Datum: 20241219
Tijd: 11:10 – 17:40
Afstand: 14,9 km
Overnachting: thuis
Wandeling
Na een goede nachtrust en een ontbijt met Chocomel bedenk ik wat ik vandaag ga doen. Het regent en hoewel het momenteel niet hard waait, is er ook voor vandaag behoorlijk wat wind voorspeld. Geen weer om door het open landschap te lopen. Ik besluit om naar Amsterdam te gaan en daar een wandeling te maken, beschut voor de wind door de bebouwing.
Mijn reis naar Amsterdam plannende zie ik dat er om de hoek een station ligt, Zaanse Schans, dat is lekker makkelijk. Op dit station kan ik zelfs nog koffie krijgen voordat ik in de trein stap.
Op Amsterdam Centraal breng ik eerst mijn rugzak naar de bagagekluisjes, dat loopt een stuk makkelijker. Dan koop ik een paraplu, een grote, niet zo’n kleine opvouwbare, omdat het behoorlijk regent hier.
Ik heb een Vinexwandeling uitgezocht, een wandeling in twee delen door de Vinex-wijken in het Oostelijk Havengebied en IJburg. Vandaag ga ik architectuur bekijken. Eigenlijk had ik Sandy nu bij me moeten hebben.
Een Vinex-wijk is een woonwijk uit de jaren 1995 – 2005 gebouwd op een locatie volgens de Vierde Nota ruimtelijke ordening Extra. Het is echter synoniem geworden voor grootschalige nieuwbouwprojecten in het algemeen.
Na mijn research weet ik nu alles van Vinex-wijken, bloemkoolwijken, strokenbouw en stempelstructuur.
Via de Jan Schaeferbrug loop ik naar Java eiland. Hier loop ik dwars door het woongebied, ontworpen door de Amsterdamse architect Sjoerd Soeters in de jaren 90. Het is een aaneenschakeling van relatief kleine appartementsgebouwen. Van Java eiland ga ik naar KNSM eiland, hier staat veelal hoogbouw. Hier vind ik ook Kanis en Meiland waar ik een lunchpauze inlas, een uitsmijter met een bok biertje. Ter afsluiting van de lunch neem ik nog een Mokums Overdreven IJwit, een variant op het normale IJwit van brouwerij ’t IJ ter ere van 750 jaar Amsterdam, op 27 oktober volgend jaar, met, hoe kan het ook anders, 7,5% alcohol.
Na mijn pauze gaat het verder langs het water, daar overheen en door het Oostelijk Havengebied. Het regent nu echt flink. Uiteindelijk kom ik bij een tramhalte waar ik tram 26 naar IJburg neem. Daar is het tweede gedeelte van mijn wandeling.
IJburg bestaat uit meerdere eilanden maar ik loop eerst naar het Diemerpark.
Daar loop ik langs het water met daar overheen uitzicht op de woonblokken. In het Diemerpark houdt het zowaar op met regenen! Via Steigereiland loop ik terug naar IJburg. Op Steigereiland staan de wooneenheden in het water, verbonden door steigers, metalen loopbruggen.
Ik kom tijdens mijn wandeling door IJburg door diverse binnenstraten die er allemaal anders uitzien. Als ik langs de IJburgbaai loop, heb ik een mooi wijds uitzicht. Hier vind ik ook een rode bank van 100 meter lang, een kunstwerk met de titel Space to take Place.
Bijna aan het eind van mijn wandeling kom ik bij de jachthaven en daar is het tijd voor een biertje. Het begint net weer flink te regenen met zelfs hagel erbij. Ik kan dus mooi op tijd naar binnen bij NAP. Hier drink ik een paar biertjes en dan loop ik naar de tramhalte en neem tram 26 terug naar het Centraal Station. De tram komt langs een aantal plekken waar ik vandaag gewandeld heb, zowel de eerste als de tweede wandeling.
Bij het Centraal Station pik ik mijn rugzak weer op, haal nog een koffie en neem de trein naar Maastricht. Die komt door Eindhoven en dan stap ik daar wel over.
Weer
Het regende bijna de hele dag, soms zachtjes maar ook regelmatig flink. Het was koud en guur vandaag en de regen maakte dat niet beter.
Als ik een brug overliep of langs het water, waar er weinig beschutting was, dan stond er een flinke wind. Mijn nieuwe paraplu had het er maar moeilijk mee, maar heeft het volgehouden.
Ik ben blij dat ik met dit weer niet verder ben gegaan met het Trekvogelpad, zoals gepland. Dat was niet leuk geweest en daar had ik zeker spijt van gekregen. Die etappe bewaar ik voor een andere keer als het weer beter is.
Songtekst van de dag
Vandaag liep ik voornamelijk over eilanden, daarom nu Living on an Island van Status Quo.
Easy when you’re number one
Everybody say you’re having fun
Smiling for the public eye
When your body say you wanna die
Living on an island
Looking at another line
Waiting for my friend to come
And we’ll get high
Hugh he got a real nice place
Cruxie gonna be there soon
And I just want to see his face
I’m getting lonely in my empty room
Living on an island
Working at another line
Waiting for my friend to come
And we’ll get high
Passing time away in blue skies
Thinking of the smile in her eyes
Easy, it’s easy
Living on an island
Oh boy, we’re having fun
Living on an island
Thinking ‘bout the things I’ve done
Living on an island
Searching for an other line
Waiting for my friend to come
And we’ll get high
Waiting for my friend to come
And we’ll get high
I said we’re gonna get high
Yeah, we’re gonna get high
We’re gonna touch the sky
sky…sky…sky…sky…sky…sky…





































































































Ik sta weer heel vroeg op en neem de trein van 9:36 in Blerick. Het is nog erg donker buiten, maar het is gelukkig niet erg koud.
In Utrecht had ik geen tijd om koffie te scoren, maar daar is in Alkmaar tijd genoeg voor, ik heb 40 minuten. Ik ga naar een koffie tentje bij het station, Nas. Dat is blijkbaar van een Eritreeër want ze hebben Eritrese gerechten. De koffie is erg goed.
Er staat een flinke wind en ik zie een grote groep vogels in de lucht, tja Trekvogelpad…
Uiteindelijk kom ik toch in Spijkerboor alwaar ik het veerpont zie liggen aan de andere kant van het kanaal. Nu gaat het langs de Knollendammer Vaart richting, hoe kan het ook anders, Oostknollendam. In Oostknollendam is het beter lopen, de wind wordt hier tegengehouden door de huizen en bomen. Oostknollendam bestaat voornamelijk uit één straat die langs het water ligt met aan weerszijden huizen. Helaas is er geen horeca, wel een buurthuis, maar dat is dicht.
Aan het eind van Oostknollendam kom ik bij de plaatselijke dooienakker uit, die past op één foto!
Ik loop nu langs Wormer , hier heb ik een café gezien, Café Groos, dat 24 per dag open is volgens Google. Dat dat te veel gevraagd is had ik wel verwacht, echter ik had goede hoop dat het nu wel open zou zijn. Helaas, nergens koffie of een biertje.
Ik loop nu nog zo’n 5 kilometer van etappe 4 en ik twijfel even of ik de route ga volgen door het open landschap of een alternatief zoek tussen de bebouwing. Als purist en omdat ik al een stuk gefoeteld heb, kies ik voor de originele route en wederom loop ik door de forse wind in het open landschap. Als ik bij de provinciale weg kom waar ik van de route afga om naar Zaandijk te lopen, denk ik dat ik het gehad heb met de wind. Helaas, nu loop ik anderhalve kilometer recht tegen de wind in.
Ik kom langs het Zaans Museum en de Zaanse Schans, een openlucht museum met rijksmonumentale houten gebouwen en industriemolens uit de Zaanstreek. Dat ziet er wel aardig uit, wellicht eens met Ada naartoe gaan.



































































Vandaag is Lise jarig en we gaan wandelen, een deel van het Dommelpad.
We lopen door Valkenswaard, over de markt, richting Dommelen. We komen vandaag een aantal watermolens tegen, te beginnen met de Dommelse Watermolen.
Bij de Volmolen, ze hebben hier een dubbele watermolen aan de andere kant van de weg, nemen we een uitgebreide pauze en een paar pinten.
Op sommige plekken is het erg modderig. Gelukkig hebben we alle drie goede schoenen aan. Na het modderigste stuk, vlak langs de Dommel, lopen we onder de snelwegen door en komen we aan de rand van de bebouwde kom van Eindhoven. Hier hebben we met Ada afgesproken bij een school. We zijn iets te vroeg en wachten dus even totdat Ada aan komt rijden. Daarna vervolgen we onze weg met zijn vieren.
We zien vandaag vrij veel paddenstoelen, die had ik in Canada een beetje gemist.
We besluiten de dag met een etentje bij Boca Grande en laten ons verassen met een 3 gangen diner van Mexicaanse lekkernijen.































































































Om kwart voor 9 komt de vriendelijke mevrouw van het motel voorrijden met een gele Jeep. Zij brengt ons naar het begin van onze wandeling vandaag. We hadden 9 uur afgesproken, maar ze wilde zeker op tijd zijn.
We lopen eerst naar de Bruce Trail en dan naar de oever van de baai en kijken over het water. Daarna klimmen we omhoog. De route van vandaag loopt boven over de escarpment, behalve als we over de ‘stranden’ lopen. Die stranden zijn rots / kiezel stranden. We hebben regelmatig een mooi uitzicht over waar we heen gaan, waar we vandaan komen en de eilanden van de Fathom Five National Marine Park. Dat Marine Park is een soort natuurreservaat waar ook een flink stuk water bij hoort. Hier liggen allemaal scheepswrakken en het Marina Park zorgt ervoor dat die goed bewaard blijven. Er mag wel naar gedoken worden. Verder zorgen ze uiteraard voor de flora en fauna in het park, zowel boven als onder water.
Als we bij de Georgian Bay Trail komen, nemen we die richting de Grotto. Dat is korter en loopt zich makkelijker. We snijden nu een klein stukje Bruce Trail af. Voordat we bij de Grotto komen, komen we bij een arch, een foto momentje voor Gerben.
Op dit gedeelte van de track komen we diverse keren toiletten tegen. Ook zijn de Bruce Trail paden een stuk duidelijker in de buurt van de Grotto. Dat heeft natuurlijk alles te maken met de populariteit van dit gedeelte van de Bruce Trail.
Nu gaan we het binnenland in om langs enkele kleinere meertjes te lopen, waaronder Loon Lake. Net als gisteren kunnen we niet echt vlakbij de meertjes komen omdat het hier moerasachtig is. We zien diverse keren chipmunks.
De route gaat een stukje over een weg en daarna foetelen we een beetje. De Bruce Trail loopt door het bos, maar er loopt ook een breed zandpad en de trail kruist dat zandpad een stuk verderop. We lopen over het zandpad om meters te maken en om onze benen een stukje normaal terrein te laten lopen.
We zijn nu met de laatste loodjes bezig. Bij het visitor centre vinden we de Lookout Tower. Hoewel we moe zijn, gaan we toch omhoog voor het uitzicht, 14 keer 8 treden, 112 in totaal. Van hieruit heb je een mooi uitzicht op de eilanden van de Fathom Five.
Nu we toch voor de brouwerij staan, gaan we ook maar meteen iets drinken en eten. En we nemen nog een paar blikken Bruce Trail mee voor op onze motelkamer.
























































































































Voor onze wandeling moeten we een stuk rijden, terug waar we gisteren vandaan kwamen, maar niet zo ver. Na 22 kilometer verlaten we de Highway 6 en gaan via steeds mindere wegen naar de plek waar onze wandeling begint. Het laatste stuk gaat over een dirt road, zandweg. De kwaliteit daarvan is eigenlijk prima, alleen de auto wordt er behoorlijk smerig van, vooral de velgen.
Onze wandeling begint met een stuk side trail, de Cape Chin Meadows Side Trail, deze voert ons door het bos naar de main trail. Die loopt hier weer boven over de escarpment en langs het water, de Georgian Bay. De bomen belemmeren wel het zicht een beetje, maar af en toe is er een plek waar geen bomen staan en waar je een prachtig uitzicht over het water en de kustlijn hebt. Dat uitzicht doet me denken aan de South West Coast Path. Dat hebben ze bij de Bruce Trail ook gedacht want dit stuk is een Friendship Trail met de SWCP!
Na een tijdje komen we bij het Devil’s Monument, een losstaande grote rots die onderaan veel smaller is dan boven. Ze hebben er een heel uitzichtplatform aan gewijd waar je een goed zicht hebt op de rots.
Het volgende dat we op de trail tegen komen is Michigander’s Arch, een rotsformatie waar je onderdoor kunt kijken naar de bomen aan de andere kant. We zijn nu op het punt beland waar we aan de terugweg beginnen. Maar eerst nemen we een kleine pauze met een banaan, die hebben we vanmorgen ook meegenomen bij de supermarkt, en water.
De terugweg gaat via side trails, de Anne & Clayton Roberts Side Trail, de Cottrill Lake Side Trail, de Lillie Family Side Trail (dat is de familie die de potholes gemaakt heeft) en de Minhinnick Side Trail. Die laatste lijkt wel geveegd te zijn, langs het pad ligt overal een dikke laag bladeren en op het pad bijna niets. Dat loopt wel een stuk aangenamer, als je kunt zien waar je je voeten neerzet.
Als we een stukje op de Otter Lake Side Trail zitten, zie ik iets onverwachts. Tegen een boom, net iets boven ooghoogte groeit een speciale paddestoel, de Lion’s Mane (pruikenzwam op zijn Nederlands, maar dat klinkt een stuk minder goed). Lion’s Mane zou het cognitieve vermogen verbeteren en is onderdeel van de Paul Stamet’s Stack, een mix van paddo’s om de hersen functies te versterken. Ik had niet verwacht die in het wild tegen te komen.










































































































Het motregent een beetje als ik bij het hotel vertrek en ik denk nog “het valt wel mee”. Niet dus, onderweg komt het er goed uit en als ik in Wiarton aankom regent het dat het giet. Ik verken alvast de plek waar ik wil parkeren en rij dan terug het dorp in. Ik ga eerst even koffie drinken om te wachten totdat de regen stopt. Het wordt een doppio bij Lost Art Espresso.
Na een tijdje over een ongelijk pad, want rotsen, gelopen te hebben, kom ik bij een trap omhoog. De trap bestaat uit rots treden en een metalen railing die betere tijden gekend heeft en her en der niet meer echt vast zit. Op het laatst is er de spiral staircase, een metalen wenteltrap. Ik hoop dat deze steviger is dan de railing…
Nu gaat het verder door open terrein, maar wel nog steeds met een rotsachtige ondergrond. Er zitten allemaal spleten in de rotsen op de grond, hier moet je je voeten niet verkeerd neerzetten…
Ik moet nu een beslissing nemen, ik kan verder lopen, ik kan via een side track terug lopen of ik kan via een weg terug lopen. Mijn rechter knie wil in ieder geval niet verder en aangezien de side trail waarschijnlijk via moeilijk terrein gaat, kies ik voor de weg. Omlaag dus zodat mijn knie de komende kilometers wat ontlast wordt.
Na de pauze loop ik een lang stuk over de weg vlak langs het water. Hier liggen een aantal leuke optrekjes, rechts van de weg, en ze hebben bijna allemaal een zithoek en / of boot pier aan het water, links van de weg. Het is een doodlopende weg dus lekker rustig. Wel loop ik nu tegen de wind in, jas dicht dus.
Een ding moet je die Canadezen wel nageven, als ze iemand hebben waar ze iets naar willen vernoemen, dan gaan ze er ook voor. Bruce Peninsula, Bruce County, Bruce Trail, Bruce dit en Bruce dat. Zo’n beetje de helft van de bedrijven hier heeft Bruce in de naam.









































































































































Ik heb voor vandaag een route uitgezocht die hier door Owen Sounds loopt. Het beginpunt van de wandeling is maar iets meer dan 1 kilometer verderop aan dezelfde weg waar mijn hotel aan ligt. Toch neem ik de auto, wellicht word ik er straks niet blij van om dat stuk(je) nog extra te moeten lopen. Maar goed dat ik dat gedaan heb, de route gaat langs een drukke weg en is niet echt geschikt om langs te lopen.
Het beginpunt van de wandeling ligt vlak bij de Centennial Tower. Die stelt niet heel veel voor, een uitkijktoren zoals we die in Baarlo ook hebben langs de Maas, alleen dan van beton en anderhalf keer zo hoog. Het uitzicht kan ik helaas niet beoordelen, temporarily closed.
Ik heb in ieder geval de Bruce Trail gevonden en het gaat meteen loos, ik werk me binnen de kortste keren in het zweet. Ik loop tussen rotsen, het hoogte verschil valt wel mee, het is vooral de onbegaanbaarheid van het pad dat het me lastig maakt. Gelukkig heb ik de nodige steun aan bomen en rotsen. Op een gegeven moment staat er een bord “For Hiking Only”, nogal wiedes, een paard had allang alle benen gebroken en mountain biken lukt je hier ook niet tenzij je hem op je nek neemt.
Ik moet goed kijken waar ik mijn voeten neerzet, de rotsen zijn in principe niet glad behalve als er mos op groeit (groen). De bladeren maken het er niet makkelijker op. Het zweet druppelt letterlijk van mijn hoofd.
Zoals je op de foto’s wellicht al opgemerkt hebt, wordt de Bruce Trail gemarkeerd met patches, witte rechthoekige markeringen. Een enkele patch betekent doorgaan op het pad, twee patches boven elkaar geven een verandering van richting aan in de richting van de bovenste patch. Een T gevormd door twee patches markeerd het einde van een track. Dat komt voornamelijk bij de side tracks voor die blauwe patches gebruiken.
Een deel van de rotsen op de grond ligt los, daar moet ik mee oppassen. Maar goed dat ik mijn braces heb, dit is uitermate slecht voor mijn knieën.
Wat me opvalt, vandaag maar ook de voorgaande dagen, is dat ik weinig tot geen paddenstoelen zie. Wel zie ik elfenbankjes op (rotte) bomen, maar bijna geen paddenstoelen. Het is vochtig genoeg en de temperatuur is er ook naar. Bij ons thuis zou alles nu vol staan met allerlei soort paddo’s.
Ik kom op meer open terrein, dat wil zeggen er is meer ruimte tussen de bomen en de aanplant is allemaal een stuk jonger. Dat loopt zich ook beter. Ik heb ongeveer anderhalf uur gedaan over de eerste 3 kilometer!
En dan kom ik bij Inglis Falls, die zijn erg mooi. Ik laat de foto’s voor zichzelf spreken.
Ik kom nu bij een beslis moment, ga ik verder met de route of ga ik richting Harrison Park? Het volgende stuk van de day 32 wandeling gaat een flink stuk over wegen en daarna dezelfde route weer terug. Dat zijn twee dingen die ik niet leuk vind. Ik loop dus richting Harrison Park via de Creamery Hill Side Trail.
De Harrison parkeerplaats ligt nog steeds op de side trail, wel was er een aftakking van een andere side trail een stukje terug. Het gaat verder over een asfalt pad naar weer een parkeerplaats met een restaurant, maandag gesloten… Dan maar een reep en water, maar wel een pauze op een van de picknick banken.
Dan zie ik een grote roofvogel in een boom zitten. Hij blijft mooi zitten zodat ik enkele foto’s kan maken. Hij houdt me wel in de gaten en maakt aanstalten om weg te vliegen. Gelukkig bedenkt hij dat ik op de grond sta en geen bedreiging vorm. Later zoek ik op welke vogel het was, het was een roodkopgier.
Aangezien het nog vroeg is, besluit ik om naar het water te rijden. Owen Sound ligt aan een inham van de Georgian Bay. Hier vind ik zo maar een brouwerij, gevestigd in een oud stationsgebouw. De spoorweg ligt hier al lang niet meer. Heb ik dat weer…































































































































Ik vind het beginpunt van mijn wandeling en parkeer de auto langs een zandweg, vlak bij de doorgaande weg en niet in het bos zoals in het boek aangegeven. Dat vind ik toch net iets beter.
Het pad is moeilijk te zien door de grote hoeveelheid bladeren, herfst en zo. Gelukkig zijn er genoeg markeringen, ik kan bij iedere markering minstens 1, maar meestal de 2 of meer volgende markeringen zien. Als backup heb ik nog Gaia GPS, een app op mijn telefoon met een zeer gedetailleerde kaart. De Bruce Trail staat er uiteraard ook op.
Het water van Eugenia Falls waait weg voordat het beneden op de rotsen terecht komt.
Nu volgt een stuk met veel planken paden en een aantal bruggen. Er vallen een paar druppels, eigenlijk de moeite niet waard. Wel zet ik even mijn capuchon op, voornamelijk om niet te veel druppels op mijn bril te krijgen, dat kijkt zo lastig.
Als ik de main trail weer oppik, kom ik al snel bij de bewoonde wereld en een weg. Die volg ik een stukje en dan volgt een mooi stuk van de wandeling door en langs een aantal velden.
Eerst loop ik omlaag en zoals dat gaat moet dat ook weer omhoog gelopen worden. Het laatste stuk van de wandeling, zo’n anderhalve kilometer, gaat fors omhoog. Na 20 kilometer zwaar terrein en op en neer, ben ik daar minder blij mee. Gelukkig staat aan het eind mijn auto op me te wachten.

































































































De reis naar Pearson International verloopt voorspoedig, een paar kleine opstoppingen. We hoeven gelukkig niet heel Toronto door. Aan de andere kant staat veel meer file. Daar moet ik straks even goed naar kijken, anders neem ik een andere route.
Ik rij vanaf het vliegveld meteen door naar het begin van de Bruce Trail, dan kan ik nog een wandeling maken. Gisteren is dat er niet meer van gekomen omdat het donker was.
Ik volg de Bruce Trail een goed uur, iets meer dan 5km, door het bos en boven over de Niagara Escarpment. Daarna ga ik via een side trail terug, de Upper Canada Heritage Side Trail. Deze voert me een stuk terug naar een weg. Daarna moet ik mijn weg zelf terug zien te vinden. Dat lukt via een pad dwars door een groene strook tussen de velden en wijngaarden. Op het laatste stuk van dit pad ligt een dikke laag bladeren, je kunt me dus van veraf horen aankomen.
Ik loop een stukje door Queenston en duik dan weer de rimboe in. De zon is inmiddels onder gegaan, maar ik hoef nog maar een klein stukje door het bos en het is nog niet helemaal donker. Het laatste stukje loop ik over de General Brock Side Trail, die komt helemaal van Niagara-on-the-Lake hier naar het begin van de Bruce Trail.


























































Vandaag gaan we met Gerben naar Niagara-on-the-Lake, maar niet voordat Gerben ons een tour van de campus heeft gegeven. Brock University is flink groter dan ik had verwacht en de studenten hebben alle fasciliteiten die ze maar wensen. Er zijn meer dan 19.000 studenten aan Brock University, ter vergelijking, Maastricht heeft er meer dan 22.000. Maar in Maastricht is de campus over de hele stad verspreid.
We rijden in een half uurtje naar Niagara-on-the-Lake en parkeren de auto aan the lake. Van hieruit lopen we langs een golf terrein naar de monding van de Niagara River. Daar ligt ook Fort Mississauga, waar we rond omheen lopen. Aan de andere kant van de rivier ligt ook een groot fort, Old Fort Niagara. De andere kant van de rivier is de VS.
Ik heb op Google Maps gekeken en een leuke tent gevonden voor de lunch, The Olde Angel Inn, een echte Engelse pub met ook een echt Engels menu.
Blijkbaar zijn ze hier niet bang dat de dooien ontsnappen.
Die oorlog werd door de VS begonnen, tegen de Britten, om Canada “te bevrijden”. De Britten en Canadezen zagen dat echter niet zo zitten en nadat de Amerikanen Toronto platgebrand hadden en de Britten en Canadezen Washington, werd de oorlog door de Britten en Canadezen gewonnen (heel korte samenvatting).
Het regent nog steeds een beetje en we hebben het fort al rondom gezien, we slaan de binnenkant over en lopen terug naar het centrum. Daar ziet Ada een brouwerij, The Exchange Brewery, en dat lijkt ons een geschikte plek om even te gaan zitten. Gerben en ik gaan voor een 6 beer flight zodat we enkele bieren kunnen proeven en Ada neemt een cocktail.
Als we naar de auto lopen zien we de skyline van Toronto aan de andere kant van Lake Ontario. Die konden we voor de middag nog niet zien.






























































