Datum: 20230428
Tijd: 11:00 – 15:25
Afstand: 19,3 km
Wandeling
Gisteren was het Koningsdag en aangezien dat op een donderdag viel, heb ik vandaag ook nog vrij. De rest van de family is 2 dagen naar Phantasialand en ik ga wandelen.
De keuze is gevallen op een etappe van Streekpad Nijmegen, de laatste etappe van Wyler naar Nijmegen, zodat ik na afloop een biertje in Nijmegen kan pakken. Dit is overigens de 2de etappe van Streekpad Nijmegen die ik loop. Ik heb eerder al eens de 1ste etappe gelopen, in omgekeerde richting zodat ik in Nijmegen uit zou komen.
De reis naar Wyler, dat overigens net in Duitsland ligt, verloopt voorspoedig met de trein en een Duitse bus. Aan de rand van het dorp stap ik uit en begint mijn wandeling. Het miezert een beetje, maar dat gaat gelukkig al snel over. Al snel gaat de wandeling tussen de velden omhoog.
Na 2,5 km kom ik bij Pannenkoekenhuis De Duivelsberg, tijd voor koffie met een stuk Nijmeegs Marikenbrood.
Na deze pauze loop ik langs de Motte van de burcht Mergelp weer omlaag naar de weg waar ik straks et de bus over gereden heb, de N325. Het is hier druk met wandelaars, maar dat veranderd al snel als ik de N325 oversteek, dan ben ik weer Remy.
Ik loop nu langs het Wylermeer en het Wylerbergmeer. Daarna gaat het verder door de velden, langs een flinke beek, tot ik bij de Thornsche Molen kom. Ze zijn zelfs open, maar mijn vorige pauze was nog niet zo lag geleden, dus ik loop door.
Ik steek de N840 over en loop nu door een mooi polderlandschap over een dijk. De route van vandaag is veelal verhard, er zijn maar een paar kleine stukken waar geen asfalt ligt. Gelukkig is het wel overal erg rustig, op de meeste wegen die ik vandaag loop zijn auto’s niet welkom. Op de dijk waait het flink en het miezert af en toe.
De dijk komt in Ooij uit, alwaar ik een weg met fietspad oversteek en bijna door een fietser omver wordt gereden. Mijn schuld, ik kwam uit een gebied waar je niemand op de weg zag en hier is er wel verkeer. Uitkijken dus! Ik loop een klein stukje door Ooij en dan gaat het alweer verder over een andere dijk. Het begint nu een beetje te regenen.
Na een tijdje kom ik door buurtschap Groenlanden. Hier mis ik een afslag naar links. Als ik dat eindelijk merk besluit ik om maar door te lopen, de weg komt vanzelf weer op de route uit. Dan heb ik gewoon een stukje meer gelopen en de route over de dijk is wel mooi en er is niet veel verkeer.
Het gebied waar ik doorheen loop is de Ooijpolder, onderdeel van het Natura 2000-gebied Gelderse Poort. De eerste dijken hier zijn rond 1300 gebouwd. De Ooijpolder was ook onderdeel van de IJssellinie gebouwd tijdens de Koude Oorlog om een deel van Nederland onder water te laten lopen bij een Russische invasie. Misschien moeten we die plannen maar weer eens uit de ijskast halen…
Het laatste stuk naar Nijmegen loop ik door de regen. Het gaat over een weg over de dijk. Dat is een beetje jammer, als ik over die weg loop zie ik wel mogelijkheden om door de polder te lopen en toch bij de brug uit te komen. Helaas zie ik dat als het voor mij te laat is.
In Nijmegen aangekomen gaat de route nog door het Valkhofpark en langs de Stevenskerk, een middeleeuwse kerk met 18de-eeuws orgel volgens Google. Ook kom ik langs brouwerij de Hemel, maar vandaag heb ik mijn zinnen gezet op een van de andere kroegen van Nijmegen.
Bij het station aangekomen, loop ik opnieuw de stad in, maar nu naar café van Ouds. Hier trakteer ik mezelf op een paar biertjes met kaas en werk ik deze blog uit.
Café van Ouds Nijmegen
Café van Ouds is een speciaal biercafé aan de Augustijnenstraat in Nijmegen. Van buiten lijkt het klein, maar binnen loopt de smalle kroeg een flink stuk door. Er is een klein terras voor de deur, maar daar heb ik geen gebruik van gemaakt omdat het weer niet mee werkte. Ik ben hier een jaar of 5 geleden ook al eens geweest. Toen was ik op badges hunt en hadden ze hier ook een Untappd local badge, nu niet meer.
Het overzicht van de bieren op tap is op een scherm boven de tap te vinden. Leuk detail, de meest recente Untappd check-ins voor deze locatie worden onder aan het scherm weergegeven en uiteraard werden alle posities al snel ingenomen door ondergetekende…
De bierkaart, zowel van de tapbieren als van de bieren op fles / blik, is ook te vinden op Untappd. Ik tel 12 tap bieren en 63 bieren op fles / blik. Toch iets minder dan de 16 tap bieren en de 150-200 bieren die geadverteerd worden.
De lijst met tap bieren bevat veel ‘stadaard’ speciaal bier zoals Punk IPA en bieren van de Texelse brouwerij en Grolsch. Gelukkig vond ik toch een drietal bieren die nieuw voor mij waren, waaronder twee Van Ouds bieren, ‘speciaal’ gebrouwen voor Café van Ouds door de Scheldebrouwerij. Ook tussen de fles blik bieren was er genoeg te vinden dat ik nog niet ingecheckt had.
Het interieur bestaat uit statafels, zowel ronde als lange smalle, met barkrukken en uiteraard staan er rondom de kroeg de nodige bierflesjes te pronken. De muziek staat hoorbaar en en de ik kon de keuze van de nummers wel waarderen, voornamelijk eighties.
Voor een vrijdagmiddag was het erg rustig. Ik denk dat iedereen gisteren al genoeg gehad heeft. Ik kon in ieder geval in alle rust mijn blog uitwerken en van mijn biertjes en hapjes genieten. Helaas geen wifi, maar dat geeft niet, die heb ik altijd bij me.
Al met al is Café van Ouds een leuke tent om van een paar speciaal biertjes te genieten, ook al is het aanbod een stuk kleiner dan beloofd. Van mij krijgt Café van Ouds een 7, het kleinere aanbod kost ze toch een punt.
Weer
Het begon redelijk vandaag, een beetje miezerregen maar voornamelijk droog. Later begon het toch nog te regenen en ben ik behoorlijk nat geworden.
Songtekst van de dag
Vandaag maak ik een combo van Nijmegen en Venlo. Ik ben naar Nijmegen gelopen en daar hebben ze Mariken van Nimwegen. In Venlo hebben ze een Vastelaoves nummer over Marieke, Hao, dao kump Marieke haer van Wiel Vestjens en Gé Deenen. Dat wordt het dus vandaag!
Ik zoog euveral bekinde, Marieke det zoog ik neet.
Ik kôs um auk nörges vinde, och waat ein verdreet.
Maar ik had weer neet good gekeke, dao kwaam, ik weit neet miër wao,
dae schat oët ein kafeeke, ik reep: wae zeen ik dao ?
Hao, dao kump Marieke haer, Marieke haer, Marieke haer.
Hao, dao kump Marieke haer, det zeen ik toch zoë gaer !
En noow opgelet, drek is ut heej.
Goojen daag zaet det en löp mich veurbeej.
Hao, dao geit Marieke haer, det geit mich waal te vaer !
Hao, dao geit Marieke haer, det geit mich waal te vaer !
Waat had ik weer pech aojeetje, ut waas waal ein korte piën.
Is det noow ut ind van ut leedje ? Dan meus det zoë zien !
Ik zal noeits miër naor um kiëke, dit waas dan de letste kiër.
Bekiëk ut maar Merieke, ik roop ut noow neet miër :
Hao, dao kump Marieke haer, Marieke haer, Marieke haer.
Hao, dao kump Marieke haer, det zeen ik toch zoë gaer !
En noow opgelet, drek is ut heej.
Goojen daag zaet det en löp mich veurbeej.
Hao, dao geit Marieke haer, det geit mich waal te vaer !
Hao, dao geit Marieke haer, det geit mich waal te vaer !




























































































































In Wezep eet ik eerst een banaan voordat ik begin te lopen. Ik zie groepjes militairen met bepakking lopen. Die komen van de Prinses Margriet kazerne die hier om de hoek ligt. Die hebben zeker ook een wandeldag.
Het gaat vrijwel meteen het bos in, een waterwingebied. Het is hier flink uitgedund, lekker die geur van vers gezaagd dennenhout. Er liggen metershoge stapels hout langs de paden.
Ik steek de A50 over en het gaat verder, weer langs de weg. Niet dus, ik ga het bos in, over goed begaanbare smalle paadjes. Daarbij pak ik zelfs een stukje mountainbike pad mee. Dat is wel grappig en een leuke manier om de route iets te verlengen.
Dan kom ik langs herberg Molecaten en ze zijn open! Tijd voor een pintje met Apfelstrudel.
Na de lunch voert mijn route mij door Hanzestad Hattem, pittoresk, met een mooie molen en een torenpoort.
Nadat ik de IJssel overgestoken ben, loop ik een stuk door de uiterwaarden voordat ik in de bebouwde kom van Zwolle kom. Ik kom ook nog langs Dinoland Zwolle maar dat heeft zijn beste tijd beslist wel gehad.
Ook Zwolle is een Hansestad. Hansesteden waren lid van het Hanzeverbond, een samenwerkingsverband om de handel te beschermen en te bevorderen. Oorspronkelijk ontstaan rond de Oostzee werd er later naar alle kanten uitgebreid. Er zin veel historische Hansesteden waaronder dus Hattem en Zwolle.
Na een stukje tussen hoge moderne gebouwen gelopen te hebben, bereik ik het station. Hier ga ik het spoor onderdoor en dan zit mijn route erop. Ik loop echter nog verder naar het DAVO Proeflokaal, die gaan om 3 uur open en laat het dat nu net zijn. Bij DAVO ga ik zitten voor een paar afsluitende biertjes, om dit verslag en dat van gisteren uit te werken en om een review te schrijven (zie hieronder).
De 15 tapkranen geven voor elk wat wils en als dat niet genoeg is, dan is er nog het nodige in blik verkrijgbaar. Achter de bar hangt een mooi groot bord met de selectie die momenteel op tap verkrijgbaar is. Uiteraard voornamelijk DAVO bieren, maar ook enkele bieren van andere brouwerijen.
Als je vergeten bent om van te voren een goede bodem te leggen, dan kun je bij DAVO Zwolle ook kleine en grote hapjes krijgen tegen schappelijke prijzen. De kaart staat op het Internet en is via
Het is fris, maar niet echt koud. Ideaal weer om te lopen dus. Af en toe twijfel ik en doe ik mijn capuchon op, maar echt nodig is dat niet.

















































































































Gerben is jarig maar heeft weinig tijd. Gelukkig wel genoeg tijd om te gaan lunchen. Ik ga dus met de trein naar Maastricht en daar gaan we samen lunchen bij de stadsbrouwerij.
Op het station van Valkenburg aangekomen, loop ik eerst eens het dorp uit. Dat is nog een kleine uitdaging, er wordt aan het wandelpad gewerkt en er is een stuk afgesloten. Ik trek me daar niets van aan en loop voorzichtig overal langs. De enige die er aan het werk is, rijdt in een soort van tank-achtig voertuig. Hij toetert en wijst, maar hij rijdt een stuk verder weg en heeft geen last van mij en ik niet van hem.
De wandeling die ik uitgezocht heb gaat flink op en neer, in de hoogte wel te verstaan. Via een flinke omweg door de bossen op de heuvels en af en toe langs weilanden gaat het naar de Wilhelminatoren. De dertig meter hoge Wilhelminatoren is een rijksmonument en in 1906 gebouwd met Limburgse mergel. Hier is normaliter van alles te doen, maar niet begin februari…
Ik loop verder door het bos en daarna dwars door de weilanden naar Kasteel Schaloen. Hier loop ik omheen en daarna gaat het weer omhoog. Ik kom nu langs enkele mergelgrotten maar die zijn helaas gesloten en verboden toegang. Met een mooi uitzicht over de geulvallei loop ik verder en kom met een omwegje uit bij de Kluis op de Schaelsberg, een kapel met een kluizenaarswoning erbij, nog een rijksmonument.
Er is hier ook een kruisweg, maar alle staties zijn op een steenworp afstand van elkaar. Meers iets voor luie gelovigen en niet zoals in Duitsland of Oostenrijk waar je een steile berg op moet om alle staties langs te gaan.
Na de Kluis neem ik het verkeerde pad, voornamelijk omdat ik om de Kluis heen ben gelopen en dacht het goede pad te hebben. Geen probleem, ik vind mijn weg weer terug naar de route met dank aan mijn TwoNav en de kaart die ik daarop heb.
Het gaat verder door de weilanden en uiteindelijk kom ik in Emmaberg uit. Van hieruit gaat het, voornamelijk door de bebouwde kom, weer richting station Valkenburg.


































































































Maar eerst pak ik alles in en kruis mijn vingers als ik mijn auto start. Dat gaat echter in één keer goed, ondanks 5 dagen in de vrieskou. Ook het parkeren valt reuze mee. Mijn auto stond recht voor de deur van mijn studio, langs de boulevard, en voor 5 dagen betaal ik iets meer dan 6 euro. Dat moet je in Nederland eens proberen.
De Dodendraad was een elektrische afrastering die de Duitsers in de 1ste Wereldoorlog opgezet hebben langs de Nederlands-Belgische grens van het Zwin bij Knokke tot de voorsteden van Aken. Het was de grens tussen oorlog en vrede. De Dodendraad moest voorkomen dat mensen de grens overstaken, dat was met manschappen alleen niet te doen.
Bij het Schalthaus kom ik Herman Janssen tegen. Hij is van de Heemkunde kring en is initiator van de constructies. Ook is hij medeauteur van een boek over de Dodendraad. We maken een praatje en Herman vertelt over de Dodendraad en de reconstructies. Bijvoorbeeld over het gebruik van kleine of grote isolators. De kleine zijn de oorspronkelijke en die zijn gevonden in de velden waar de draad gelopen heeft. De boeren konden alles gebruiken toen de Dodendraad afgebroken werd, de houten palen, de schrikkeldraad, maar hadden geen bestemming voor de isolators. Deze eindigden dus in de grond.
We lopen een stukje samen verder, Herman is een route van 10.000 stappen aan het uitzetten voor de Antwerpse gazet. Even verder blijf ik staan om een paar foto’s te maken van het winterse landschap. Herman vervolgt zijn weg richting dorp.
Als ik even later ook in Zondereigen aankom, zie ik daar diverse ‘lelijke eendjes’, oftewel 2CV’s. Er is blijkbaar een toertocht gaande want ik zie er later nog veel meer.
Ik loop Zondereigen weer uit en breng nog een klein bezoekje aan de plaatselijke dooienakker. Een stukje verder ben ik alweer bij mijn auto.
Zoals op de foto’s wel te zien, was het vandaag weer eens erg koud. Daarlangs stond er een snijdende ijskoude wind die het er niet beter op maakte. Het was gelukkig wel droog.











































In De Panne aangekomen, loop ik meteen naar het strand en vervolg ik mijn strandwandeling van gisteten met nog eens 5 kilometer totdat ik in Frankrijk aangekomen ben. Ik ben er inmiddels ook achter wat de industrie is die ik vooruit zie, daar waar regelmatig een flinke rookpluim uitkomt, dat is Duinkerke.
Bij de eerste bebouwing, bij Bray-Dunes, loop ik van het strand af en maak ik rechtsomkeert, maar dan wel door de duinen. Ik loop nu door de Franse duinen terug naar de grens. Gelukkig geeft mijn Twonav de hoofdroutes door de duinen goed aan zodat ik een beetje kan plannen waar ik uitkom. Dat is bij een soort van vakantie dorp, zonder naam, waar het spekglad is. Ik loop uiterst voorzichtig tussen de sta caravans en vakantie huisjes door naar het strand.
Op het strand aangekomen, loop ik de grens van Frankrijk en België weer over en vervolg mijn wandeling over het Grenspad het binnenland en de duinen in, de Belgische duinen deze keer. Via het Helmpad en een stukje van het Oostergrenspad loop ik een paar kilometer door de duinen naar De Panne.
Net buiten De Panne slaat het noodlot toe in ik mijn voet om. Gelukkig stond er een boom waar ik me aan kon vasthouden, anders was ik ook nog op mijn bek gegaan. Hoewel ik eigenlijk nog een stukje verder had willen lopen, besluit ik om de kortste route naar het centrum te nemen. Ik kan redelijk verder met mijn voet maar wil hem ook niet overbelasten.
Gelukkig komt er binnen een paar minuten al een tram, het valt wel mee met die stakingen.
Ik kan terugblikken op een zeer geslaagde week van wandelen langs de Belgische kust. Ik was gewaarschuwd dat de kust geflankeerd werd door een grote muur van appartement. Dat is deels waar gebleken. Dit is echter alleen het geval in de meeste dorpen de aan de kust liggen. Daartussen liggen nog wel enkele stukken natuur- en duinen gebied. Ook in de dorpen zijn er stukken waar de bebouwing zich beperkt tot laagbouw of in ieder geval geen 10 verdiepingskolossen van appartementen, zoals in De Haan waar het beperkt blijft tot 4 verdiepingen.
Ook liggen er tussen de grote appartementen blokken af en toe mooie parels van villa’s waarvan de eigenaren blijkbaar de verlokking van het grote geld kunnen weerstaan.
Gelukkig heb ik daar verder allemaal weinig last van gehad. Ik heb mijn wandelingen grotendeels over het strand of door de duinen gemaakt met als afwisseling een haven af en toe.
Vanmorgen toen ik broodjes ging halen bij plaatselijke Delhaize, viel er een beetje neerslag en het was spekglad. Gelukkig is het droog aks ik begin met wandelen in De Panne, glad is echter nog steeds. Verder is het, net als de afgelopen dagen, een stralende winterdag.































Ze zijn hier een nieuw casino aan het bouwen. Er wordt hier so-wie-so veel gebouwd. Alles wordt natuurlijk buiten het seizoen aangepakt.
Na een goede 3,5 kilometer ga ik van het strand af naar de boulevard van Westende. Hier vind ik Bar du Soleil en dat klopt, de zon schijnt. Tijd voor koffie. Ik heb me voorgenomen om vandaag regelmatig een pauze in te lassen.
Ik loop heel donkere lucht tegemoet. Ik hoop dat ik het droog houdt.
Maar ondertussen sta ik nog steeds voor de IJzer en zoals gewoonlijk is er geen rekening gehouden met de kustwandelaar. Ik kan nergens heen behalve terug. Dat wordt het dus, eerst een stukje door de duinen. Dat blijkt illegaal als ik rondom overal afrastering zie. Bij een interessant stuk afrastering ga ik terug het strand op. De afrastering hangt hier letterlijk in de lucht.
Er ligt hier ook een militair terrein en daar loop ik langs af om bij de jachthaven uit te komen. Ook hier loop ik omheen totdat ik bij een brug over de IJzer kom. Hier ligt een joekel van een monument, het Koning Albert I monument. Hier is ook een oorlogsmuseum gevestigd, Westfront Nieuwpoort. Het museum vertelt het verhaal van de vernieling van de stad in de 1ste wereldoorlog en hoe de onderwaterzetting van de poldervlakte, de Duitse invasie tot staan bracht.
Als ik de IJzer over ben, is het tijd voor een biertje. Er zijn diverse zaken naast elkaar langs de weg langs de IJzer. De meeste zijn echter dicht. Bij de eerste waar ik naar binnen ga vraag ik of ik een biertje kan drinken (stomme vraag, natuurlijk kan ik dat, ik bedoel te vragen of ze er een willen serveren). Als antwoord krijg ik “Nee, wij zijn een restaurant” en dat terwijl de zaak half leeg is. Rare jongens die Belgen.
Ik vervolg mijn weg langs de IJzer richting de zee. Hier loop ik meteen het strand op en dan volgt een strandwandeling van 10 kilometer. Ik loop langs Oostduinkerke en Koksijde tot ik bij De Panne aankom. Recht vooruit zie ik al een tijdje industrie liggen met af en toe een enorme rookpluim. Ik ben er nog niet helemaal uit, maar ik denk dat at Duinkerke is.
Tijdens het wandelen zie ik de zon ondergaan, niet in de zee maar achter de appartementen.
Als ik ’s morgens op het strand loop, zie ik donkere wolken voor me uit. Gelukkig schuiven deze steeds verder weg als ik vorder. Dat komt dus wel goed. Ik hou het de hele dag droog en eindig de dag met een stralend blauwe lucht.






































































































Ik neem de kusttram van het appartement, halte Oostende Northlaan, naar De Haan aan Zee. Als we op het station van Oostende stoppen, komen er enkele mannekes met een ladder die ze tegen de tram zetten. Dan wordt er boven op de tram iets geïnspecteerd en zijn ze weer weg. Ik hoop dat alles in orde was…
Als de boulevard ten einde is, volgt een verhard pad door de duinen. Na een klein stukje ga ik rechts het strand op. Ook vandaag maak ik een flinke strandwandeling, meer dan 8 kilometer. Precies om 10:49 uur is het eb, ik heb dus een flink breed strand tot mijn beschikking. Ik loop niet vlak langs de branding om de vele vogels die daar zitten niet te storen. Ook vertrouw ik de watergeulen niet, ik heb geen zin om ingesloten te raken.
Ik laat Bredene letterlijk links achter de duinen liggen en ga pas van het strand af als ik tegen de ingang van de haven van Oostende loop. Hier wacht mij een ‘rotswand’. Het valt wel mee, er ligt een hele rij met grote stenen waar ik overheen klim om op een looppad te komen.
Waar er in Zeebrugge veel bedrijvigheid was in en rond de haven, is het in de haven van Oostende doodstil, er gebeurt niets, zelfs de windmolen staat stil. Als ik dan een vrachtwagen zie, is het de vuilniswagen.
Al snel vind ik ’t Waterhuis tegenover het station. Eerst een koffie om warm te worden en dan een biertje omdat ik er al meer dan 13 kilometer op heb zitten. Eigenlijk wil ik wel blijven zitten, maar ik ben hier om te wandelen en dus zet ik me ertoe aan om de kou weer te trotseren voor het laatste stuk van deze etappe.
Ik loop weer richting boulevard en volg deze. Vanmorgen heb ik over het strand gelopen, nu loop ik over de boulevard, ook om een idee te krijgen wat er op de boulevard te doen is in de buurt van mijn studio. Ik loop langs de betonnen kolossen die hier langs het strand staan en kom ook langs mijn studio, kan ik even hallo zeggen tegen mijn auto die daar staat te wachten totdat het zaterdag is.
Een stukje na mijn studio zie ik dat nonkel Frank ook hier is geweest, er staat een steenmannetje in zee. Nou ja steenmannetje, zeg maar steenman. Zo te zien heeft Frank zich een breuk getild en ook nog natte voeten gekregen.
Tussen Oostende en Middelkerke gaat de kusttram pal langs het strand. Iedere keer als er een voorbij komt, resulteert dat in een enorme stofwolk. Tussen de rails heeft zich behoorlijk veel strandzand opgehoopt.
Na het openluchtmuseum verlaat ik de boulevard om een stuk door de duinen te lopen via een verhard pad. Het laatste stuk is dan onverhard en ik kom uiteindelijk bij de weg uit bij een hek. Gelukkig zijn hier al meer wandelaars doorheen gekropen en kan ik er zo door.
De dag begint grauw, maar als ik in de tram naar De Haan zit klaart het op en wordt het zonnig. De zonnebril kan weer op en blijft dat ook voor de rest van de dag. Als ik door de duinen loop, net voor Middelkerke, komt er lichte sluierbewolking op en vanaf de zee komt er een flink wolkenfront aan.


















































































































Aangekomen bij het station van Knokke, de eindhalte van de kusttram, loop ik door Knokke naar de zee. Wat volgt is een strandwandeling van meer dan 5 kilometer. Helaas eindigt die op een stuk doodlopend strand, er is hier een stuk beschermd duingebed, en moet ik stukje terug lopen voordat ik naar de boulevard kan.
Ik kom nu bij de haven van Zeebrugge, even iets anders dan een strandwandeling. Als ik laags een terrein met trailers en containers loop, zie ik twee meiden in havenuniform met een hond over het terrein lopen. Ik denk dat dit geen gewone hond is, maar een die getraind is om drugs en/of verstekelingen op te sporen. Leuk baantje, de hele dag met een hond wandelen…
Te midden van al deze industriële bedrijvigheid vind ik The Boatshouse, tijd voor koffie.
Maar geen nood, ik loop terug en aan het eind, als ik het strand op kan, richting boulevard. Het laatste stuk van Zeebrugge is geen hoogbouw maar een mix van moderne huizen en oude statige villa’s.
Nu gaat het dwars door de duinen naar Blankenberge, via een wir war van paden probeer ik een beetje in het midden van de duinenrij te blijven en daarmee ook op het hoogste punt. De duinenrij is niet erg breed en ook niet functioneel volgens mij als ik zo naar de rest van de kust kijk (alles is een stuk lager dan de duinen).
In Blankenberge is het tijd voor een biertje. Ondanks de enorme hoeveelheid restaurants langs de boulevard is dat nog een uitdaging. Het meeste is dicht en als ze open zijn, zijn alle tafels in vol ornaat gedekt om te eten. Als ik iets gevonden heb, gaat de deur niet open ondanks een “Open” bordje op de deur. Uiteindelijk vind ik Tea Room La Digue, alwaar ik een lekkere Corsendonk drink.
Als ik Blankenberge uitloop, loop ik tegen de jachthaven aan. Hier loop ik omheen, alweer een stukje teruglopen. Als ik rond de have gelopen ben, is het even zoeken voordat ik weer een leuke route gevonden heb. Na een klein stukje langs een grote weg, en de kusttramlijn, vind ik echter een pad achter het duin naar Wenduine.
Wenduine is niet erg groot, maar bestaat aan de zee kant uit een grote muur van appartementencomplexen van 10 verdiepingen hoog. Als ik Wenduine uitloop, kom ik bij de Spioenkop. Dit duin met paviljoen dankt zijn naam aan de overwinning van de Boeren op de Engelsen in de slag om de Zuid-Afrikaanse vrijheidsoorlog in 1900, bij Spioenkop in Natal, Zuid-Afrika. Nadat het duin vroeger als strategische observatiepost gebruikt was, werd in de 19de eeuw een wachtpost neergezet door de douane, het hoge duin was een ideale plek om clandestiene activiteiten te observeren.
Als ik de Spioenkop voorbij ben, volg ik een fietspad / wandelpad voor het duin langs. Ik wil wel over het strand lopen, maar ze zijn hier flink aan het werk op het strand. Volgens mij gaan ze nieuwe golfbrekers maken en het strand ophogen. Het fietspad is goed te doen en ik kan flink meters maken. Dan kom ik bijeen strandrestaurant, geen strandtent, deze is van beton, en het fietspad eindigt. Dus toch maar het strand op, dat kan ook wel omdat ik de werkzaamheden inmiddels achter me gelaten heb. Zo loop ik, eerst in het schemerdonker en later in ut zakkeduuster, in mijn eentje een paas kilometer over het strand.
Er is in heinde en verre niemand te zien want wie loopt er nu in het donker over een stuk strand waar je niet vanaf kunt, tenzij je illegaal door de duinen gaat struinen.


















































































































Vandaag staat de route Nederlandse grens – Knokke op het programma. Omdat het de eerste route is, die bij de Nederlands grens begint, kan ik geen gebruik maken van de Kusttram, die gaat maar tot het station in Knokke. Ik rij dus naar een plek waar ik goed kan parkeren en loop dan een leuk rondje tussen deze twee plaatsen.
Ik begin mijn wandeling langs het Zwin, een Nederlands-Belgisch natuurgebied dat alleen toegankelijk is met een gids omdat het bij vloed onder water loopt. Het Zwin ligt er een beetje triest bij met dit weer.
Als ik de boulevard verlaat, kom ik bij Taverne Cambridge. Hier zoek ik een tafeltje met uitzicht op zee uit en geniet ik even van een pauze in de warmte van het café en met een kop koffie. Ik heb er inmiddels 9,5km op zitten.
Ik loop via het binnenland weer terug naar Zilt & Zout. Het gaat over graspaden over dijken, over stille landweggetjes en door de velden. Op een gegeven moment kom ik langs een veld met bunkers. Ik vraag me af wat die boer gezaaid heeft…
Als ik in Entranchement kom, een echt Hollandse naam voor een dorp, loop ik over de oude verdedigingslinie en daarna langs een kanaal. Ik zie Zilt & Zout liggen aan de andere kant. Mijn auto staat er ook nog. Helaas kan ik het kanaal niet over. Gelukkig kan dat een stuk verderop wel. Van hieruit zie ik Cadzand-Bad liggen.
Het vriest nog als ik begin te lopen, het is 2°C onder nul, en het is bewolkt. Wel is er her en der een klein stukje blauw te zien aan de hemel. Als ik in Knokke over de boulevard loop, komt de zon tevoorschijn om even later volop te schijnen, het wordt een stralende winterdag met een strak blauwe lucht. Wel blijft het koud, met af en toe een snijdende wind, vooral ’s morgens. Ik zet mijn capuchon op om te voorkomen dat mijn oren van mijn hoofd vriezen.





















































































Ik heb nog een dag vrij en omdat het voorlopig de laatste keer is dat ik een hele dag kan wandelen voor mijn vakantie in december, ga ik naar Utrecht. De keuze is gevallen op het Romeinse Limespad. Het Limespad gaat langs de voormalige noordgrens van het Romeinse Rijk.
Zoals gewoonlijk neem ik de vroege trein van half 7 in Blerick. Tot Utrecht hoef ik niet over te stappen en kan de NS mijn aansluiting ook niet verprutsen. In Utrecht is het tijd voor koffie en dan nog een klein stukje naar Woerden.
In Woerden loop ik het station uit en na een kleine 100 meter loop ik al over een jaagpad langs de Oude Rijn. Een jaagpad, ook wel trekpad genoemd, werd gebruikt om schepen voort te trekken (jagen). Dat was nodig als de wind niet goed stond of om stroomopwaarts te komen. Meestal werd dit met paarden gedaan, maar soms ook middels menskracht. De komende 5,5 km loop ik langs dit jaagpad, lekker relaxt.
Daarna gaat het verder aan de andere kant van de Oude Rijn. Hoewel het veelal ook vlak langs het water gaat, is hier niet echt meer sprake van een jaagpad. Maar net zo goed een mooie stuk om te lopen. Ik loop pal langs de achtertuinen van de woningen die hier liggen.
Als ik Harmelen uitloop, gaat de route verder langs de Leidse Rijn, over fietspaden en smalle wegen die gelukkig niet al te druk zijn.
Uiteindelijk kom ik bij Castellum Hoge Woerd in De Meern uit, een moderne reconstructie van een Romeins fort. De route gaat hier dwars doorheen en ze hebben een café, dat komt goed uit. Tijd voor lunch, kroketten en bier.
Als ik verder loop, kom ik langs Brouwerij Maximus, daar heb ik net een biertje van gedronken in het Castellum café. Helaas zijn ze nog dicht, anders had ik er nog een gedronken bij de bron.
Het gaat verder door de sub-urbs en ik steek het Amsterdam-Rijnkanaal over en loop daarna weer een stukje langs de Leidse Rijn. En dan ben ik ook al bij Utrecht CS aangekomen, het eindpunt van mijn wandeling
Bij Gist werk ik deze blog uit, ik heb mijn laptop daar namelijk speciaal voor meegenomen.
Ze hebben 30 tapkranen met voor elk wat wils. Gelukkig hebben ze deze kranen voorzien van mooie bieren die je niet zo maar overal tegen komt. Het is een echte verademing om een taplijst te zien waarbij ik niet moet zoeken naar iets dat ik nog niet gehad heb, maar waar bijna alles nieuw is.
Het is overigens niet voor niets een taplokaal, er zijn geen bieren op fles of blik te krijgen. Wel kun je de bieren op tap bestellen als 15 cl of 25 cl (behoudens de pilseners en Weißens, die kun je ook als 0,5 l krijgen).
Het was prima wandelweer vandaag, droog en niet echt koud. Het eerste stuk, langs de Oude Rijn, was aangenaam. Langs de Leidse Rijn was het een stuk frisser, voornamelijk door de wind die vanaf de weilanden kwam.








































































































































