Datum: 20211214
Tijd: 10:10 – 17:30
Afstand: 29,5 km
Overnachting: Cozy Typical Dutch Apartments, Groningen
Wandeling
Vandaag loop ik weer een Groene Wissel en wel nummer 230, beginnend bij het station van Bad Nieuweschans. Ik besluit om met de trein te gaan, het station, Groningen Noord, ligt om de hoek. Op station Groningen moet ik overstappen en heb ik voldoende tijd om koffie te scoren bij de Kiosk.
In Bad Nieuweschans aangekomen, loop ik eerst door het dorp. Daarna ga ik onder de snelweg door en nu begint de eigenlijke wandeling. Lange rechte stukken door het weidse Groningse landschap. In het begin door jong aangeplant bos, de bomen mooi in rijen, en daarna veelal over graspaden langs kanalen en brede sloten.
Als ik eenmaal het dorp uit ben, voel ik me helemaal Remi, ik ben hier echt alleen op de wereld.
Als ik over de dijk langs het kanaal loop, zie ik veel zandhopen van mollen. Volgens mij moet je dat niet willen in een dijk.
Een stuk verderop kom ik langs een brandstapel. Die werd vast wel door de inboorlingen, van die gasten met een bot door hun neus, gebruikt om argeloze schepen de oever op te lokken zodat ze daarna geplunderd konden worden. Aangezien er hier echter maar weinig schepen varen, hadden de inboorlingen geen verdienmodel en zijn inmiddels uitgestorven. Het feit dat ik tot nu toe nog niemand met een bot door zijn neus gezien heb, bevestigd deze theorie.
In Bellingwolde loop ik langs de dooienakker. Ik zie kans om de sloot over te steken, niks spannends, gewoon via een plank, zodat ik hier ook overheen kan lopen. Het is echt een enorme dooienakker voor zo’n klein dorp. Ik denk dat ze alle dooien uit de omgeving verzamelen en hier neerleggen. Dat of ze zijn al heel lang aan het sparen.
In Oudeschans aangekomen loop ik over de stervormige vestigingsdijk. Ook hier is helaas nergens iets te krijgen. Dus hou ik maar een pauze bij een bankje met een Twix en wat water.
Van Oudeschans naar Bad Nieuweschans gaat het dwars door de weilanden, langs een brede sloot en later over een rustige weg.
Aan deze weg liggen een aantal kapitale boerderijen, waarvan een aantal totaal vervallen. Ik vraag me af of dat boeren zijn die uitgekocht zijn.
Als ik weer terug ben in Bad Nieuweschans, zoek ik een plek om een biertje te drinken. Helaas is nagenoeg alles dicht.
Alleen het restaurant bij de Thermen is open. Dit is een redelijk sjieke bedoening. Nadat ik mijn QR code en ID heb laten zien, krijg ik bij de receptie een polsbandje aangemeten. Hierop worden alle uitgaven geregistreerd.
Als ik mijn verslag wil bijwerken, krijg ik te horen dat mobieltjes uit den boze zijn. Geen probleem denk ik, als ik maar een biertje krijg. Dat lukt, maar mijn mobiel mis ik toch wel:
- Verslag bijwerken, gaat niet.
- Bier inchecken, gaat niet.
- Vertrektijd van de trein opzoeken, gaat niet.
- Kortste route naar het station opzoeken, gaat niet.
Om 10 over 4 komen ze al voor de laatste ronde. Ik heb mijn bier net pas ingeschonken en hou het dus maar bij die ene. Dan op de terugweg naar het station nog maar even bij de Coop langs voor een BVO-tje, een bier voor onderweg.
Weer
Vandaag was het een grijze bewolkte dag. Het grootste gedeelte van de dag was er net geen miezelregen, maar wel een heel hoge luchtvochtigheid. Soms miezerde het wel en een enkele keer vielen er echte druppels. In het begin waaide het flink en kon ik, langs het kanaal, flink uitwaaien. Later op de dag was de wind aanzienlijk minder.
Songtekst van de dag
Bad Nieuweschans ligt tegen de Duitse grens en dat is helemaal het oosten van het land. Daarom vandaag een songtekst van een van de betere woordspelers die we in Nederland hadden, Oost-Groningen van Drs. P.
Het land is vlak, de lucht bewolkt
Althans in ’t algemeen
Een koppig mensenras bevolkt
Het afgegraven veen
En wat betreft de nijverheid
In deze barre streek
Ik hoop niet dat u mij verwijt
Dat ik vrijmoedig spreek
Dat gaat met strokarton
Dat gaat met strokarton
Gewoonlijk in de schuur en bij mooi weer op het gazon
Een arbeid die na achttienhonderdzeventig begon
Ik heb het uit de allerbeste bron
En als u in Oost-Groningen
Eens met de mensen praat
In hun bescheiden woningen
Of anders maar op straat
Dan onderkent u gauw genoeg
Hoe men hier leeft en lijdt
Hoe men bijvoorbeeld ’s morgens vroeg
Gezamenlijk ontbijt
Dat gaat met strokarton
Dat gaat met strokarton
In hard gebakken reepjes of gesnipperd in bouillon
Het kon geen kwaad als u zich daar eens even op bezon
Ik heb het uit de allerbeste bron
Hier geldt een zedenleer waaraan
Men grote waarde hecht
En wie een misstap heeft begaan
Wordt onverwijld berecht
Dat gaat met strokarton
Dat gaat met strokarton
Behalve Tweede Paasdag, dan gebruikt men een kanon
Ja ja, die fiere veenbewoners kennen geen pardon
Ik heb het uit de allerbeste bron
Maar ook bedrijft men spel en sport
Begrijp mij niet verkeerd
Het kan erg leuk zijn en er wordt
Vrij veel gemusiceerd
Dat gaat met strokarton
Dat gaat met strokarton
Al klinkt het niet zo melodieus als een accordeon
De burgemeester luistert meestal op zijn voorbalkon
Ik heb het uit de allerbeste bron
’t Is verder nuttig dat u weet
In welk een vol ornaat
Men daar nog altijd wordt gekleed
Wanneer men trouwen gaat
Dat gaat met strokarton
Dat gaat met strokarton
Voor de geklede jas en de gestreepte pantalon
Natuurlijk wel een beetje dunner voor de bruidsjapon
Ik heb het uit de allerbeste bron
Soms wordt er in het veengebied
Een eeuwfeest aangericht
Waarbij dan iedereen geniet
Een kostelijk gezicht
Dat gaat met feestgedruis
Dat gaat met feestgedruis
U dacht misschien met strokarton maar neen, u bent abuis
Dat gaat gewoon met feestgedruis, de jubelzang incluis
Al hebben ze wel strokarton in huis





































































































































Vandaag blijf ik in Groningen. Het plan is om twee Groene Wissels te lopen die beiden vlak bij mijn appartement voorbij komen.
Deze route komt langs een aantal dooienakkers. Vrijwel meteen aan het begin kom ik al langs de Noorderbegraafplaats.
Onderweg loop ik over stukjes van het Pieterpad, hier hen ik dus al eens geweest met Gerben en Frank.
Dit zijn jaartallen volgens de Joodse kalender, die begint te tellen bij Anno Mundi, het jaar waarin de wereld werd geschapen. Het jaar 0 begint hier op 7 oktober 3761 jaar voor onze jaartelling (zie ook
De beheerder komt even kijken wat die rare snuiter op zijn akker komt doen en we maken een praatje. Hij vraagt of ik iemand zoek en wil eventueel het register er wel bij halen. Hij vertelt me dat de eerste dooienakker, langs de Joodse begraafplaats, een noodbegraafplaats is. Aan de andere kant van de Joodse begraafplaats ligt er nog een, hier liggen een aantal oorlogsmisdadigers. De noodbegraafplaatsen zijn aangelegd omdat Selwerderhof nog niet klaar was en toen kwam de oorlog ertussen.
Rondom sommige Joodse graven staat een hek. Waarschijnlijk waren ze bang dat diegene er weer uit zou klimmen…
Op Selwerderhof is een theehuis dat iedere dag open is. Gelukkig hebben ze ook koffie. Het theehuis wordt gerund door een heel oud stel en ze draaien echte oude kerstmuziek, waarbij Bing Crosby en Frank Sinatra het modernste zijn uit de playlist.
Als ik de eerste Groene Wissel af heb, is het later dan gedacht. Dat komt omdat ik uitgebreid op de dooienakkers rondgelopen heb. Ik besluit om de tweede Groene Wissel voor later in de week te bewaren en het centrum in te lopen. Op Untappd kijk ik waar er ergens goeie kroegen zijn. Er zijn ook een drietal badges te verdienen in Groningen.
Helaas is veel dicht, maandag… Maar gelukkig is er in een grote stad als Groningen altijd wel iets te doen en kom ik bij het Concerthuis terecht. Hier hebben ze een mooie selectie speciaal bieren, waarvan enkele op tap.
Uiteindelijk kom ik bij de Pintelier terecht, zoals de naam al aangeeft, een biercafé. Hier haal ik mijn eerste Groningse Untappd badge met een black IPA van Jopen. Om half 5 wordt de laatste ronde aangekondigd en daar maak ik nog gebruik van.
Nadat ik de noodgedwongen Pintelier verlaten heb, loop ik via een omweg terg naar mijn appartement. Het is donker en stil op straat.
































































































































Mijn eerste wandeling, nadat ik voor 8 uur ’s morgens in Baarlo vertrokken ben en in Duitsland lekker door heb kunnen rijden (nu kan het nog), is in Delfzijl. Als ik aankom kijk ik eerst of ik ergens koffie kan scoren. Gelukkig is Hotel boven Groningen open. Wel ben ik de enige gast. Nou ja, het is ook pas kwart voor 11 op zondagmorgen.
Ik loop meteen naar de Eems en de route volgt de komende 5km de dijk langs de Eems totdat ik bij de bunkers van Batterie Nansum kom. De Eemskust was een deel van de Atlantikwall. De luchtafweerbatterij bij Nansum was één van de zwaarste in Nederland en diende vooral ter verdediging van de Duitse havenstad Emden.
Het gaat verder door het vlakke Groningse boerenlandschap. Bij het Biesemerbos moet ik een alternatieve route zoeken, het pad langs de sloot is onbegaanbaar.
In Uitwierde loop ik een extra rondje (letterlijk) rond de kerk en over de dooienakker. Ook wierdedorp Biessum is cirkelvormig. Normaalgesproken is er dan een kerk in het midden, maar dat is hier niet het geval. Het dorp ligt rond een wierde, een kunstmatige verhoging en is bekend om zijn pruimenmarkt (waarom ook niet).
In Delfzijl loop ik via grindwandelpaadjes langs het Damsterdiep. Hier zie ik ook de rood wit markering van het kust pad.
De wedstrijd is erg spannend en de emoties lopen hoog op in café Centrum. Het is fucking hell hier en fucking hell daar. Uiteindelijk gaat het om de laatste ronde en wint Max op spectaculaire wijze.















































































Ik zie van hieruit de Schlegeis Stausee liggen en ik ben vlak bij de Olperer. Dat zijn bekende namen vanwege mijn
Maar eerst kijk ik vanuit de Panoramaterrasse over het skigebied uit. Onderaan bij de skilift is het van hieruit net een mierennest.
Op de Panoramaterrasse kun je een foto laten maken en dan downloaden via de website. Proof if presence…
Aangezien ik toch niet stil kan zitten en wandelingen ‘verzamel’, zoek ik op het terras een rondwandeling rond een Stausee uit, de Durlaßboden-Stausee bij Gerlos. Nagenoeg geen hoogteverschillen en niet te lang. Precies goed voor de zaterdagmiddag.
Het gaat weer dwars door de Alpen naar Gerlos. Er is file in de Alpen, maar gelukkig aan de andere kant. Daar zijn ze de koeien naar beneden aan het drijven. In Gerlos is genoeg te doen, feestje?
Ik loop een beetje op wisselende hoogte langs de Stausee, een mooie route ofwel ein Schöner Spaziergang. Langs de kant komen allemaal watervalletjes naar beneden die ervoor zorgen dat de Stausee niet leeg raakt. Na een kwart van de route gaat het verder over de weg. Geen probleem aangezien hier nagenoeg geen auto’s komen.
Als ik op de helft ben, kan ik een stuk doorlopen naar hotel Finkau. Dat stuk van de route ziet er echter niet zo leuk uit, dus ik loop door en gok erop dat ik bij de hut die ik gezien heb iets kan drinken. Na een tijdje begin ik te twijfelen of ik die hut wel tegenkom. Maar gelukkig zie ik hem even later liggen. Een biertje op de Bärschlagalm op 2cm hoogte (voor insiders).
Na mijn pauze loop ik de rest van de route, nog maar een klein stukje, maar wel over de Staudamm, terug naar de auto. Een leuke en makkelijke wandeling ter afsluiting van mijn wandelavonturen in het Zillertal.
Het weer was onveranderd prachtig vandaag. Alleen maar zon. Zelfs boven bij de gletsjer was het behoorlijk warm. Een mooie nazomerse dag in de Alpen.
































































































Omdat ik wel iets wil doen en ook wil lopen, ga ik met de Spieljochbahn naar boven. Die ligt hier om de hoek in het volgende dorp, Fügen.
Een beetje googelen (
Boven aangekomen loop ik de Gipfel van de Spieljoch (1920m) op. Daarna loop ik naar boven naar de Onkeljoch (2066m) om hier van het mooie uitzicht te genieten.
Ik was er op tijd bij, zo tegen 11 uur wordt het een stuk drukker. Tijd voor een Weißen op die Sonnenterasse.
Omdat ik nog maar weinig gelopen heb en ik tijd genoeg heb, besluit ik om naar die Zwischenstation van de Spieljochbahn te lopen. Ik gebruik de bergfex app om mijn route te bepalen door mijn doel in te geven. De app berekend voor mij dan de route (via wandelpaden wel te verstaan). Handige app voor hier in de bergen. Uiteindelijk is dat toch weer verder dan ik gedacht had en heb ik weer meer dan 1000m omlaag gelopen. Tja, kleine dingen heb je altijd…
Ik kom langs de Speichersee Arzjoch. Hier ligt ook een kapel tegen de berg, de Arzjochkapelle. Aan de binnenkant van de deur kun je je naam opschrijven, pennen zijn aanwezig.
Als ik op het terras zit, komt er een vrouw (die Chefin blijkt later) langs die Edelweiss uitdeelt. Ik neem aan gekweekt, plukken is verboden (zie ook
Omdat ik nog tijd heb, rij ik nog eens naar Alpbach, daar is een brouwerij, de Kristall Brauerei. Hier koop ik nog enkele biertjes voor thuis.


































































Ik rij vanuit Uderns naar de Lärchenwiese in Maurach. Hier begint mijn wandeling vandaag naar de Bärenkopf.
In Lärchenwiese is het even zoeken naar een plek om te parkeren, dit is een woonwijk met weinig tot geen parkeerplekken anders dan op privé terrein. Uiteindelijk vind ik aan het begin van het bos een plekje en kan ik beginnen met wandelen.
Langs de berg, door de bossen gaat het gestaag omhoog over een brede Försterweg naar de Weißenbachalm. Hier is een Jausenstation, maar die wordt gerenoveerd. Gelukkig hebben de Wirtin en de Wirt iets te drinken klaargezet en kan ik gewoon op het terras gaan zitten.
De Wirt zit in een ligstoel, onder een parasol, van het uitzicht te genieten en een beetje te lezen. Hij verwelkomt de wandelaars en maakt een praatje met ze. De Wirtin is bezig met poetsen en zo. Verschil moet er zijn…
De weg na de Weißenbachalm wordt al wat slechter en even later gaat het verder over een Steig. Ik kom nu meer en meer andere wandelaars tegen. Geen idee waar die vandaan komen, waarschijnlijk zit hier ergens een nest…
Als ik bij de driesprong op de berg aankom, kan ik kiezen. Of naar beneden naar de Achensee of nog even op en neer naar de top van de Bärenkopf. Ik ga uiteraard voor dat laatste. Het pad is breed maar steil en ik passeer enkele lastige stukken (met handen en voeten naar boven en een stuk met wel heel erg losse stenen). Dat zou allemaal niet zo’n probleem zijn, ware het niet dat het nest wandelaars nu helemaal opengebroken is. Man wat een drukte. Het lijkt wel of er een vestiging van Primark op de top is en dat alles voor half geld de deur uit gaat.
Bij de driesprong aangekomen volg ik de Steig naar beneden richting Achensee. Dat is een behoorlijk lastige Steig, vooral omdat alles nat is (en niet droog wordt in de schaduw) en daardoor glad. Ik had niet gedacht dat ik het ooit zou zeggen, maar mijn stokken zijn nu echt een uitkomst (lees anders was ik geheid op mijn snufferd gegaan).
Vanaf de Bärenbad-Alm gaat het via een breed pad naar beneden. Dus ik besluit mijn stokken op te bergen. Na de volgende bocht gaat de weg weer over in een Steig. Deze is echter goed te doen, ook zonder stokken. Het is hier niet zo glad, het pad heeft een andere samenstelling met meer zand.
Het aantal wandelaars is aanzienlijk verminderd en even later ben ik weer Remy terwijl ik afwisselend via de weg of de Steig naar beneden loop naar de Achensee.
Het weer was, zoals voorspeld, prachtig vandaag. Hoewel ik begon te lopen met bewolking in Maurach, was die snel verdwenen en bleef het de rest van de dag zonnig en, in de zon, zelfs erg warm.





































































Vandaag blijf ik in het dal en doe ik echt rustig aan. Ik wil morgen namelijk de Ahorn op. Ik ga langs de Ziller van Uderns naar Mayrhofen lopen en dan met de Zillertalbahn terug.
Ik loop eerst door het dorp, inclusief een rondje over de dooieakker. Hier zijn ze erg gecharmeerd van metalen kruisen en beeldjes op de graven.
Ik kom langs een grote brug, maar ik zie geen weg. Bij nader inzien blijkt het een van de stukken van B169 te zijn die een tunnel in gaat. Door die tunnel ben ik al een aantal keer heen gereden.
Als ik weer verder ga en even sta te kijken hoe ik het beste kan lopen, wordt ik aangesproken door een fietser. Hij heeft een vraag over mijn Garmin. Hij heeft er ook een en wil iets over de kaart weten. Zo komen we in gesprek en op een gegeven moment vraagt hij waar uit ‘Holland’ ik vandaan kom. Als ik zeg aus der Gegend von Venlo, moet hij lachen. Hij komt uit Kevelaer.
Ik loop verder door de weilanden en een hele tijd later moet ik min of meer verplicht de spoorwegbrug over. Aan de andere kant gaat het verder over het fietspad en later door een park-achtige omgeving.
In Mayrhofen loop ik naar de kabelbanen. Er zijn er twee, de Penkenbahn (daar kom ik als eerste bij uit) en de Ahornbahn. Ik wil alvast met de Ahornbahn omhoog om te zien hoe het boven is. Ik heb weer geluk, het is 14:43u en om 14:45u gaat er een Bergfahrt. Ik heb de gondel bijna voor mij alleen op een stelletje en de chauffeur na.
Het is maar goed dat ik vandaag eerst polshoogte neem, er ligt sneeuw op de Ahornspitze (die linkse dus), dat wordt dus niks morgen. Ik spreek een man en vrouw aan die vanaf de Edelhütte komen en vraag of ze op de Ahornspitze waren. Ze zijn ook niet verder gekomen dan de Edelhütte. Daar kregen ze te horen dat er te veel sneeuw en ijs op de Ahornspitze ligt voor Ungeübte.
Ongeacht mijn ervaringen van de afgelopen dagen vind ik mijzelf ook niet geübt om een zware bergwandeling door sneeuw en ijs te gaan maken. Change of plans dus.
Ik ga bij de Filzen Stadl zitten voor een bier. Ze hebben ook Bratkartoffeln mit Spiegelei en dat lijkt me ook wel wat. Meteen eten dus maar. Daarna loop ik boven nog een rondje voordat ik weer omlaag ga. Nu zit de gondel bijna helemaal vol met volk.
Terug in Mayrhofen loop ik door het dorp. Man wat is het hier toeristisch. Er zijn twee soorten winkels, de winkels die spullen verkopen voor bergtochten en de winkels die spullen verkopen voor toeristen (snuisterijen en plaatselijke specialiteiten). Ik ga nog even op een terras zitten voor een bier voordat ik de Zillertalbahn terug naar Uderns pak.
Het was vandaag prachtig weer in het dal, alleen maar zon. Hoog boven waren wel wolken te zien, maar die belemmerden de zon in het dal gelukkig niet.































































































































’s Morgens lekker door de Alpen crossen met Rush op de achtergrond. Het gaat naar Vorderlanersbach, daar parkeer ik de auto. Dan met de bus (4104) naar Finkenberg en met de Finkerberger Almbahn I en II naar boven naar het Penkenjoch.
Boven aangekomen is het eerst tijd voor koffie in het Penkenjochhaus. Rondom is het bewolkt, maar op de Penken (2095) is het droog, helder en soms zonnig.
De wandeling begint met een rondje rondom een kunstmatig meertje, vast wel aangelegd om te kunnen schaatsen in de winter. Hier langs is ook de Granatkapelle te vinden, een kapel met een wel zeer uitzonderlijke architectuur.
Dan gaat het naar de Wanglalm omhoog. Van daar uit verder richting de Wanglspitze. Een paar flinke steile stukken over een verder prima begaanbare grindweg. Een stuk onder de Wanglspitze buigt de route af.
Op een gegeven moment zie ik voor me het soort rots velden waar ik twee dagen geleden doorheen ben geploeterd. Vandaag gelukkig niet.
Uiteindelijk kom ik bij Bergrestaurant Lämmerbichl uit, tijd voor een pauze met Bier, Wurst und Brot.
In Vorderlanersbach is zo te zien niets open. Geen probleem, dan ga ik naar de Zillertal brouwerij. Helaas kan ik daar ook niets drinken, wel meenemen. Dus doe ik dat maar. Ik wordt doorverwezen naar hotel Bräu in Zell im Zillertal. Dus daar naartoe voor mijn welverdiende pint. Nadat ik een tijdje op het terras gezeten heb, ga ik toch even op zoek naar iemand van de bediening. Als ik iemand vind, is die niet erg enthousiast en zo traag als … Uiteindelijk blijkt hij wel graag te ouwe hoeren, maar hij blijft traag 🙂
Het was in principe prima wandelweer. Op enkele stukken door de mist na, waren de wolken voornamelijk ergens anders (maar wel zichtbaar). Het was in ieder geval droog en later op de dag zelfs erg zonnig.










































































































Mijn wandeling van vandaag begint in Alpbach. De burgemeester hier heeft verordend dat er alleen in de oorspronkelijke Tiroler stijl gebouwd mag worden, met veel hout en balkons en zo. Het resultaat mag er zijn. Ik vind dit een goed idee. Zo blijft de identiteit van Tirol ten minste op enkele plaatsen goed bewaard. Volgens mijn hotelbaas heeft het echter ook een keerzijde. Als je in Alpbach geboren en getogen bent en je hebt een stuk bouwgrond, dan ben je verplicht om in de oude stijl te bouwen. Niet iedereen wil dat of kan dat betalen. En zo is er altijd wat.
Als ik in Uderns vertrek is het weer bewolkt en een beetje mistig. Aangekomen in Alpbach is dat helaas niet veel veranderd. Gelukkig is het wel droog.
Het gaat eerst gemütlich omhoog door het dorp. Dan volg ik een steil bospad langs de beek met enkele trappen omhoog. Dit stuk is grotendeels goed begaanbaar met enkele rotsachtige stukken.
Ik loop over enkele almen en het is behoorlijk drassig op de almen.
Dan maar de Gipfö Hit in voor een bier, verse karnemelk met Himbeeren (omdat het kan en omdat ze dat hebben) en wat brood en worst.
Het gaat nu zig zaggend over de alm naar beneden met een zeer fraai uitzicht over het dal. Daarna over een Bringungsweg naar beneden, route A21. Normaliter zou dat saai zijn, nu echter niet, er is constant een prachtig uitzicht op het dal en de bergen. Het gaat al slingerend omlaag, relaxt lopen omdat het niet al te steil is.
Als ik in een bos kom (weg uitzicht), gaat de route linksaf het bos in. Het gaat nu over een smal pad een stuk steiler omlaag om even later weer bij dezelfde Bringungweg uit te komen, kwestie van een flinke bocht afsnijden.
Onder in het dorp aangekomen ga ik bij Hotel Post een Weißen drinken. Vanaf het terras heb ik een mooi uitzicht op de berg waar ik net vanaf kom. De top is alweer in wolken.
Het weer was prima vandaag, afwisselend zonnig en bewolkt. De wolken hebben niet al te veel van mijn uitzichten bedekt, dus dat is goed. Ondanks dat er in de morgen nog regen voorspeld was, is het toch de hele dag droog gebleven.



































































































































































Als ik ’s morgens in Uderns wegrijd, is het bewolkt en zelfs een beetje mistig. Gelukkig wordt het weer steeds beter naarmate ik bij mijn wandelbestemming van vandaag kom. Bij de Schlegeisstausee aangekomen is het zonnig en zijn de wolken vooral aan de andere kant van de Stausee te zien boven de gletsjers.
Om bij de Schlegeisstausee te komen, moet ik over de 13,3 km langen Schlegeis Alpenstraße (en tol betalen). Op deze Alpenstraße bevinden zich enkele indrukwekkende tunnels. Twee daarvan zijn precies één auto breed. Er wordt dan ook met stoplichten geregeld dat de Alpenstraße maar in één richting tegelijk gebruikt wordt.
De Schlegeisstausee is een van de grootste Stauseen in Tirol en Oostenrijk. Op 1785m bevindt zich de dubbel gekromde 725m lange en 131m hoge Schlegeis-Staumauer tussen de steile bergen. De Stausee bevat 126,5 miljoen m3 water. Het water gaat via 7,8 km buizen naar het Kraftwerk Roßhag en nadat er stroom opgewekt is, via 8,6 km buizen verder naar het Stillupspeicher
Na een klein stukje langs de Stausee gelopen te hebben, gaat het meteen steil omhoog, eerst over een paar rots trappen en daarna tussen de rotsen door. Dit blijft zo tot ik bijna bij de Olperer Hütte (2389m) ben. Het is een flinke klim en ik rust regelmatig even uit. Halverwege pak ik mijn nieuwe stokken uit om daar mee te experimenteren. Tussen de rotsen steil omhoog gaat inderdaad makkelijker met stokken.
Bij de Olperer Hütte is het tijd voor een Weißen, lekker in het zonnetje. Dat is wel warm op mijn hoofd, ik ben mijn hoed in de auto vergeten.
In het Friesenberghaus (2498m) wordt gitaar gespeeld door de vader van de eigenaresse (denk ik). Een goed repertoire van oude rock songs. Goed te hebben bij een Zillertal Weißen. Later zie ik op hun website dat vandaag de laatste dag was dat ze open waren dit seizoen. Heb ik effe mazzel!
Na deze tweede pauze gaat het terug naar de Stausee. De route wordt echter niet minder zwaar. Tot het laatste stuk blijf ik over rotsen en rotsblokken lopen. Wel zie ik het landschap rondom mij heen veranderen. Vrij plotseling is er weer begroeiing en staan er bomen. Halverwege begint het weer te regenen.
Ik ben begonnen met prima weer, veel zon. Geen jas nodig en spijt dat ik mijn hoed vergeten had. Halverwege de wandeling begon dat te veranderen en begon het te regenen. Na een tijdje werd het weer droog, maar tijdens de terugtocht naar de Stausee, begon het weer te regenen en hield het niet meer op.






















































































