Datum: 20241107
Tijd: 10:45 – 21:25
Afstand: 20,5 km
Wandeling
Vandaag is Lise jarig en we gaan wandelen, een deel van het Dommelpad.
Ik pak de trein van even over 9 uur in Blerick. In Eindhoven stap ik over op bus 317, die brengt me naar Valkenswaard. Dan nog een klein stukje lopen en ik ben op de Wolbergstraat om Lise en Sven op te pikken.
De conducteur van de trein heeft er zin in, hij begint iedere aankondiging met “Dames en heren, jongens en meisjes, beste reizigers” en hij klinkt zeer opgewekt. De aankondiging van Helmond als sportiefste stad van Nederland brengt de nodige hilariteit in de trein. Toch mooi dat iemand op deze simpele manier een hele trein vol mensen weer een beetje blijer kan maken.
In Eindhoven heb ik tijd om een koffie te scoren. Geen idee of die mee mag in de bus. Met die bus heb ik mazzel. Die staat op een andere plek dan gepland en overal aangegeven. Ik spot hem echter net op tijd zodat ik nog mee kan, de koffie mag ook mee.
Als ik bij Lise en Sven aankom, staat de koffie klaar. Nadat we even bijgepraat hebben, beginnen we aan onze wandeling.
We lopen door Valkenswaard, over de markt, richting Dommelen. We komen vandaag een aantal watermolens tegen, te beginnen met de Dommelse Watermolen.
Nu volgen we min of meer de Dommel, het gaat door bossen en velden, een mooie route.
Ik zocht een leuke pauze plaats en ik dacht dat we na Dommelen niets meer tegen zouden komen. Dommelen was vlak nadat we begonnen waren met lopen, dat was dus koffie met gebak geworden. Gelukkig weet Sven dat we langs de Volmolen komen, een perfecte plek voor de lunch.
Bij de Volmolen, ze hebben hier een dubbele watermolen aan de andere kant van de weg, nemen we een uitgebreide pauze en een paar pinten.
Na de lunch lopen we verder door de natuur. We komen een autoband aan een touw tegen en Lise en Sven proberen even uit of dat stevig genoeg is. Even verder komen we bij een vlonderpad. Dat is op sommige plekken erg glad, zeker daar waar er bladeren liggen.
Op sommige plekken is het erg modderig. Gelukkig hebben we alle drie goede schoenen aan. Na het modderigste stuk, vlak langs de Dommel, lopen we onder de snelwegen door en komen we aan de rand van de bebouwde kom van Eindhoven. Hier hebben we met Ada afgesproken bij een school. We zijn iets te vroeg en wachten dus even totdat Ada aan komt rijden. Daarna vervolgen we onze weg met zijn vieren.
We zien vandaag vrij veel paddenstoelen, die had ik in Canada een beetje gemist.
Het gaat verder door parken en de stad. In deze hoek liggen een paar leuke parken zoals de Genneper Parken. Uiteindelijk bereiken we ons voorlopige doel, de 100 Watt brouwerij. Hier drinken we een paar biertjes en dan gaan we verder naar Taphuys Eindhoven, daar wilde Lise graag naar toe en aangezien het haar verjaardag is… Het Taphuys heeft een aardige formule, er zijn er meerdere in Nederland, je koopt een kaart waar je tegoed opzet en dan kun je zelf tappen uit de diverse kranen aan de tap wand. Je kunt zo zelf doseren hoeveel je wil en dus ook eerste proeven of je een bier wel lekker vind. Helaas is het aanbod aan bieren redelijk standaard voor een echte bierliefhebber.
We besluiten de dag met een etentje bij Boca Grande en laten ons verassen met een 3 gangen diner van Mexicaanse lekkernijen.
Na het eten lopen nemen we afscheid van elkaar. Lise en Sven nemen de bus naar Valkenswaard en die vertrekt bij een bushalte in de buurt. Ada en ik lopen naar het station om daar de bus naar de auto te pakken. Wederom vertrekt de bus niet van het platform dat aangegeven staat. Het is een zooitje met die bussen daar in Eindhoven, dat hebben ze niet goed in de vingers. Gelukkig weten we wel de juiste bus te pakken te krijgen en die levert ons in de buurt van de auto af, een klein stukje lopen nog en Ada rijdt naar huis met mij als passagier.
Weer
Het was fris vandaag maar gelukkig droog. Eigenlijk prima wandelweer, op kou kun je je kleden.
Songtekst van de dag
Omdat we vandaag een jarige hebben, Birthday van de The Beatles.
They say it’s your birthday
It’s my birthday too, yeah
They say it’s your birthday
We’re gonna have a good time
I’m glad it’s your birthday
Happy birthday to you
Ah
Ah
Ah
Come on
Come on
Yes we’re going to a party party
Yes we’re going to a party party
Yes we’re going to a party party
I would like you to dance (Birthday)
Take a cha-cha-cha-chance (Birthday)
I would like you to dance (Birthday)
Dance yeah
Oh
Come on
I would like you to dance (Birthday)
Take a cha-cha-cha-chance (Birthday)
I would like you to dance (Birthday)
Oh dance! Dance
They say it’s your birthday
Well it’s my birthday too, yeah
They say it’s your birthday
We’re gonna have a good time
I’m glad it’s your birthday
Happy birthday to you

































































































Om kwart voor 9 komt de vriendelijke mevrouw van het motel voorrijden met een gele Jeep. Zij brengt ons naar het begin van onze wandeling vandaag. We hadden 9 uur afgesproken, maar ze wilde zeker op tijd zijn.
We lopen eerst naar de Bruce Trail en dan naar de oever van de baai en kijken over het water. Daarna klimmen we omhoog. De route van vandaag loopt boven over de escarpment, behalve als we over de ‘stranden’ lopen. Die stranden zijn rots / kiezel stranden. We hebben regelmatig een mooi uitzicht over waar we heen gaan, waar we vandaan komen en de eilanden van de Fathom Five National Marine Park. Dat Marine Park is een soort natuurreservaat waar ook een flink stuk water bij hoort. Hier liggen allemaal scheepswrakken en het Marina Park zorgt ervoor dat die goed bewaard blijven. Er mag wel naar gedoken worden. Verder zorgen ze uiteraard voor de flora en fauna in het park, zowel boven als onder water.
Als we bij de Georgian Bay Trail komen, nemen we die richting de Grotto. Dat is korter en loopt zich makkelijker. We snijden nu een klein stukje Bruce Trail af. Voordat we bij de Grotto komen, komen we bij een arch, een foto momentje voor Gerben.
Op dit gedeelte van de track komen we diverse keren toiletten tegen. Ook zijn de Bruce Trail paden een stuk duidelijker in de buurt van de Grotto. Dat heeft natuurlijk alles te maken met de populariteit van dit gedeelte van de Bruce Trail.
Nu gaan we het binnenland in om langs enkele kleinere meertjes te lopen, waaronder Loon Lake. Net als gisteren kunnen we niet echt vlakbij de meertjes komen omdat het hier moerasachtig is. We zien diverse keren chipmunks.
De route gaat een stukje over een weg en daarna foetelen we een beetje. De Bruce Trail loopt door het bos, maar er loopt ook een breed zandpad en de trail kruist dat zandpad een stuk verderop. We lopen over het zandpad om meters te maken en om onze benen een stukje normaal terrein te laten lopen.
We zijn nu met de laatste loodjes bezig. Bij het visitor centre vinden we de Lookout Tower. Hoewel we moe zijn, gaan we toch omhoog voor het uitzicht, 14 keer 8 treden, 112 in totaal. Van hieruit heb je een mooi uitzicht op de eilanden van de Fathom Five.
Nu we toch voor de brouwerij staan, gaan we ook maar meteen iets drinken en eten. En we nemen nog een paar blikken Bruce Trail mee voor op onze motelkamer.
























































































































Voor onze wandeling moeten we een stuk rijden, terug waar we gisteren vandaan kwamen, maar niet zo ver. Na 22 kilometer verlaten we de Highway 6 en gaan via steeds mindere wegen naar de plek waar onze wandeling begint. Het laatste stuk gaat over een dirt road, zandweg. De kwaliteit daarvan is eigenlijk prima, alleen de auto wordt er behoorlijk smerig van, vooral de velgen.
Onze wandeling begint met een stuk side trail, de Cape Chin Meadows Side Trail, deze voert ons door het bos naar de main trail. Die loopt hier weer boven over de escarpment en langs het water, de Georgian Bay. De bomen belemmeren wel het zicht een beetje, maar af en toe is er een plek waar geen bomen staan en waar je een prachtig uitzicht over het water en de kustlijn hebt. Dat uitzicht doet me denken aan de South West Coast Path. Dat hebben ze bij de Bruce Trail ook gedacht want dit stuk is een Friendship Trail met de SWCP!
Na een tijdje komen we bij het Devil’s Monument, een losstaande grote rots die onderaan veel smaller is dan boven. Ze hebben er een heel uitzichtplatform aan gewijd waar je een goed zicht hebt op de rots.
Het volgende dat we op de trail tegen komen is Michigander’s Arch, een rotsformatie waar je onderdoor kunt kijken naar de bomen aan de andere kant. We zijn nu op het punt beland waar we aan de terugweg beginnen. Maar eerst nemen we een kleine pauze met een banaan, die hebben we vanmorgen ook meegenomen bij de supermarkt, en water.
De terugweg gaat via side trails, de Anne & Clayton Roberts Side Trail, de Cottrill Lake Side Trail, de Lillie Family Side Trail (dat is de familie die de potholes gemaakt heeft) en de Minhinnick Side Trail. Die laatste lijkt wel geveegd te zijn, langs het pad ligt overal een dikke laag bladeren en op het pad bijna niets. Dat loopt wel een stuk aangenamer, als je kunt zien waar je je voeten neerzet.
Als we een stukje op de Otter Lake Side Trail zitten, zie ik iets onverwachts. Tegen een boom, net iets boven ooghoogte groeit een speciale paddestoel, de Lion’s Mane (pruikenzwam op zijn Nederlands, maar dat klinkt een stuk minder goed). Lion’s Mane zou het cognitieve vermogen verbeteren en is onderdeel van de Paul Stamet’s Stack, een mix van paddo’s om de hersen functies te versterken. Ik had niet verwacht die in het wild tegen te komen.










































































































Het motregent een beetje als ik bij het hotel vertrek en ik denk nog “het valt wel mee”. Niet dus, onderweg komt het er goed uit en als ik in Wiarton aankom regent het dat het giet. Ik verken alvast de plek waar ik wil parkeren en rij dan terug het dorp in. Ik ga eerst even koffie drinken om te wachten totdat de regen stopt. Het wordt een doppio bij Lost Art Espresso.
Na een tijdje over een ongelijk pad, want rotsen, gelopen te hebben, kom ik bij een trap omhoog. De trap bestaat uit rots treden en een metalen railing die betere tijden gekend heeft en her en der niet meer echt vast zit. Op het laatst is er de spiral staircase, een metalen wenteltrap. Ik hoop dat deze steviger is dan de railing…
Nu gaat het verder door open terrein, maar wel nog steeds met een rotsachtige ondergrond. Er zitten allemaal spleten in de rotsen op de grond, hier moet je je voeten niet verkeerd neerzetten…
Ik moet nu een beslissing nemen, ik kan verder lopen, ik kan via een side track terug lopen of ik kan via een weg terug lopen. Mijn rechter knie wil in ieder geval niet verder en aangezien de side trail waarschijnlijk via moeilijk terrein gaat, kies ik voor de weg. Omlaag dus zodat mijn knie de komende kilometers wat ontlast wordt.
Na de pauze loop ik een lang stuk over de weg vlak langs het water. Hier liggen een aantal leuke optrekjes, rechts van de weg, en ze hebben bijna allemaal een zithoek en / of boot pier aan het water, links van de weg. Het is een doodlopende weg dus lekker rustig. Wel loop ik nu tegen de wind in, jas dicht dus.
Een ding moet je die Canadezen wel nageven, als ze iemand hebben waar ze iets naar willen vernoemen, dan gaan ze er ook voor. Bruce Peninsula, Bruce County, Bruce Trail, Bruce dit en Bruce dat. Zo’n beetje de helft van de bedrijven hier heeft Bruce in de naam.









































































































































Ik heb voor vandaag een route uitgezocht die hier door Owen Sounds loopt. Het beginpunt van de wandeling is maar iets meer dan 1 kilometer verderop aan dezelfde weg waar mijn hotel aan ligt. Toch neem ik de auto, wellicht word ik er straks niet blij van om dat stuk(je) nog extra te moeten lopen. Maar goed dat ik dat gedaan heb, de route gaat langs een drukke weg en is niet echt geschikt om langs te lopen.
Het beginpunt van de wandeling ligt vlak bij de Centennial Tower. Die stelt niet heel veel voor, een uitkijktoren zoals we die in Baarlo ook hebben langs de Maas, alleen dan van beton en anderhalf keer zo hoog. Het uitzicht kan ik helaas niet beoordelen, temporarily closed.
Ik heb in ieder geval de Bruce Trail gevonden en het gaat meteen loos, ik werk me binnen de kortste keren in het zweet. Ik loop tussen rotsen, het hoogte verschil valt wel mee, het is vooral de onbegaanbaarheid van het pad dat het me lastig maakt. Gelukkig heb ik de nodige steun aan bomen en rotsen. Op een gegeven moment staat er een bord “For Hiking Only”, nogal wiedes, een paard had allang alle benen gebroken en mountain biken lukt je hier ook niet tenzij je hem op je nek neemt.
Ik moet goed kijken waar ik mijn voeten neerzet, de rotsen zijn in principe niet glad behalve als er mos op groeit (groen). De bladeren maken het er niet makkelijker op. Het zweet druppelt letterlijk van mijn hoofd.
Zoals je op de foto’s wellicht al opgemerkt hebt, wordt de Bruce Trail gemarkeerd met patches, witte rechthoekige markeringen. Een enkele patch betekent doorgaan op het pad, twee patches boven elkaar geven een verandering van richting aan in de richting van de bovenste patch. Een T gevormd door twee patches markeerd het einde van een track. Dat komt voornamelijk bij de side tracks voor die blauwe patches gebruiken.
Een deel van de rotsen op de grond ligt los, daar moet ik mee oppassen. Maar goed dat ik mijn braces heb, dit is uitermate slecht voor mijn knieën.
Wat me opvalt, vandaag maar ook de voorgaande dagen, is dat ik weinig tot geen paddenstoelen zie. Wel zie ik elfenbankjes op (rotte) bomen, maar bijna geen paddenstoelen. Het is vochtig genoeg en de temperatuur is er ook naar. Bij ons thuis zou alles nu vol staan met allerlei soort paddo’s.
Ik kom op meer open terrein, dat wil zeggen er is meer ruimte tussen de bomen en de aanplant is allemaal een stuk jonger. Dat loopt zich ook beter. Ik heb ongeveer anderhalf uur gedaan over de eerste 3 kilometer!
En dan kom ik bij Inglis Falls, die zijn erg mooi. Ik laat de foto’s voor zichzelf spreken.
Ik kom nu bij een beslis moment, ga ik verder met de route of ga ik richting Harrison Park? Het volgende stuk van de day 32 wandeling gaat een flink stuk over wegen en daarna dezelfde route weer terug. Dat zijn twee dingen die ik niet leuk vind. Ik loop dus richting Harrison Park via de Creamery Hill Side Trail.
De Harrison parkeerplaats ligt nog steeds op de side trail, wel was er een aftakking van een andere side trail een stukje terug. Het gaat verder over een asfalt pad naar weer een parkeerplaats met een restaurant, maandag gesloten… Dan maar een reep en water, maar wel een pauze op een van de picknick banken.
Dan zie ik een grote roofvogel in een boom zitten. Hij blijft mooi zitten zodat ik enkele foto’s kan maken. Hij houdt me wel in de gaten en maakt aanstalten om weg te vliegen. Gelukkig bedenkt hij dat ik op de grond sta en geen bedreiging vorm. Later zoek ik op welke vogel het was, het was een roodkopgier.
Aangezien het nog vroeg is, besluit ik om naar het water te rijden. Owen Sound ligt aan een inham van de Georgian Bay. Hier vind ik zo maar een brouwerij, gevestigd in een oud stationsgebouw. De spoorweg ligt hier al lang niet meer. Heb ik dat weer…































































































































Ik vind het beginpunt van mijn wandeling en parkeer de auto langs een zandweg, vlak bij de doorgaande weg en niet in het bos zoals in het boek aangegeven. Dat vind ik toch net iets beter.
Het pad is moeilijk te zien door de grote hoeveelheid bladeren, herfst en zo. Gelukkig zijn er genoeg markeringen, ik kan bij iedere markering minstens 1, maar meestal de 2 of meer volgende markeringen zien. Als backup heb ik nog Gaia GPS, een app op mijn telefoon met een zeer gedetailleerde kaart. De Bruce Trail staat er uiteraard ook op.
Het water van Eugenia Falls waait weg voordat het beneden op de rotsen terecht komt.
Nu volgt een stuk met veel planken paden en een aantal bruggen. Er vallen een paar druppels, eigenlijk de moeite niet waard. Wel zet ik even mijn capuchon op, voornamelijk om niet te veel druppels op mijn bril te krijgen, dat kijkt zo lastig.
Als ik de main trail weer oppik, kom ik al snel bij de bewoonde wereld en een weg. Die volg ik een stukje en dan volgt een mooi stuk van de wandeling door en langs een aantal velden.
Eerst loop ik omlaag en zoals dat gaat moet dat ook weer omhoog gelopen worden. Het laatste stuk van de wandeling, zo’n anderhalve kilometer, gaat fors omhoog. Na 20 kilometer zwaar terrein en op en neer, ben ik daar minder blij mee. Gelukkig staat aan het eind mijn auto op me te wachten.

































































































De reis naar Pearson International verloopt voorspoedig, een paar kleine opstoppingen. We hoeven gelukkig niet heel Toronto door. Aan de andere kant staat veel meer file. Daar moet ik straks even goed naar kijken, anders neem ik een andere route.
Ik rij vanaf het vliegveld meteen door naar het begin van de Bruce Trail, dan kan ik nog een wandeling maken. Gisteren is dat er niet meer van gekomen omdat het donker was.
Ik volg de Bruce Trail een goed uur, iets meer dan 5km, door het bos en boven over de Niagara Escarpment. Daarna ga ik via een side trail terug, de Upper Canada Heritage Side Trail. Deze voert me een stuk terug naar een weg. Daarna moet ik mijn weg zelf terug zien te vinden. Dat lukt via een pad dwars door een groene strook tussen de velden en wijngaarden. Op het laatste stuk van dit pad ligt een dikke laag bladeren, je kunt me dus van veraf horen aankomen.
Ik loop een stukje door Queenston en duik dan weer de rimboe in. De zon is inmiddels onder gegaan, maar ik hoef nog maar een klein stukje door het bos en het is nog niet helemaal donker. Het laatste stukje loop ik over de General Brock Side Trail, die komt helemaal van Niagara-on-the-Lake hier naar het begin van de Bruce Trail.


























































Vandaag gaan we met Gerben naar Niagara-on-the-Lake, maar niet voordat Gerben ons een tour van de campus heeft gegeven. Brock University is flink groter dan ik had verwacht en de studenten hebben alle fasciliteiten die ze maar wensen. Er zijn meer dan 19.000 studenten aan Brock University, ter vergelijking, Maastricht heeft er meer dan 22.000. Maar in Maastricht is de campus over de hele stad verspreid.
We rijden in een half uurtje naar Niagara-on-the-Lake en parkeren de auto aan the lake. Van hieruit lopen we langs een golf terrein naar de monding van de Niagara River. Daar ligt ook Fort Mississauga, waar we rond omheen lopen. Aan de andere kant van de rivier ligt ook een groot fort, Old Fort Niagara. De andere kant van de rivier is de VS.
Ik heb op Google Maps gekeken en een leuke tent gevonden voor de lunch, The Olde Angel Inn, een echte Engelse pub met ook een echt Engels menu.
Blijkbaar zijn ze hier niet bang dat de dooien ontsnappen.
Die oorlog werd door de VS begonnen, tegen de Britten, om Canada “te bevrijden”. De Britten en Canadezen zagen dat echter niet zo zitten en nadat de Amerikanen Toronto platgebrand hadden en de Britten en Canadezen Washington, werd de oorlog door de Britten en Canadezen gewonnen (heel korte samenvatting).
Het regent nog steeds een beetje en we hebben het fort al rondom gezien, we slaan de binnenkant over en lopen terug naar het centrum. Daar ziet Ada een brouwerij, The Exchange Brewery, en dat lijkt ons een geschikte plek om even te gaan zitten. Gerben en ik gaan voor een 6 beer flight zodat we enkele bieren kunnen proeven en Ada neemt een cocktail.
Als we naar de auto lopen zien we de skyline van Toronto aan de andere kant van Lake Ontario. Die konden we voor de middag nog niet zien.































































Na het ontbijt rijden we naar Fort Erie, Old Fort Erie om precies te zijn. Helaas is het fort dicht, maar we kunnen er goed rond omheen lopen en het hele fort bewonderen. Het fort ligt langs Lake Erie en aan de andere kant zien we Buffalo liggen, in de VS. Ook hier loopt de grens dwars door het meer.
Nadat we bij Fort Erie een rondje gelopen hebben, rijden we naar Port Colborne. Als we aankomen hebben we geluk. Ze hebben hier ook zo’n grote ophaalbrug en die laten ze net weer zakken.
Er is hier een museum, het Port Colborne Historical & Marine Museum en daar gaan we een kijkje nemen. Ze hebben exposities over de verschillende industrieën die ze hier gehad hebben en een interactieve presentatie over de verschillende versies van het Welland Canal en de aanleg daarvan. Van dat laatste had ik me iets meer voorgesteld dan alleen een computer scherm, daar wilde ik graag meer van weten. Verder is er buiten het een en ander te doen, een klein openlucht museum.
Hier staat ook de Neff Steam Buggy, een van de oudste automobielen die in Canada zijn gemaakt, hier in Port Colborne.
Een stukje verderop, op het eiland met de toepasselijke naam “The Island”, kun je uitkijken over Lock 8. Het Welland Canal gaat van Lake Erie naar Lake Ontario om de Niagara watervallen te omzeilen. Het hoogte verschil is ongeveer 100 meter en dat wordt overbrugd door 8 sluizen (locks). In Port Colborne ligt Lock 8, vanaf Lake Ontario geteld de laatste sluis. Als we aankomen vertrekt er net een schip uit de sluis, richting Lake Ontario. Die heeft nog iets voor de boeg, de passage door het Welland Canal met zijn 8 sluizen duurt ongeveer 11 uur.
Lock 8 is 24,4 meter breed en met zijn 349,9 meter de langste sluis. Ter vergelijking, de langste sluis in Belfeld, die midden in de Maas, is 241 meter lang en 16 meter breed. De schepen zijn hier ook een flink stuk groter, zoals bijna alles. Dat heeft Canada met de VS gemeen, alles is hier groter…
Op de terugweg rij ik eerst naar Lock 7, daar kijken we nog even rond. Lock 7, 6, 5 en 4 liggen vlak bij elkaar en de weg die we volgen gaat daar vlak langs. Zo zien we dat de Glendale Avenue Bridge open staat, er komt een groot schip aan. We stoppen even om het schip onder de brug door te zien gaan.




























































Vandaag zien we Gerben weer, maar pas vanmiddag na zijn colleges. Eerst zoeken we een wasserette zodat ik mijn was kan laten doen. Ada gaat over een paar dagen naar huis, maar ik ben hier nog anderhalve week en zoveel kleren heb ik nu ook weer niet meegenomen. Helaas is er in deze AirBNB geen wasmachine, dus een wasserette.
Nadat ik mijn was ingeleverd heb, gaan we weer ontbijten bij Mom’s Donuts, dat was gisteren goed bevallen.
We gaan terug naar ons appartement en bergen alles op, het meeste in de koelkast. Daarna lopen we een blokje om en nemen een kijkje bij de kerk om de hoek, die heeft een karakteristieke toren, en lopen door het park dat hier ligt, Montebello Park.
Grondeekhoorns hebben dunne staarten en houden een winterslaap, terwijl boomeekhoorns een bossige staart hebben en het hele jaar door actief zijn. Ook zijn er twee soorten vliegende eekhoorns. In totaal zijn er zo’n 10-20 miljoen eekhoorns in Canada.
Om 3 uur pikken we Gerben op bij de uni en rijden we naar DeCew Falls. We parkeren bij het First Nations Peace Monument. We gaan een stuk lopen waar Gerben normaliter een rondje rent. Het blijkt weer een stuk van de Bruce Trail te zijn. Volgens Gerben is alles hier Bruce Trail 🙂
We lopen langs het water naar Lake Moodie en dan over een dijk daarlangs. Op de dijk staan borden met “No trespassing”, maar ook markeringen van de Bruce Trail. We besluiten die laatste te volgen en die eerste te negeren.
We zien nog een Blue Jay in de struiken zitten, een mooie blauwe vogel die zijn naam aan het een honkbal team heeft geleend, de Toronto Blue Jays. Je kunt hem op de laatste 3 foto’s bewonderen.
Na een tijdje willen wel weer in de bewoonde wereld komen, de zon gaat bijna onder. Dat lukt, net voor zonsondergang komen we bij een weg uit. Ada en Gerben lopen nu rustig verder, terwijl ik in mijn tempo vooruit loop om de auto te halen. Ada begint last van haar benen te krijgen.
Dat was een aardige wandeling vandaag die voor een flink stuk uit Bruce Trail bestond.







































































