Datum: 20260811
Tijd: 13:45 – 17:35
Afstand: 13,3 km
Overnachting: House with garden, Ampuero
Wandeling
Vandaag ga ik nog een wandeling maken die ik uitgezocht had en waar ik ‘must’ bij geschreven had. Het is weer een wandeling uit een Rother wandelgids.
Ik wandel alleen, de rest gaat kanoën en Ada zet ik af bij het strand. Die haal ik na het wandelen weer op.
Parkeren is geen probleem, ik vind een plekje in Isla Playa en het blijkt precies op de route te zijn.
Het gaat via smalle paadjes land inwaarts, door Parque Natural de las Marismas de Santoña, Victoria y Joyel, what’s in a name. Ik loop dwars door het natuurgebied met diverse uitkijkjes.
Het Parque Natural de las Marismas de Santoña, Victoria y Joyel is het belangrijkste moerasgebied van Noord-Spanje en ligt deels direct naast Isla Playa. Rondom Isla bevindt zich met name de Marisma de Joyel, waar eb en vloed zorgen voor een unieke mix van zoet en zout water.
Ik loop over goed begaanbare paden en stille wegen, over de velden begeleiden de zwaluwen mij. Na verloop van tijd kom ik bij de kust, tijd voor een biertje.
Ik ga nu verder over het strand. Even verder, tussen de rotsen, staat het water te hoog en over de rotsen heen is geen optie. Geen probleem, via een kleine omweg over een camping zoek ik de route weer op. Helaas gaat dat via een pad dat niet meer bestaat, een grotere omweg dus. Ik ben deze vakantie niet onder de indruk van de Gaia GPS app. De helft van de paden die daarin aangegeven staan bestaan niet of zijn niet begaanbaar.
Ik kom bij een splitsing, links of rechts naar de route? Het wordt links want die lijkt eerder op de route te komen en dat lukt, door het bos.
Nu volgt een stuk kustroute zoals ik dat graag zie. Boven over de rotsen en op en neer. Eén stuk is bijzonder steil en daar wordt van te voren voor gewaarschuwd, Está usted entrando en el KM de la muerte. Mijn Spaans is goed genoeg om te begrijpen dat ik nu de kilometer des doods betreed.
Cabo Quejo is één van de uitzichtpunten langs de kust waar ik langs kom.
Uiteindelijk kom ik bij een camping uit. Daar heerst een strikte toegangscontrole, maar gelukkig kan ik er rond omheen lopen. Als ik daar mee klaar ben, kom ik bij het restaurant van de camping. Daar mag ik gelukkig wel naar binnen, tijd voor een cerveza.
Na deze laatste pauze loop ik door het dorp naar mijn auto en rij terug naar Playa de Ris om Ada op te pikken. Die zit al klaar en we rijden weer terug naar ons vakantiehuis.
Al met al een mooie en niet al te lange wandeling. Zeer welkom na de inspanning van gisteren.
Weer
Zon, zon, zon en nog eens zon. Wel stond er een lekker windje.
Songtekst van de dag
Ik ging naar de Playa vandaag, dus Vamos a la Playa van Righeira, een vrolijk liedje met een duistere tekst. Als je geen Spaans kent, laat het dan maar door AI vertalen.
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa,
la bomba estalló.
Las radiaciónes tuestan,
y matizan de azul.
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh
Vamos a la playa,
todos con sombrero.
El viento radiactivo,
despeina los cabellos. Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh
Vamos a la playa,
al fin el mar es limpio.
No más peces hediondos,
sino agua fluorescente.
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh oh oh
Vamos a la playa, oh oh











































































Hoewel ik Picos de Europa eigenlijk te ver weg vond, wilde Lise er per sé naar toe. Dan ga ik ook mee en iedereen gaat mee. We hebben een makkelijke hike bij Fuente Dé uitgezocht, met de kabelbaan omhoog en dan 14 kilometer rustig omlaag.
Helaas waren er geen tickets meer voor de kabelbaan en we besluiten om dan maar naar boven te lopen, zo’n beetje recht tegen de berg omhoog. We vragen aan de parkeerwachtster nog hoe we het beste naar boven kunnen lopen en zij geeft aan dat er een bewegwijzerde route is en die duurt 5,5 uur. Dat is waarschijnlijk de route die we naar beneden willen lopen. Er is ook een onofficiële, niet bewegwijzerde route, maar daar geeft ze geen informatie over, dat is onverantwoord…
We zien op Gaia hoe we omhoog moeten en beginnen gewoon. Het gaat vrij steil de berg op, soms via zig zag paadjes en soms gewoon recht omhoog. Als je vanaf beneden kijkt, denk je hoe kom ik daar in hemelsnaam omhoog en dan blijkt er altijd een pad te zijn. Het is wel zwaar en ik stop regelmatig om op adem te komen en mijn hartslag omlaag te krijgen. Stiekem vind de rest dat niet erg, kunnen zij ook rusten.
Uiteindelijk doen we er bijna 3 uur over om 2,5 kilometer af te leggen… en 770 hoogtemeters op dat stuk.
Wij zoeken onze route op en dat gaat niet helemaal vlekkeloos. Ik heb geen track om te volgen en daardoor oriënteer ik me eerst op de verkeerde route naar beneden. We lopen gewoon dwars tussen de rotsen door, er zijn hier overal paden. We komen langs enkele grotten en Gerben denkt zelfs dat onze route dwars door een grot gaat. We hebben het niet geprobeerd, dus of het waar is…
Uiteindelijk vinden we de route die we naar beneden willen nemen, een breed pad waar we relaxt omlaag lopen. We hebben hier geweldige uitzichten.
We zien onderweg schapen, koeien en ezels. De ezels zouden ook muildieren kunnen zijn geweest. Ze staan op een gegeven moment langs de weg, met een veulen erbij. En uiteraard zien we de nodige hagedissen, die schieten hier overal voor je voeten weg.
Als we terugkomen is helaas alles dicht, dus rijden we richting vakantiehuis en gaan onderweg bij een Mac iets eten. Helaas hebben ze hier in Spanje geen milkshakes, het lekkerste dat ze hebben bij de Mac.

















































Dat laatste is helaas geen succes. We hebben tickets nodig voor een tijdslot en die zijn tot september uitverkocht. Een beetje onbegrijpelijk want er is bijna niemand binnen. Blijkbaar reserveren bureaus uit Bilbao alle tickets, die zijn gratis, om een pakketreis aan te bieden. Als dan niet alles verkocht wordt, komen de tickets in principe weer beschikbaar, maar daar is niets van te merken.
In Guernica aangekomen, stappen Gerben, Lise, Sven en ik uit om te gaan wandelen. Sandy blijft zitten, die reist door naar Bilbao om Nacio op te halen, die komt vandaag met het vliegtuig naar Bilbao.
Honderden burgers verloren hun leven die dag. Het bombardement, een van de wreedste episodes van de burgeroorlog, inspireerde Picasso tot het maken van Guernica, een symbool tegen de gruwelen van de oorlog.
Het eerste stuk langs de ría de Mundaka (dat is de kortere naam), gaat kaarsrecht langs het kanaal. Het stuk is zo’n 4,5 kilometer lang, wel mooi, maar op een gegeven moment ook een beetje saai.
Daar waar de ría de Mundaka veranderd van een kanaal in een grotere rivier, nemen we een pauze, tijd voor appels die we meegenomen hebben.
We zien het spoor dan ook regelmatig en horen de treinen.
Nu volgt het zwaardere stuk van de wandeling. Tot nu toe was het allemaal vrij vlak. Nu gaat het echter omhoog en flink ook. We lopen de Arribieta (332m) en de Katillotxu (336m) op, ongeveer vanaf 0m. Dat is even flink afzien in de warmte. Boven aangekomen zitten we op het (plaatselijke) dak van de wereld en worden we verwelkomd door een mooie vlinder, een Koninginnepage, die zich vrij goed laat fotograferen.
Uiteraard hebben we hier ook de nodige mooie uitzichten op de ría de Mundaka die in de Golf van Biskaje uitmondt.



















































































Na het ontbijt rijden we naar Ramales de la Victoria, hier begint de wandeling die we uitgezocht hebben, La Dama Roja. Een parkeerplek is snel gevonden en we gaan aan onze wandeling beginnen.
We lopen een stukje door het dorp en dan gaat het meteen steil omhoog. De komende 4 kilometer blijven we flink stijgen. We komen langs een grot, Cueva Baranda, en maken een kleine detour om die te bekijken. Je kunt een stuk de grot in en de kids doen dat ook. Het gaat nog verder, maar dat is kleiner en donker…
Uiteraard gaan we naar de top. Hier hebben we rondom een fantastisch uitzicht, een mooie plek voor een pauze en lunch met de etenswaren en water dat we meegebracht hebben.
We zien regelmatig uitwerpselen liggen, waarschijnlijk van grote grazers. Een tijd later komen we ze tegen, ze hebben zich verzameld bij hun thuisbasis. Ze kunnen wel alle kanten op.
We hebben rondom mooie uitzichten, maar prominent is wel Pico San Vicente aanwezig.
En dan zijn we terug in de bewoonde wereld. In Ramales de la Victoria gaan we op het eerste beste terras zitten om iets te drinken.










































































Sandy dirigeert ons naar een parkeerplek en staat ons al op te wachten. We vinden precies één plek en dat is genoeg. We hebben geen idee of we daar mogen staan of dat we hier moeten betalen, maar niemand schijnt er problemen mee te hebben.
We lopen eerst van het surfkamp, de camping, naar het strand. Dat volgen we totdat we bij rotspartijen uitkomen. Daar klauteren we overheen en zoeken we waar het pad omhoog het bos in gaat. Na een bocht zien we twee mensen omlaag komen, dat is handig, weten we meteen waar we omhoog moeten. Dat is net voor het naaktstrand… Je moet er hier wel iets voor over hebben om je broek te laten zakken.
Als we weer helemaal afdalen, komen we op een heel lang strand. We zien San Vicente de la Barque liggen, maar we moeten eerst nog het lange strand en nog een flink stuk naar de brug voordat we daar zijn. Dat blijkt nog een heel eind verder te zijn dan gedacht.
Uiteindelijk komen we dan toch, via de lange Maza brug, in San Vicente de la Barquera. Hier vinden we vrij snel een plekje op het terras van een Italiaans restaurant, lunch met pasta en bier.
De route die we lopen begint eigenlijk hier in het dorp, vlak bij de brug. Na de pauze lopen we de brug weer over en na een klein stukje gaan we meer het binnenland in voor de terugweg. Helaas gaat dat al snel langs de weg. Die blijven we volgen tot het surfkamp waar we gestart zijn. An sich is het een mooie route door de heuvels en boven over langs de kust. Alleen jammer van de weg. Gelukkig is het geen drukke weg.
Zoals gezegd zijn we, nadat iedereen zich opgefrist / gedoucht had, naar El Rayo Verde gegaan. Daar zit je mooi op het hoogste punt in de omgeving met een food truck, een drank bar en een cocktail bar. De tafels en stoelen staan wel schots en scheef op de heuvel, maar het uitzicht is geweldig. Je kijkt helemaal naar San Vicente de la Barque. Ook kijk je uit op het parkeerterrein, of eigenlijk het stuk zeer ongelijk weiland op de berg. Hier worden allerlei capriolen met auto’s uitgehaald om te kunnen parkeren. Eén auto ging zowaar met één wiel een flink stuk van de grond. We dachten dat hij om ging vallen…





















































Onderweg zet ik de track op mijn TwoNav en zoek ik het een en ander op over bijensteken. Gisteren heeft een van mijn dames uit de witte kast me in mijn vinger gestoken en die is nu 2x zo dik als normaal. Het lijkt wel alsof ik bij iedere steek een sterkere reactie krijg en dat is geen goed teken, zeker niet voor een imker. Eerst maar eens zien hoe het verder met mijn vinger gaat vandaag. Het is mijn rechter ringvinger en de ring zit vrij strak. Die kreeg ik gisteren al niet meer af.
Ik loop langs de Vecht en moet even wachten omdat er een brug open is. Verderop, langs het water kom ik langs Fort Ossenmarkt, dat staat echter in de steigers. Als ik Weesp uitloop, loop ik verder langs het water. Ik zie daar helaas niet veel van omdat er allemaal woonboten liggen.
Uiteindelijk gaat de route het veld in. Ik loop nu tussen de weilanden, al dan niet met koeien. Het is vlak land hier. Ik zie veel vogels en de zwaluwen dansen op de wind. De route gaat tot nu toe alleen over asfalt en als ik de kans krijg, loop ik een laag dijkje op. Daar staat echter al snel een bordje “geen toegang”, dus toch maar weer het fietspad op.
Dat is maar goed ook, want daarna is er geen mogelijkheid meer om de sloot tussen dijk en fietspad over te steken en dijk draait af het natuurgebied in, het Naardermeer.
Na een tijdje draait de route dan toch het bos in en loop ik over een houtsnipperpad. Dat gaat even later over in een graspad over lage dijk door bosachtig gebied. Rechts ligt een groot water, het Groote Meer en later het Naardermeer. Ik vang hier echter alleen een enkele keer een glimp van op, ik loop net te ver van de oever en er staan veel bomen en struiken. Er zijn wel veel vlinders en libellen.
Het Naardermeer is een plassengebied met riet, hooiland en moerasbos. Het was het eerste gebied dat de Vereniging Natuurmonumenten aankocht om te beschermen, in 1906, en daarmee het eerste Nederlandse natuurreservaat, nu Natura 2000-gebied. Blijkbaar komt hier de purperreiger voor, maar die heb ik helaas niet gezien. Wel de normale zilverreiger, zwanen en ooievaars. In tegenstelling tot de meeste andere huidige wateren hier, die relatief recentelijk door turfwinning ontstaan zijn, ontstonden de eerste contouren van het Naardermeer al ongeveer 4000 jaar geleden doordat de Vecht geregeld buiten zijn oevers trad en daarbij grote stukken uit het veen sloeg. Oud spul dus hier.
Dan kom ik bij een bankje dat uitkijkt op het Groote Meer, tijd voor een kleine pauze voor een slok water. Hier heb ik eindelijk een mooi uitzicht over het water.
Ik kom bij een bezoekerscentrum van Natuurmonumenten uit en hier is horeca, verrassing! Tijd voor een biertje, een Gulpener blond. De Gulpener brouwerij is recentelijk overgenomen door Grolsch, in ieder geval beter dan door InBev, Heineken of Bavaria.
Op het terras zit je prima, maar er is een groot nadeel. Dit is ook een kinderboerderij en het stikt er van de vliegen. Dat is een stuk minder. Ik laat me de lunch net zo goed smaken en de bijbehorende Korenwolf ook.
Landgoed Bantam is vernoemd naar het huis met dezelfde naam dat hier in 1878 gebouwd is. De heuvelachtige tuin kreeg de bijnaam Klein Zwitserland, hmm, waar kennen we dat van?
Bij station Bussum-Zuid staat de oude water toren van Bussum, nu niet meer als zodanig in gebruik, die onderdeel uitmaakt van Nederlands duurzaamste kantoorgebouw (ten minste in 2010).
Bewolkt met af en toe zon. Niet te warm. Wind, vooral veel bij het Naardermeer. In de middag was er meer zon dan in de morgen. Eigenlijk prima wandelweer, in ieder geval niet zo heet als vorig weekend. Toen zou ik met Gerben en Frank 2 dagen gaan wandelen, maar dat hebben we maar niet gedaan…



































































Zoals gewoonlijk sta ik vroeg op om voor 6:30 bij de NS in te kunnen checken met mijn 1ste klas keuzedag. In de trein bereid ik mijn wandeling verder voor en maak ik een plannetje om uit te zoeken hoe ik in het vervolg met mijn tablet de wandelblog kan bijwerken. Die is minder zwaar dan mijn laptop en dat betekent minder gewicht op mijn rug.
Hier liggen allemaal woonboten, maar die liggen niet in het verlengde van de wal, maar haaks erop. Per twee hebben ze een eigen steiger om aan boord te komen.
De Prins Willem-Alexandersluis is een beetje een aparte sluis. Er word geen gebruik gemaakt van de reguliere dubbele sluisdeuren, maar van één grote deur die zijwaarts over een hydrovoet glijdt: een zeer dunne laag water.
Er wordt hier driftig gebouwd en in één van de gebouwen die al klaar zijn, is een koffiebar. De koffie is helaas niet heel erg goed, waterig en er zit niet eens een koekje of zo bij, jammer.
Ik kom uit bij het Amsterdam-Rijnkanaal en steek dat over via de Nesciobrug, een aparte brug die als het ware als een dubbele Y over het kanaal gaat en een van de langste fiets- en voetgangersbruggen van Nederland. Aan beide zijden splitsen het fiets- en voetpad waardoor er een Y ontstaat. Omdat de gemeente Diemen niet mee wilde werken, ligt de overspanning precies binnen de gemeentegrens van Amsterdam en is de brug een beetje krom.
Aan de andere kant van het Amsterdam-Rijnkanaal loop ik een heel stuk langs dit kanaal, links het kanaal en rechts Diemen, je weet wel die niet mee wilden werken… Er varen veel schepen in het kanaal, het is hier drukker dan op de Maas.
ik kom voorbij House of Bird van de Bird brouwerij. Het bier wordt eigenlijk ergens anders gebrouwen, Bird is een zogenaamde huurbrouwer. Ze huren brouwcapaciteit bij andere brouwerijen (Kees en Jopen) om hun bier te brouwen. Tijd voor een biertje! Nou ja, het was niet echt een surprise. Ik had al gezien dat de route hier voorbij kwam en me al verheugd op een lekker vogeltje.
De route gaat verder door het Diemerbos. Er is hier een heuse Birdroute. Nadat ik de Weespertrekvaart overgestoken ben, loop ik door de Bijlmerweide. Hier loop ik tegen een omleiding aan, de gemeente (Amsterdam) is hier flink bezig om de fiets en wandelroutes aan te passen en een groot strand te maken. Gelukkig is de omleiding goed aangegeven en zelfs in mijn GPX track verwerkt, geen probleem dus.
Nu volgt het laatste stuk van mijn etappe van vandaag. Rechts van mij vind ik Gein, de woonwijk, en uiteindelijk kom ik uit bij de Gein, het riviertje. Dat volg ik een heel stuk tot ik bij Driemond weer bij het Amsterdam-Rijnkanaal kom, dat steek ik weer over.
Bij Wispe ga ik lekker op het terras zitten, in de schaduw, en werk mijn verslag verder uit onder het genot van een paar prima biertjes.























































































































De wekker gaat f*cking vroeg en ik gebruik weer een keuzedag om de trein van half 7 in Blerick te nemen. Die brengt me naar Amsterdam Zuid. Onderweg nuttig ik mijn ontbijt, Liga en een bananendrankje dat ik in de voorraadkast gevonden heb. Ook bereid ik onderweg mijn wandeling verder voor door de GPX tracks te downloaden en op mijn TwoNav te zetten.
In Landsmeer begint mijn wandeling. Ik herken de omgeving van de bushalte, hier ben ik de vorige keer op de bus gestapt.
Uiteindelijk kom ik, net buiten Landsmeer, bij het Voetveer Landsmeer-Schouw. Niet helemaal de juiste benaming, er mogen ook fietsers mee en zelfs een enkele auto als ik het goed begrijp. Het pontje ligt aan de andere kant en ik moet me melden via een knop. Dat levert inderdaad het gewenste resultaat op en de veerman komt in beweging en even later het pontje ook. Het pontje gaat speciaal voor mij een keer op en neer, en dat voor 25 cent!
Ik loop langs het Noordhollandskanaal om in Watergang weer de natuur in te gaan. Ten minste dat dacht ik… Helaas is de route afgesloten op het punt waar het weer de natuur in gaat, broedseizoen. Dat is natuurlijk niet zo mooi (ik zal jullie mijn reactie op dat moment besparen). Dat hadden ze op de website van Wandelnet wel eens aan kunnen geven. Ik zoek en vind een alternatieve route. Een stuk terug, weer langs de provinciale weg en de Broekervaart over. Deze blijf ik daarna volgen totdat ik in Broek in Waterland kom. Deze route is ook helemaal niet verkeerd, een lekker rustige weg langs de vaart.
In de Broekervaart liggen hier veel woonboten aan de andere kant dan de weg die ik volg. Aangezien die geen weg hebben door de weilanden, hebben ze bijna allemaal een trekpontje om de vaart over te steken. In Broek in Waterland eindigt etappe 5 en is het tijd voor lunch. Het is even voor 12.
Na een tijdje kom ik in Zuiderwoude, hier is veel fietsverkeer. Gelukkig sla ik af in een richting die erg rustig is. Als ik bij de Poppendammergouw aankom, staat duidelijk aangegeven dat er een omleiding is. Die volg ik, door de Volgermeerpolder. Ik schat dat de omleiding me 2 kilometer extra kost, maar dat is niet erg, het is een erg mooie route. Na een hele tijd kom ik weer terug op de route. Ik heb nog 5-6 kilometer te gaan.
Ik zie van ver al de markante, stompe kerktoren van Ransdorp. Hier ben ik al eens eerder doorheen gelopen. De kerktoren is zo stomp omdat men geen geld meer had om de torenspits erop te bouwen. De Duitsers maakten daar in de 2de wereldoorlog gebruik van door de toren als uitkijkpost te gebruiken.
Nadat ik nog even een kijkje genomen heb op het kerkhof van Ransdorp, meer dan een kijkje is ook niet mogelijk, begin ik aan het laatste stuk van mijn wandeling. Ik loop richting Durgerdam, ook al zo’n lang smal dorp van één straat. Nadat ik door die straat gelopen ben, loop ik verder over de dijk langs het Buiten-IJ totdat ook deze etappe klaar is. Wel een beetje een anticlimax, er is hier op het einde van etappe 6 helemaal niets, alleen een stuk dijk, water en een weg erlangs.






































































































Vrijdag en het wordt vandaag lekker weer. Ik wil gaan wandelen, maar heb geen zin om veel met het OV te doen of vroeg op te staan. Ik besluit om van thuis uit naar de Hertog Jan brouwerij in Arcen te lopen, dat moet goed te doen zijn, ik schat zo’n 26 kilometer. Geen vaste route, ik volg gewoon de Maas zoveel mogelijk.
Ik vertrek even voor 10 uur thuis en neem een Liga als ontbijt mee. Ik loop door het dorp en maak foto’s van plekken waar ik dagelijks aan voorbij kom, de
Bij de Berckt, langs het golfterrein, zijn ze aan het snoeien. Ik zie Rico nog die takken aan het versjouwen is met een grote tractor. Op het zandpad dat parallel aan de Napoleonsbaan loopt, zie ik ineens een ‘Google’ auto in het bos. Geen idee of de auto echt van Google was, maar er stond een stellage op om de omgeving te filmen.
Normaliter zou ik waarschijnlijk vlak langs de Maas gelopen hebben, maar daar zijn ze nog steeds bezig met de vervanging van de riool persleiding. Er loopt van Baarlo naar Blerick een tijdelijke leiding boven de grond. In Blerick zijn ze die tijdelijke persleiding al weer aan het opruimen.
Ik kom langs één van mijn (voormalige) klanten, RIH Cové, de fietsenfabriek. Ook loop ik even later bij Vostermans voorbij en dan gaat de telefoon, Mike: “Hey Rob, liep jij nu net bij Vostermans voorbij?”, Rob: “Yep, ik ben onderweg naar de Hertog Jan brouwerij.”, Mike: “Ik zit op kantoor en zag je voorbij komen.”. En zo zie je maar, ik wordt overal gezien en herkend.
Zodra ik de autosnelweg onderdoor ben, is het industrieterrein afgelopen en loop ik weer in een bosachtige omgeving, wel over de weg / fietspad. Maar even later laat ik het asfalt achter me als ik het Nico Brabers Pad in loop, langs het spoor en door het Sint Jan Sleutelbergbos. Ik slinger door dit bos totdat ik in de bebouwde kom van Grubbenvorst uit kom. Hier ga ik Beej Toën op het terras zitten voor een biertje. Het duurt wel lang voordat er iemand komt, ik was bijna weer weggegaan. Maar uiteindelijk zien ze me toch zitten, ik ben de enige die buiten op het terras zit, en kan ik een Korenwolf bestellen.
Na deze welverdiende pauze, gaat het verder. Eerst langs de kerk en over de plaatselijke dooieakker en dan richting veer. Net voor het veer sla ik linksaf en loop vlak langs de Maas over een graspad.
In Broekhuizen kan ik meteen het veer op, dat komt mooi uit.
Bij de Hertog Jan Proeverij ga ik op het terras zitten voor een paar biertjes en om dit verslag uit te werken.
































































































Op het station van Blerick liggen 2 zwervers? Polen? te slapen. Tja, ze liggen droog en in een slaapzak, moet kunnen.
Als ik in Emmen aangekomen ben, begin ik aan mijn wandeling. Ook hier is het heel glad en ik zoek de beste plek om te lopen uit. Vaak is dat op straat in plaats van op de stoep, meestal probeer ik over gras te lopen. Als ik in het centrum van Emmen kom, is er markt. Hier is het minder glad omdat er veel mensen gelopen hebben en op diverse plekken hebben ze gestrooid.
Ik volg de rood / geel markering, het Drenthepad is een streekpad en geen lange afstandswandeling.
Uiteindelijk kom ik in Sleen. Dat is mooi want hier is het tijd voor lunch. Ik vind een lunchroom die open is, Lunchroom ’t Veurhuus, en hier neem ik kroketten met brood en een tweetal Maallust bieren die ik nog niet gehad heb. De eerste daarvan is mijn 8000ste check-in!
Maar niet helemaal en als ik over een breed zandpad loop, kom ik langs een beek die overgelopen is. Er is een stuw en aan één kant is er niets aan de hand, waterniveau geregeld, terwijl aan de andere kant het hele weiland onder water staat. Je kunt wel mooi zien hoe de beek normaliter meandert.
Als ik Oosterhesselen uitloop, kom ik langs de plaatselijke dooieakker. Hier loop ik een rondje overheen. Er staan diverse oude grafstenen.
Verder was het vandaag prima wandelweer, ’s Morgens was het voornamelijk bewolkt, maar na de lunch was het zonnig, maar wel op een heiige manier. Het was wel erg koud, maar daar was ik op gekleed, alhoewel meer dan een half uur op de bus wachten in de kou toch niet zo leuk is.




































































