebouw waar de Centennial Flame staat, een (bijna) altijd brandende vlam in een monument met plaquettes voor alle 13 provincies en territories van Canada. De vlam zorgt ervoor dat het water in het monument nooit bevriest.
De terugweg is een stuk avontuurlijker dan de heenweg. De snelweg is ’s nachts afgesloten en ik rijd bijna 2 uur lang in het donker over meer en minder slechte lokale wegen, dwars door de 1000 Islands, naar Kingston. Dat is wel vermoeiend, vooral ook omdat ik de weg niet ken. Uiteindelijk komen we toch weer veilig bij onze AirBNB aan. Tijd voor een biertje terwijl ik dit verslag uitwerk.















































































